Koreanen in Japan laten Pyongyang los

'Wie gelooft er nog in het beloofde arbeidersparadijs dat maar niet komen wil'

INTERVIEW | SYBILLA CLAUS | TOKIO/SENDAI

Er zijn Koreanen in Japan die het regime van Kim Jong-il in Noord-Korea ondanks alle rampspoed daar al decennia actief steunen. De groep mag slinken, maar is nog duidelijk aanwezig. Hoofdredacteur Choe Kwan-ik van de Koreaanse krant Choson Sinbo vertelt: "In geest en ziel zijn wij Koreanen. Japan heeft in het verleden slaven van ons gemaakt en onderdrukt nog steeds onze eigenheid."

Ja, Choe vindt de chronische honger in Noord-Korea een tragedie. "Maar wij kunnen het systeem niet veranderen. Wij kunnen slechts helpen met technologie en donaties. Pyongyang is erg geïsoleerd door het kapitalistische blok", zegt hij verdedigend. Het is steenkoud in de kantoorkamer in Tokio waar Choe zijn gast ontvangt. Er staat een bakelieten telefoon en aan de wand hangen portretten van de Grote en de Geliefde Leider: Kim Il-sung en Kim Jong-il, zoals dat in Noord-Korea verplicht is.

Toen Korea in 1945 na 35 jaar bevrijd werd van de Japanse bezetters, woonden er twee miljoen Koreanen in Japan, grotendeels als dwangarbeider verscheept. "Velen gingen terug, maar 600.000 bleven achter", zegt Choe. Zij kwamen vooral uit het dichter bevolkte zuiden. "Toch steunden velen het noorden, omdat zij niet van het regime van toenmalig president Rhee gediend waren." In linkse kringen werd die gezien als marionet van de Amerikanen.

Japan staat geen dubbele nationaliteit toe, reden waarom de meeste 'achterblijvers' kozen voor een Zuid-Koreaans paspoort. Een groep van zo'n 50.000 'hoort bij' Noord-Korea. "Maar dat wil niet zeggen dat zij Kim Jong-il aanhangen", nuanceert Choe. Zij zijn aangewezen op een Noord-Koreaans paspoort dat de vereniging Chongryun voor Koreanen in Japan uitgeeft. "Maar als ik reis kan ik mijn pas niet gebruiken. Dan heb ik een speciale re-entry vergunning nodig."

Het stoort Choe dat de Japanners zich zelfs na hun nederlaag in 1945 nog superieur wanen aan andere Aziaten. "Keizerlijk Japan kijkt neer op Korea en China. Ze erkennen het bestaan van minderheden in het zuiden op Okinawa en in het noorden (de Ainu) evenmin. Ook dat zijn verschoppelingen." In zijn jeugd zeiden leraren amper iets over de Japanse kolonisatie van Korea. "Het werd vermeld. Maar waarom dat zo was, wie er verantwoordelijk was, wie de slachtoffers zijn, staat niet in de lesboeken. Pas toen ik naar een Koreaanse school ging, hoorde ik de feiten, en begreep ik waar ik vandaan kwam." Het was een persoonlijke bevrijding voor Choe.

Vereniging Chongryun heeft in elke provincie een kantoor. Er zijn op zijn Noord-Koreaans operagroepen, sport-, vrouwen-, jeugdclubs. "En wij verzorgen Koreaans onderwijs in imperi..., kapitalistisch Japan." Volgens Choe wordt dat onderwijs gegeven op negentig eigen basisscholen, tien middelbare scholen en een universiteit in Tokio. Choe heeft daar Engels gestudeerd. "Het Koreaans op die opleidingen maakt slechts vijftien procent van de lessen uit." In Noord-Korea bepalen de theorieën en geschriften van de leiders Kim het merendeel van de lessen. Volgens Choe is dat in Japan minimaal. "Kinderen leren wel over het politieke systeem van de Democratische Volksrepubliek, en respect te hebben voor de leiders."

Voor het onderwijs heeft Chongryun door de jaren heen veel subsidie van Pyongyang gehad, in totaal zo'n 500 miljoen euro. "Dat is een constante, grote steun geweest", zegt Choe, zijn vingerkootjes knakkend. De vereniging streeft ook naar hereniging tussen Noord en Zuid, maar de vereniging van Zuid-Koreanen in Japan, Mindang, 'wil zich niet met ons verzoenen'.

Sinds deze eeuw is de terugloop in scholieren op Noord-Koreaanse scholen bijzonder groot. Ouders hebben genoeg van de talloze politieke bijeenkomsten; en wie gelooft er nog in het beloofde arbeidersparadijs dat maar niet komen wil? "Het is een gevoelige discussie. Ons beleid is Kim Jong-il te steunen, maar veel ouders willen liever sporten of een cultureel evenement.

Van 900 naar 27 leerlingen
Op een sportveldje in de stad Sendai spelen Koreaanse kinderen. Dit is een van de scholen met op Noord-Koreaanse basis geschoeid onderwijs, en hier is goed te zien dat steeds minder ouders Kim Jong-il steunen. "In 1980 hadden wij 900 kinderen, nu nog maar 27", zegt directeur Yun Jong-chol. "Onze school is tien keer duurder dan een gewone, en ouders willen hun kinderen niet meer zo graag naar kostschool sturen", verklaart hij de terugloop.

Maar er zijn nog meer oorzaken. Na 1980 ging de relatie Japan-Noord-Korea bergafwaarts, aldus Yun. "En onze kameraden hebben hun ideeën over het vaderland veranderd. Zij kennen de realiteit niet."

In meer vragen over politiek heeft Yun geen zin, liever praat hij over de gevolgen van de aardbeving. De kostschool ligt op een berg in de bossen en is gespaard door de tsunami, maar de gebouwen zijn door de aardbeving zo goed als onbruikbaar. Een bezorger levert gasflessen af. Straks is er feest met het favoriete Koreaanse vermaak: barbecue.

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden