Kosten en baten

„En daar is-ie: de komkommertijdprovocatie van de PVV”, zo kenmerkt Vrij Nederland het recente verzoek van PVV-kamerlid Sietse Fritsma aan het kabinet om een overzicht van de kosten en baten van de niet-westerse allochtonen in Nederland. ’Traditionele zomerstunt’ of niet, het heeft de gemoederen in de media en de politiek de afgelopen week behoorlijk in beweging gebracht.

„Je berekent toch ook niet de kosten van Limburgers of Friezen?” zegt socioloog Carlo van Praag in VN. Van Praag was een van de eersten die zich over het onderwerp moest buigen. Móest, want in 1988 was hij verbonden aan het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP), dat van de toenmalige minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur Brinkman, opdracht kreeg tot een beknopte kosten- batenanalyse van immigranten. Van Praags rapport (conclusie: tot het jaar 2000 een kostenpost van omgerekend 24 miljard euro) is nooit gepubliceerd. Hij had moeite met de opdracht, zegt hij in VN, maar hij wilde ook niet ’keihard nee’ zeggen.

Ook de econoom Pieter Lakeman maakte een berekening, en publiceerde die in zijn boek ’Binnen zonder kloppen’ (1999): 32 miljard. De berekeningen van de econoom Hans Roodenburg, destijds werkzaam bij het Centraal Planbureau (CPB), kwamen in 2003 in een CPB-rapport uit op 43.000 euro per iedere nieuwe niet-westerse allochtoon vanaf 25 jaar.

Roodenburg was destijds verbaasd dat de politiek zijn bevindingen ’op geen enkele manier oppikte’. In VN zegt hij: „Zelfs al kleven er bezwaren aan dit soort berekeningen, zoals het risico van stigmatisering, dan nog zou ik als politicus over deze informatie willen beschikken. Het gaat bij immigratie om enorme bedragen. Je wilt toch weten wat je beleid kost en oplevert? Zeker nu, in deze niet al te rooskleurige economische tijden.”

Elsevier ziet in het zomerstuntje van de PVV een uitdaging en is zelf gaan rekenen. Redacteur Syp Wynia maakte een aantal sommen en komt uit op een negatief saldo van 216,4 miljard, berekend over de periode van 1970 tot en met dit jaar. „Laat Halsema maar aangeven wat er niet klopt”, schrijft hoofdredacteur Arendo Joustra uitdagend in zijn voorafje.

Ook De Groene Amsterdammer gaat deze week over ’de prijs van’, maar dan in een geheel ander verband. Het gaat hier vooral om ’kwaliteit in de uitverkoop’. Of: hoe de markt radicaal verandert, vooral door een miljardenbedrijf als Google, dat vrijwel alles gratis doet. De centen komen via een omweg toch wel binnen; ’Als iets gratis is, stapt iedereen in. Dan is er voor een producent altijd wel een manier om toe te slaan.’ De moloch Google heeft hier makkelijk praten, de digitale middenstand niet, stelt De Groene terecht.

HP/De Tijd besteedt een heel omslagverhaal aan overspel door mannen. ’Waarom gaan mannen vreemd?’ In het verslag van een uitvoerig rondetafelgesprek in een Haarlemse herenclub komt als meest markante reden tevoorschijn: ze willen scoren. Goh.

„Ik heb in het verleden - tot voor een jaar of vijf - telkens wanneer ik een vrouw een hand gaf, en dat gebeurde veelvuldig, dat altijd de normaalste zaak van de wereld gevonden. Zo normaal dat je het je niet eens bewust was en er zeker geen gedachten bij had. Nu heeft dat handen geven op veel plaatsen en in veel omstandigheden iets beladens gekregen. In die omstandigheden ben ik mij ervan bewust dat ik een vrouw een hand geef, of dat ik dat niet mag doen. En ik mag dat dan niet omdat ik een man ben, en dus oversekst en behept met een dirty mind, en dus op het moment dat ik de huid van haar hand voel (...) niet meer te houden ben.

En dat wil ik niet, zoals ik ook bij een blote elleboog niet meer wil zien dan die blote elleboog. Ik heb vroeger geleerd hoe je je eigen seksualiteit moest controleren. Ik heb nooit geleerd dat ik vrouwen moest dwingen er raar bij te lopen en rare dingen te doen om zichzelf tegen mijn seksualiteit te beschermen. Voor die vernedering van man én vrouw mag geen enkele ruimte bestaan.”

Bart Jan Spruyt over ’hoofddoekjes, gescheiden loketten, gescheiden inburgeringscusussen en het geven van handen door mannen en vrouwen’, in Elsevier.

„Lange tijd is aan één belangrijk aspect van die schooluitval verbazingwekkend weinig aandacht besteed: het cannabis-gebruik onder de drop-outs. Het zou interessant zijn om te weten hoeveel tienduizenden schooljaren er jaarlijks worden weggeblowd door scholieren die het worst zal wezen dat behalve hun stickies ook hun kansen op een aantrekkelijke baan in rook opgaan.”

Boudewijn Geels over het blowen in Nederland in HP/De Tijd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden