'Kunst heb ik gewoon graag om me heen'

In 1962 ruimde de Groningse herenboer Albert Waalkens zijn koeienstal uit en hing er kunst aan de muren. Sindsdien exposeren avant-gardekunstenaars hun werk in zijn galerie. Op 1 december ontvangt de tachtigjarige galeriehouder de Benno Premselaprijs voor zijn verdiensten in de kunstwereld. Hij maakte van Finsterwolde een 'trekpleister voor de jonge avant-garde', aldus het juryrapport.

,,Het was misschien wat ongewoon, een boerenzoon die zich ging interesseren voor kunst. Maar ik had nu eenmaal die belangstelling. Toen ik in de stad Groningen ging studeren, kreeg ik een vriend wiens broer dichter was. We bezochten hem wel eens in cafés waar meer kunstenaars zaten. Zo kwam ik met hen in contact en raakte met enkelen bevriend. Ik vond ze wel aardig en wat ze maakten vond ik wel mooi.''

In december ontvangt Albert Waalkens de Benno Premselaprijs. Hij ontvangt de prijs voor de stimulerende rol die hij vanaf de jaren zestig in de kunstwereld heeft gespeeld. Waalkens maakte van Finsterwolde 'een trekpleister voor de jonge avant-garde', aldus het juryrapport. Of Finsterwolde daarop zat te wachten? Waalkens vermoedt van niet. ,,Met exposities hoef je niet te rekenen op mensen uit het dorp. Ja, de dokter en de notaris. Maar verder, niemand.''

De kleine grijze man zit achter de tafel in zijn huis annex galerie in Finsterwolde. In 1920 werd hij in dit dorp geboren. Hij groeide er op in een welgesteld boerengezin. In 1944 overleed zijn vader en nam hij het bedrijf over.

,,In 1936 ging ik naar de stad om te studeren aan de Rijkslandbouw-winterschool. Daar maakte ik voor het eerst echt kennis met kunst. Ik ontmoette er ook Siep van den Berg met wie ik goed bevriend raakte. Toen ik na twee jaar weer terugging naar Finsterwolde, kwam hij mij hier regelmatig opzoeken. Toen het hem privé wat slechter ging, trok hij bij ons in.''

Met de komst van Siep van den Berg veranderde ook Waalkens' leven. Terwijl Van den Berg aan metalen plastieken werkte zat Waalkens erbij en spraken ze over hun beider liefde, kunst. ,,Siep zat hier al een poos'', zegt de oud-akkerbouwer over de periode begin jaren zestig, ,,toen Frederika, mijn toenmalige vrouw, en hij het idee opperden voor een expositie. De mensen moesten nu maar eens zien wat hij al die tijd had gedaan.''

De koeienstal werd ontruimd en de uitnodigingen geschreven. De zaden voor de mythevorming rond die eigenzinnige boer in het noordoosten van Groningen werden gezaaid. Er waren tentoonstellingen van Karl Iljitsj Pelgrom (Waalkens' 'rode' vriend); de zaak-Vierhoog Groningen ('pornografische' werken van Harri Huysman die door justitie in beslag werden genomen op een door Waalkens samengestelde expositie); zijn weigering van de culturele prijs van Groningen (1967) als gevolg hiervan; openingen door Gerard Reve, W.F. Hermans.

Na al die jaren is de naam Waalkens tot mythologische proporties gegroeid in de kunstwereld. ,,Ik heb altijd gezegd dat er mensen naast mij stonden, maar het bleef altijd dat boertje met dat pofbroekje en die baard.''

De kunststal is inmiddels vervangen door een galerie, ingepast in de door Gunnar Daan ontworpen villa van hout, steen en glas. Hier in het land van Oldambt, in het weidse landschap waar de grove elementen regeren, voelt Waalkens zich op zijn gemak.

Na het stuklopen van zijn eerste huwelijk kwam Waalkens in 1976 in contact met de geboren Friezin Corrie de Boer. Hun kennismaking kwam, niet geheel verrassend, via de kunstwereld tot stand. Zoals de haartjes op zijn arm bij het zien van goede kunst overeind gaan staan, zo kwamen ze ook overeind bij het zien van Corrie's werk. ,,Op een expositie zag ik haar tekeningen en dacht: dat moet ook in Finsterwolde komen te hangen. Zo kwamen we met elkaar in contact.'' Corrie exposeerde haar werk en besloot zelf ook maar te blijven.

In de tuin heeft Corrie haar eigen atelier waar ze tekent, of beter: waar ze zou willen tekenen. ,,Het is hier prachtig, maar rust vind ik hier niet'', zegt Corrie in de donkere ruimte met muren van leem. Behalve in haar atelier, woont en werkt ze ook in haar huis in Amsterdam. ,,Hier ben ik altijd bezig dingetjes te regelen voor de galerie. Er is altijd de kans op bezoek, al die mensen, ik word er soms moe van.''

Witte lege vellen papier liggen op een grote tafel. Daarop eikeltjes als stille getuigen van de ingetreden herfst.

,,Voor Albert ligt het anders'', zegt Corrie als we terug in het huis zijn. ,,Albert is eigenlijk altijd de rijke herenboer gebleven. Kunst behaagt hem, hij is de gretige ontvanger.'' Waalkens reageert: ,,Ik heb nooit de behoefte gehad kunst te maken. Ik schiep de voorwaarden.''

Waalkens hield zich altijd met kunst bezig naast het boerenbedrijf. Het is altijd zijn passie gebleven, nooit zijn broodwinning. Als de oogst (tarwe, gerst, haver, karwijzaad, blauwmaanzaad) binnen was en het werk in de maanden april tot oktober was voltooid, had hij de tijd. ,,Sinds ik de boerenpet in 1982 aan mijn zoon heb doorgegeven, is elke dag een beetje zondag.'' Corrie neemt haar man deze passieve houding kwalijk.

Corrie: ,,Kunstenaarschap bestaat uit lijden en in zekere zin wordt het zware werk jou in de galerie ook uit handen genomen. Of het was Siep, of Karl Pelgrom, of je vorige vrouw. Jij bleef altijd de gretige ontvanger.''

,,We kozen altijd samen'', reageert Albert. ,,Als de kunstwerken mij niet bevielen, kwam het er niet in.''

,,Goed, maar die herenboerhouding ben je nooit kwijtgeraakt. Je wilt vermaakt worden en kiest kunst op basis van kippenvel op je armen. Da's niet genoeg. Je zult nooit begrijpen wat een kunstenaar echt voelt.''

,,Ik weet wat ik goed vind.''

,,Da's te makkelijk.''

Een galerie houden is volgens Corrie meer dan een zaal inrichten met kunstwerken. Kunst is een onderdeel van iets groters, zegt ze, het is een gevoel. ,,Het is niet af met wat schilderijen. Het geheel moet kloppen. De stoelen, de drankjes, zelfs de soep moet aan het gevoel bijdragen. Daardoor is de galerie geworden tot wat die nu is.''

,,Ik realiseer me dat de mensen om mij heen een grote rol in de ontwikkeling van de galerie hebben gespeeld'', zegt Waalkens. ,,Dat mag niet onderbelicht raken, maar het was wel alsof ik de juiste mensen aantrok. Ik heb met de galerie nooit een missiepost voor kunst willen opzetten. Ik heb het gewoon graag om me heen, zo eenvoudig is het.''

,,Ik heb er niet voor doorgeleerd en er zijn vast mensen die er veel meer van weten dan ik. Ik hou van kunst. De ambitie om zelf kunst te maken heb ik nooit gehad. Ik ben gewoon een boer die zich interesseert voor kunst. Dat is het.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden