Korter kleuteren wordt de norm

Kinderen die na 1 oktober jarig zijn, heten nog steeds ’late leerlingen’. Maar wettelijk is de 1-oktobergrens al lang verdwenen. Dit leidt tot heftige discussies tussen ouders en scholen, en veel getob: wanneer mag mijn kind naar groep 3?

Maaike, de dochter van David den Boer, is op 8 november 1999 geboren. Op haar vierde ging ze naar school, op het eind van dat schooljaar kon ze al bijna lezen. „Daar vroeg ze steeds zelf om”, vertelt haar vader. „We hebben het niet actief gestimuleerd.

Omdat hun dochter al zo snel kon lezen, vroegen haar ouders zich af of bijna drie jaar ’kleuteren’ niet wat lang zou zijn. In hun hoofd hadden ze de 1-oktobergrens, die ’vroege’ en ’late’ leerlingen van elkaar scheidt. Maaike zou dan pas naar groep 3 gaan als ze al bijna zeven is.

„Wij wisten niet dat die grens niet meer bestaat”, vertelt Den Boer. „De school heeft ons dat nooit verteld. Veel andere ouders weten dit ook niet.”

Dat jaar extra telt door: in groep 8 kunnen het dan al echte pubers zijn

De school antwoordde dat ze deze kleuters doorgaans liever bijna drie jaar in de kleuterklas houdt. Wel wilden ze Maaike testen. „Volgens de school kwam daar uit dat ze rekenkundig onvoldoende scoorde”, vertelt haar vader. „Een gemiddeld niveau groep 2 vindt de school onvoldoende. Omdat wij het wilden, zou ze dan wel op haar vijfde naar groep 3 mogen, maar dan zou de school haar geen ondersteuning geven als het moeilijk voor haar zou worden.”

Zover wilden Maaike’s ouders niet gaan. „Voor ouders is het heel moeilijk zulke discussies te voeren”, zegt haar vader. „Je wilt geen pusherige ouder zijn en bent emotioneel betrokken bij je kind. Toch twijfel ik nog steeds. Wat moeten kinderen als Maaike nog in groep 3 als ze al zo goed kunnen lezen?”

Deze ouders moesten er zelf achter komen dat er in feite al sinds 1985, sinds de wet op het basis onderwijs, geen harde datum (1 oktober) meer is die bepaalt of een kleuter overstapt naar groep 3. Toch zijn er nog steeds scholen die wél deze grens hanteren.

Ouders vinden dit soms moeilijk te begrijpen: Jan, die in november 6 wordt, mag al in augustus (als hij nog 5 is) naar groep 3, terwijl Kees, die een week later 6 wordt, op een andere school nog een jaar langer in de kleuterklas blijft zitten. Vanaf dat moment verloopt hun schoolloopbaan verschillend: Jan zal altijd een van de jongsten zijn in de klas, Kees altijd een van de oudsten. Jan gaat op zijn elfde naar de middelbare school, Kees op zijn twaalfde.

„Voor veel ouders is het onduidelijk hóe hun school besluit welke herfstkinderen uit groep 2 - en dat is jaarlijks 25 procent van de klas - al dan niet naar groep 3 gaat”, merkt hoogleraar Sieneke Goorhuis, orthopedagoge en spraaktaalpatholoog aan de Universiteit Groningen.

„Daardoor gaan ze hun kinderen onderling vergelijken: kan jouw kind al tellen? Kan jouw kind al goed stilzitten? En dat terwijl er grote verschillen zitten in de ontwikkeling van peuters en kleuters. De een fietst zonder zijwieltjes bij 4 jaar, de ander bij 5 jaar. Gemiddelden gaan op deze leeftijd niet op.”

De vroegere 1-oktoberregeling was hard, maar wel duidelijk. Kinderen die na 1 oktober 6 jaar werden, mochten nog niet naar ’de grote school’. Alleen bij hoge uitzondering kwamen school en ouders overeen dat zo’n jong kind toch al deze grote stap mocht maken.

Nu is het andersom. Kinderen die in het najaar 6 jaar worden, gaan na de zomervakantie, als ze nog vijf zijn, al naar groep 3, waar ze leren lezen en schrijven. Alleen als er gegronde redenen voor zijn, kunnen ze nog een jaartje in de kleuterklas blijven.

De onderwijsinspectie wijst erop dat de wet ervan uitgaat dat de basisschool acht jaar duurt. In die acht jaar, van groep 1 tot en met 8, volgen de kinderen een ’ononderbroken leerlijn’.

„Een kind dat in oktober of november is geboren en bijna drie jaar in de kleuterklas blijft, is bijna zeven als hij naar groep 3 gaat”, legt H. van Gerven, woordvoerder van de onderwijsinspectie, uit. „Zo’n kind doet dan bijna negen jaar over de basisschool. De ononderbroken leerlijn kan dan worden verstoord.”

Anders dan vroeger, gaat tegenwoordig elk kind vanaf zijn vierde verjaardag naar school. De kinderen komen druppelsgewijs (namelijk vanaf hun verjaardag) binnen in een kleuterklas, waar groep 1 en 2 meestal bij elkaar zitten. De overgang naar groep 3 is vervolgens hard: alleen na de zomervakantie starten de scholen met nieuwe groepen 3.

Voor scholen betekent dit dat zij van elk kind dat in het najaar geboren is, moeten beoordelen wanneer het toe is aan groep 3. Is dit als het jong is, bijna zes, of als het relatief oud is, bijna zeven? In het laatste geval blijft het kind een jaar langer in de kleuterklas, wat in het jargon vaak een ’jaartje extra kleuteren’ wordt genoemd.

Natuurlijk, zegt iedereen, moet je dit individueel bekijken. Leerkrachten testen en observeren elk kind en overleggen met ouders en intern begeleiders. „Op onze school discussiëren we nu over de criteria die we willen hanteren”, vertelt Saskia Mokkenstorm, leerkracht van groep 1 en 2 bij basisschool De Tweemaster in Leiden. „We beoordelen elk kind cognitief, sociaal en emotioneel. Voor sommige kinderen denken we dan inderdaad dat een snelle overstap naar groep 3, na ruim anderhalf jaar, goed is.”

Als de school wél tot langer kleuterbouw besluit, leidt dit soms tot ’heftige discussies’ met ouders, zegt Mokkenstorm. „’Liever struikelen in groep 3 dan doorkleuteren’, horen wij wel eens. Zelf zijn wij eerder bang dat kinderen faalangst ontwikkelen als je ze te snel door die kleuterbouw heenjaagt.”

Ook met de inspectie leveren deze kinderen soms discussies op. Mokkenstorm: „Inspecteurs zeggen heel makkelijk ’jullie laten kleuters zitten’. Maar wij zeggen dan: ’noemen jullie dat zittenblijven?’ Zo scherp ligt het toch niet, bij een kleuter? Gun een kind toch zijn ontwikkeling, leggen wij dan uit.”

Openbare basisschool Tuindorp in Utrecht, is ’geen voorstander’ van drie jaar kleuteren. „Vaak levert zo’n derde jaar weinig op, terwijl het kind wél een jaar ouder wordt en in de rest van zijn schooltijd liefst niet nog een keer moet doubleren”, zegt Cokkie Bunte, intern begeleider. Bunte geeft het voorbeeld van een jongetje dat in november 6 wordt. Na de zomer is hij begonnen in groep 3. „Door de duidelijkheid en de structuur van de lessen bloeit hij helemaal op. Bij de kleuters kon hij nooit op een stoel blijven zitten, nu wel.”

Een derde jaar kleuteren betekent niet alleen veel ’heel grote’ kleuters in groep 1/2, merkt Bunte op, maar ook relatief grote leerlingen in groep 7/8. „Dan gaan ze al bijna puberen. We willen de kinderen liever van school af hebben voor ze op de brommer kunnen.”

Bunte is juist blij dat de inspectie de scholen stimuleert om het extra jaartje kleuteren te beperken. „Als je er bij een of meer kinderen toch voor kiest, moet je dat onderbouwen. Wij stellen voor al deze kinderen een handelingsplan op waarin we precies opschrijven wat we dat kind willen aanbieden. Dat geeft ook duidelijkheid aan ouders.”

Om aan alle discussies een einde te maken, stelt Sieneke Goorhuis voor om alle kinderen in groep 2 op dezelfde manier op ’schoolrijpheid’ te gaan testen. Binnenkort publiceert Goorhuis een artikel waarin zij dit begrip opnieuw definieert. Een kind is schoolrijp, bijvoorbeeld, als het (onder meer) een logisch opgebouwd en verstaanbaar verhaal kan vertellen en als het aandachtig naar instructies kan luisteren.

David den Boer, vader van de 5-jarige Maaike, pleit voor een richtlijn of protocol waaraan elke school zich zou moeten houden. Ook een meer ’speelse’ opzet van groep 3 zou al een oplossing kunnen zijn. „Natuurlijk zijn kinderen van die leeftijd vaak nog speels. Maar waarom moet het verschil in sfeer en structuur tussen een kleutergroep en groep 3 zo groot zijn?”

Bij zijn dochter, nu net aan haar derde kleuterjaar begonnen, ziet hij dat ze inderdaad van alle speelse activiteiten geniet. Toch knaagt bij hem nog dagelijks de vraag of ze cognitief aan haar trekken komt.

„Maaike is een fladdertje”, typeert hij. „Ze is impulsief en spontaan. Dat fladderige hoort bij haar karakter en heeft niets met leerrijpheid te maken. Als Maaike volgend jaar –een jaar later dan gekund zou hebben– naar groep 3 gaat, verwachten wij dat ze nog steeds die speelse en fladderige indruk zal maken.”

Liever kort kleuteren?

  • Het derde kleuterjaar voegt niets toe aan de eerste kleuterjaren
  • Sociaal-emotioneel ’zwakkere’ kinderen doen het toch vaak goed in groep 3
  • Extra kleuteren=zittenblijven, de basisschool duurt dan (bijna) 9 jaar
  • (Te) grote onderlinge verschillen in de groep, leerkracht heeft weinig tijd om grote kleuters uit te dagen
  • De schoolse aanpak in groep 3 is vaak geschikt voor speelse kinderen die structuur nodig hebben

Of toch lang?

  • De schoolse aanpak van groep 3 past niet bij het ontwikkelingsniveau van 5-jarigen
  • Een ’jonge’ kleuter moet zijn hele schoolloopbaan tegen oudere klasgenoten opboksen
  • 5-jarigen staan vaak sociaal-emotioneel zwak in hun schoenen
  • Kleuters hebben het al zo zwaar en druk )
  • ’Vroege’ leerlingen die wél naar groep 3 gaan, eisen onevenredig veel tijd van de leerkracht
  • ’Vroege’ leerlingen kunnen faalangst ontwikkelen als ze steeds door moeten

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden