Kroes baalt als een stekker dat de tocht niet is doorgegaan

Achteraf bekeken had de Elfstedentocht toch gehouden kunnen worden. Vrijdag 9 februari zou de ideale dag zijn geweest. Maar 4 februari, de dag dat de tocht definitief werd afgeblazen, was dat niet te voorzien. Op de eerste lentedag een terugblik op een hectische winter. Voor de tv-opnames hield Venema een wak achter zijn huis open

Venema en Kroes proberen op het moment de schade van deze winter in te halen, Kroes als directeur van 'It Fryske Gea', de Friese milieubeschermingsorganisatie en Piet Venema als directeur gemeentewerken van Wûnseradiel. Beide functies waren moeilijk te combineren met het vrijwilligerswerk voor de Vereniging de Friesche elf steden. Venema: “Mensen vragen me hoe ik de winter 'verwerkt' heb. Verwerking is overdreven, maar het was toch een hele emotionele tijd. Ik heb me op het werk gegooid, want het dreigende kruiend ijs bij Makkum viel onder mijn verantwoordelijkheid. Ik mocht natuurlijk de mensen daar niet de dupe laten worden van mijn fascinatie voor een Elfstedentocht. Maar het draaide inderdaad weer om ijs.”

Ook Kroes heeft nu wel vrede met de gebeurtenissen deze winter. “Ik baal nog steeds als een stekker dat we de tocht niet hebben georganiseerd. Ik blijf wel achter onze beslissing staan. Het is nu de tijd van evalueren en mijn archief bijwerken. Alle kranten moeten nog geknipt en geordend worden. Dat is de echte napret.”

De hectische tijden begonnen meteen in het nieuwe jaar. Echt iets aan de hand was er na een paar dagen stevige vorst niet, maar toch begon de koorts al toe te slaan. Niet alleen de regionale media, ook landelijke kranten, radio en televisie waren al bij die eerste ingelaste vergadering in januari aanwezig.

Het ijs werd vanaf die tijd goed in de gaten gehouden. Wat de Vereniging eigenlijk het meest parten speelde, was een harde oostenwind die vooral in de Zuidwesthoek van Friesland voor grote windwakken zorgde. In Balk had men daar wat op gevonden. Op een minder belangrijk stuk werden dikke blokken ijs uitgezaagd en aan het einde van de avond, onder toezien van maar liefst zeven cameraploegen, door duikers keurig naast elkaar gelegd in een wak in de route. Toch wilde Henk Kroes niet al te veel experimenten op het ijs loslaten. Echt kunstmatige manieren om het ijs dicht te krijgen zijn voor hem uit den boze. De aangeboden sneeuwkanonnen uit de wintersportgebieden hoefden voor hem dan ook niet. “Een Elfstedentocht blijft een traditioneel gebeuren en de tocht moet niet een kunstmatig karakter krijgen. Dat lijkt mij niets.”

Met het groeien van het ijs liep ook de spanning bij de media op. Men wilde alleen maar horen wanneer 'hij' dan komt. Tijdens de laatste, beslissende rayonvergadering werd de pers op zondagmiddag 4 februari bij elkaar geroepen. Venema en Kroes hadden zaterdag een groot stuk van de route in de Zuidwesthoek van Friesland gereden en waren optimistisch. Zondagochtend werd er vergaderd met het bestuur; 's middags was er tijd ingeruimd voor de rayonhoofden. Al snel bleek dat een aantal rayonhoofden het nog niet aandurfde. Venema en Kroes waren te optimistisch geweest. De persruimte was afgeladen. Bij de NOS werd de beslissende tien-kilometerrace tussen Postma en Ritsma tijdens het wereldkampioenschap zelfs onderbroken om de teleurstellende woorden van Kroes rechtstreeks uit te zenden.

De volgende dagen was het druilerig weer, maar dinsdagnacht begon het opeens stevig te vriezen. Achteraf blijkt dat de tocht op vrijdag negen februari gereden had kunnen worden. Honderden schaatsenrijders stapten die dag met prachtig weer en goed ijs op hun schaatsen. Bij de Vereniging kwamen de hele dag woedende reacties binnen. “Ik heb die dag vreselijk gebaald. Toen had het gekund, maar achteraf praten is altijd gemakkelijk”, zegt Kroes. Piet Venema tekende in zijn dagboek het volgende op: “Een trieste dag en ik heb maar een stukje op mijn schaatsen gestaan”. In het weekend ging het dooien en was de kans op een Elfstedentocht in 1996 verkeken.

Kroes heeft deze winter wel ervaren als een tijd dat de media veel aan hem trokken. “Ik zit al vanaf 1970 in het bestuur van de Friesche elf steden. Die verandering in belangstelling voor de Elfstedentocht gaat altijd schoksgewijs. In 1986 was de mediabelangstelling al groot, maar wat we nu hebben meegemaakt was overweldigend. De onderlinge concurrentie tussen de tv-omroepen was veel groter. In 1986 was er eigenlijk alleen de NOS. Bij de kranten en de radio was die concurrentie er al.”

De ogen van ijsmeester Piet Venema beginnen weer te glimmen wanneer hij aan het mediageweld terugdenkt. In zijn dagboekje heeft hij precies bijgehouden wie er gebeld heeft en van welke krant, radio- of televisieprogramma de journalisten waren. “Je moet toch een beetje weten wie iedereen is. Na een paar dagen begon ik de mensen wel te kennen.”

Op topdagen heeft hij gemiddeld een kleine dertig telefoontjes en interviews genoteerd. Speciaal voor de televisie-opnamen hield Venema een wak achter zijn huis open om daar de interviews te houden. “Wat ons heeft dwarsgezeten bij deze Elfstedentocht, waren de windwakken. Natuurlijk kon ik niet iedere keer een windwak opzoeken. Daarom maar een wak bij mij in de buurt. Ik heb pas na die tijd gezegd dat ik dat wak speciaal openhield. Toen het er echt naar uitzag dat de tocht door zou gaan, heb ik het dicht laten vriezen”, geeft de lachende ijsmeester toe.

Toch waren er wel eens tijden dat de beide mannen genoeg hadden van de media. Hoogtepunt was een vrijdagavond. Een beslissende rayonhoofdenvergadering lag voor de komende dagen wel in de planning, maar was nog niet afgekondigd. Journaalverslaggever Harmen Roeland was echter door een paar pesterige collega's op het verkeerde been gezet en meldde in het NOS-journaal dat de rayonhoofden 's avonds laat bij elkaar zouden komen. Kroes en Venema werden vervolgens overspoeld door telefoontjes. “Heel vervelend, want ik zat eindelijk een keer op mijn werk, maar dat lukte toen niet al te best meer. Zo krijg je dus werk van werk”, meldt Henk Kroes.

Venema, die de zaken soms net wat zonniger voorstelde en daarom veel aandacht kreeg van hoopvolle journalisten, is zelfs belegerd. “Op een gegeven moment dacht men dat wij in het geheim bij elkaar zouden komen. Een journalist heeft een hele tijd op wacht gelegen bij mijn huis. Ik ben via de achterdeur weggeglipt over het ijs. Echt vervelend vond ik het niet, alleen snapte ik niet waarom journalisten ons niet meer geloofden. We hebben nog nooit geprobeerd iets te verdoezelen. Van de persoon in kwestie heb ik later wel een grote bos bloemen gekregen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden