Kunst traint ons in doen alsof

Oktober 2010: studenten van het Haags conservatorium protesteren tegen de voorgenomen bezuinigingen op kunst en cultuur. © anp Beeld
Oktober 2010: studenten van het Haags conservatorium protesteren tegen de voorgenomen bezuinigingen op kunst en cultuur. © anp

Wie kunst uitsluitend als een 'linkse hobby' beschouwt, denkt fundamentalistisch, zegt Josef Früchtl, hoogleraar filosofie van kunst en cultuur. Een herwaardering van cultuurrelativisme kan ons volgens hem bevrijden van barbarij.

Het intellectuele klimaat in Nederland, waar universiteiten de ene op de andere bezuiniging krijgen te verduren, moet af en toe maar schraal voelen voor Josef Früchtl. De geboren Duitser studeerde in de jaren zeventig filosofie in Frankfurt en Parijs. Daarna werkte hij aan universiteiten in Italië en Duitsland. In Frankfurt werkte hij als directe collega samen met beroemde filosofen als Jürgen Habermas en Richard Rorty. "Een uitzonderlijke en zeer stimulerende omgeving, een vrijplaats voor filosofische discussie en vriendschap, ongeveer zoals Socrates het voor ogen moet hebben gehad", zegt hij.
In 1995 werd Früchtl professor in Münster en daarna in Amsterdam, waar hij sinds 2007 voorzitter is van de afdeling wijsbegeerte van de Universiteit van Amsterdam.

De hoogleraar filosofie van kunst en cultuur vindt het uitermate zorgelijk dat zowel het hoger onderwijs als de kunst- en cultuursector het moeten ontgelden. "Het harde saneringsbeleid van dit kabinet is heel kortzichtig. We snijden ons in het eigen vlees, want op dit terrein gaat het niet om hobby's, maar om een essentieel element van ons samenleven."

Wat is er dan zo essentieel aan kunst en cultuur?

"Het terrein van de kunst is het enige domein dat vrijgesteld is van allerlei ge- en verboden die in andere sociale dimensies van kracht zijn. Bijvoorbeeld het recht om zich totaal vrij te uiten, of om morele grenzen op te zoeken. Als we de esthetische cultuur verwaarlozen of zelfs vernietigen, verliezen we het domein waarin we sociaal relevante oefeningen kunnen doen in het leven op basis van 'alsof'."

Alsof wat?

"Alsof je eigen overtuigingen absoluut geldig zijn."

Dat lijkt me juist niet gunstig voor een samenleving.


"We moeten het ook niet echt gaan geloven. Beschaving is een woord voor leven op basis van 'alsof': hoewel je weet dat je eigen overtuigingen uitsluitend logisch of verstandig zijn tegen de achtergrond van je eigen geschiedenis en cultuur, kunnen ze gevoelsmatig de relevantie hebben van absolute geldigheid.
"Onze maatschappij is gebouwd op 'contingentie', dat wil zeggen: alles kan ook anders zijn. Onze normen kunnen we niet meer rechtvaardigen door te verwijzen naar muurvaste wetten of eeuwige principes. We moeten onze normen eigenhandig creëren, uit onszelf, uit onze publieke discussies.

"Die normen kunnen we vervolgens moeilijk op een fundamentalistische wijze gaan verdedigen. En toch kan dit nodig zijn. De Oostenrijks-Amerikaanse econoom Joseph Schumpeter zei: 'Het inzicht dat de eigen overtuigingen maar relatief geldig zijn, en niettemin onverschrokken voor die overtuigingen instaan, onderscheidt de beschaafde mens van de barbaar'."

Een beschaafd mens is een cultuurrelativist die stiekem toch heilig gelooft in zijn eigen gelijk?

"Niet stiekem. Ook als cultuurrelativist heb je overtuigingen die wat jou betreft absoluut geldig zijn. Je weet dat normen en waarden - ook je eigen normen en waarden - niet uit de lucht komen vallen, dat er geen transcendente autoriteit (God of de natuur) is die legitimiteit geeft aan die normen en waarden, maar dat ze het resultaat zijn van een lange geschiedenis. Een geschiedenis vol geweld en strijd. Je weet dus dat die waarden ook anders hadden kunnen zijn. En dat er in andere culturen andere waarden bestaan, die voor de mensen in die culturen net zo overtuigend zijn. En toch kan je zo van de jouwe overtuigd zijn, dat je zelfs je leven ervoor zou kunnen opofferen."

Ik zie een cultuurrelativist niet gauw zijn leven opofferen, voor welke waarde dan ook.

"Dat hoeft gelukkig ook niet. Ik wil alleen maar uitleggen hoe sterk de paradox is waarmee wij moeten leven. Dat was twee eeuwen geleden, vóór de Franse revolutie, niet zo. Toen waren koning en kerk nog de plaatsvervangers van God op aarde. Wat deze autoriteiten zeiden, had absolute geldigheid. Dat zien wij nu in overgrote meerderheid niet meer zo. Maar dat wil niet zeggen dat we nergens in geloven. We hebben, zoals Max Weber zei, vele goden en we weten dat we ze zelf hebben gemaakt."

We houden onszelf voor de gek?

"Zoiets. Dat is de paradox: je gelooft in iets dat je zelf hebt geschapen. Hoewel je weet dat het niet eenvoudigweg gegeven is, dat het niet natuur maar cultuur betreft, kan en moet je erin geloven.

"Psychologisch lijkt dit een vorm van schizofrenie. Dit verklaart waarom het voor ons moderne mensen zo moeilijk is om tolerant te blijven. Want deze vorm van leven herbergt een extreme spanning in zich. En het verklaart waarom populisme en nationalisme steeds weer de kop op steken. Die bieden namelijk een makkelijke manier om aan die spanning te ontkomen. Populisten maken de wereld weer simpel en overzichtelijk."

Populisten en nationalisten hechten toch juist enorm aan cultuur - hun eigen cultuur wel te verstaan.

"Klopt. Maar wie het tegenwoordig over 'cultuur' heeft, moet constateren dat er een enorme verwijding van de betekenis van dit begrip heeft plaatsgevonden. Het betekent niet meer alleen 'het ware, goede, schone', maar alles wat door mensen is gemaakt: een vorm van leven.
"Het begrip 'cultuur' stond vroeger tegenover 'wreedheid' of 'barbarij'. Maar nu niet meer. In plaats daarvan komt de oppositie tussen 'cultuur' en 'beschaving' terug."

Omdat politici tegenwoordig weer spreken van 'achterlijke culturen'?

"Bijvoorbeeld, ja. De Engelse literatuurtheoreticus Terry Eagleton schrijft dat het begrip 'beschaving' staat voor waarden als universalisme, autonomie, individualisme, rationaliteit, ook twijfel aan zichzelf en ironie. Het begrip 'cultuur' staat voor het tegendeel van die waarden. Het staat voor gevoelens van toebehoren. En onder extreme omstandigheden zijn mensen tegenwoordig bereid om voor dit sentiment te moorden. 'Culturalisme' is nu dus een soort traditionalisme: je doet wat je doet omdat je het binnen de eigen gemeenschap altijd zo doet. Ironisch genoeg heeft de zogeheten 'cultural turn' in de geesteswetenschappen meegeholpen aan deze ontwikkeling. Het begon met cultuurrelativisme, maar het eindigt met een publiek domein waarin alles draait om cultuur, levensvormen en symbolen - denk maar aan de debatten over hoofddoekjes en boerka's."

Het cultuurrelativisme was zo gek nog niet, maar het heeft verloren?


"De beschaafde mens is in staat om de extreme spanning van het moderne leven te doorstaan, de barbaar - of beter: de onbeschaafde mens - niet. Hij denkt dat alles goed en harmonisch wordt als je maar een fundament hebt waar je niet aan kunt twijfelen. Populisme is, zo bezien, een vorm van barbarisme. En dit laat opnieuw zien dat we zelf barbaars zijn. Het barbaarse element zit in ons."

Maar met kunst valt het te bestrijden?

"Het was de Duitse dichter Friedrich Schiller die dit in zijn 'Brieven over de esthetische opvoeding' heeft uitgelegd. Zoals veel dichters en denkers van zijn tijd was hij ervan overtuigd dat we kunst nodig hebben, om met de spanningen van een moderne maatschappij goed te kunnen leven. Want doordat we twisten over wat er mooi en niet mooi is, leren we dat ernst en spel elkaar niet uitsluiten. En we leren dat iets van gemeenschappelijk belang kan zijn, ook als we het er inhoudelijk niet over eens zijn en waarschijnlijk nooit zullen worden."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden