kritieken / Het Nationale Ballet staat in het teken van afscheid

Holland Festival

Het Nationale Ballet met werk van Nicolo Fonte, William Forsythe en Mark Morris. Gezien 16/6 Muziektheater Amsterdam. Nog te zien op 18/6, 20/6, 21/6 en 24/6. www.hetballet.nl.

Het programma van Het Nationale Ballet (HNB) in het kader van het Holland Festival heeft iets treurigs: van de tien eerste solisten die het gezelschap rijk is, beëindigen er in deze periode drie hun danscarrière. Altin Kaftira en Boris de Leeuw dansen later deze week een laatste voorstelling, Anna Seidl danste voor het laatst in Rudi van Dantzigs ’Vier Letzte Lieder’ tijdens een tournee in Engeland. Om ook het Nederlandse publiek in staat te stellen afscheid van de ballerina te nemen, werd zij met een videocompilatie van haar mooiste rollen tijdens de première van het Forsythe/Morris/Fonte-programma in het zonnetje gezet.

Twintig jaar danste Seidl bij HNB de sterren van de hemel en met haar heldere, scherpe lijnen was deze ’intelligente vakvrouw’ (typering van artistiek leider Ted Brandsen) een opvallend fraaie vertolkster van George Balanchine’s balletten.

Dat bleek onbedoeld een perfect bruggetje naar de rest van de avond, waarin ’Amerikaanse’ choreografen zich aan de neo-klassieke dansvernieuwer Balanchine schatplichtig toonden. Drie dansmakers die met behulp van de zeggingskracht van het klassieke idioom ieder een eigen invulling aan het dansvak geven en zoals de maestro werken met glasheldere of juist complex ’geripte’ structuren.

Nieuwkomer Nicolo Fonte maakte in 2004 voor het Koninklijk Ballet van Vlaanderen zijn versie van het Stravinsky-Balanchine-ballet ’Violin Concerto’. Met Stravinsky’s partituur als stringente leidraad, bewees Fonte zich door het gebruik van heldere compositorische lijnen – à la Balanchine – een ware ’temmer’ van ruimte. Zoveel indruk maakt zijn ietwat overgeconstrueerde ’(in) verse form’ maar ten dele. Fonte splitst het speelvlak met een gordijn van draden in tweeën en schept daarmee een ’twilight’ koel-grijze wereld van het concrete ’voor’ en een schimmig ’achter’.

Waar Fonte’s onderzoek naar vorm en ruimte gaandeweg te veel afstand schept, laat William Forsythe’s weergaloze gedeconstrueerde balletexercitie ’Steptext’ (1985 voor Aterballetto) de toeschouwer van begin tot eind ademloos. Igone de Jongh als de ballerina en haar drie ’danseurs’ (onder wie de vertrekkende Boris de Leeuw) rekken het begrip ballet in steeds wisselend bezette duetten genoegzaam bevredigend op, zoals balletdiva Sylvie Guillem de vrouwelijke rol ooit beschreef: „Gevaarlijk dicht tegen het onmogelijke”.

Na deze ’hardcore’ balletervaring vonden enkele bezoekers het speelse ’Sandpaper Ballet’ van Mark Morris misschien iets té schurend frivool, getuige de ’boe’s’ na afloop. Morris’ maakte dit kitscherige tongue-in-cheek ’snoepje’ in 1999 voor het San Francisco Ballet op tien lekkere songs van Hollywood-componist Leroy Anderson (’Sleigh Ride’, ’The Typewriter’). De groene kostuums met schapenwolkjes (ontwerp: Isaac Mizrahi) zouden het kek doen in een Teletubbielandschap. Heerlijk hoe dat Morris’ streng-ruimtelijke perfectie relativeert, verscholen achter alle choreografische maar niet altijd even grappige kwinkslagen. De HNB-dansers gaan na aanvankelijke onwennig- en slordigheden uiteindelijk los in die typische Morris-schwung, laverend tussen balleteske genie en wulpse gekkigheid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden