Koranonderwijs op christelijke school zal karakter van school op de duur versterken

De auteur is predikant en islamoloog.

JAN SLOMP

Op zich een prachtig pleidooi, maar de inzender gaat voorbij aan de werkelijkheid van vele christelijke scholen in plaatsen met een grote concentratie allochtonen, waar in feite wat de herkomst van de leerlingen betreft, de openbare en de christelijke scholen steeds meer op elkaar zijn gaan lijken.

De christelijke scholen zijn ooit gesticht omdat ouders christelijk onderwijs voor hun kinderen wilden. Mijns inziens kunnen christelijke scholen met nog hoogstens 10 of 20 procent kinderen uit christelijke gezinnen niet doen alsof er niets is gebeurd. Het christelijke karakter van zo'n school wordt immers nauwelijks nog door de leerlingen maar alleen nog door het bestuur en het personeel bepaald. Om die leerlingen ging het vroeger en gaat het toch nog steeds in het christelijk onderwijs?

Op openbare scholen hebben moslim ouders het recht om godsdienstonderwijs te vragen als er minstens tien potentiële leerlingen zijn. De school moet dan een verlicht en verwarmd lokaal ter beschikking stellen aan een door de religieuze gemeenschap aangewezen bevoegde docent. Minister Dijkstal kan de christelijke scholen (katholieke en protestantse) echter niet dwingen om ruimte te maken voor koranonderwijs.

Toch pleit daar veel voor. In de eerste plaats hangt het voortbestaan van heel wat christelijke scholen af van het feit dat allochtone, vaak moslimouders, hun kinderen naar die school sturen. Sommigen doen dat omdat die school nu eenmaal in de buurt staat. Anderen vertelden mij dat het een bewuste keuze is. Men verwacht dat op de christelijke school met respect over God en godsdienst (dus ook de islam) zal worden gesproken. (Dat houdt natuurlijk niet impliciet in dat dat op de openbare school niet het geval zou zijn!)

Ik denk dat christelijke schoolbesturen daarom de wensen van de moslimouders zouden moeten voorkomen en ruimte moeten scheppen voor islamitisch godsdienstonderwijs. Op een enkele school heeft men deze christelijke gastvrijheid betracht zonder er zelf minder van te worden. Dat wordt men namelijk zelden van gastvrijheid.

Toen in de jaren '60 de Pakistaanse regering de christelijke scholen verplichtte islamitisch godsdienstonderwijs te geven aan moslim leerlingen leidde dit vaak tot een verbetering van het christelijk godsdienstonderwijs. Er kwam een gezonde concurrentie. Er werd weer over godsdienst gepraat op school, omdat godsdienst van een gewoon vak weer tot inspiratie werd opgewaardeerd.

Vergelijking met België brengt nog iets anders aan het licht. België heeft slechts één islamitische school, de Franstalige Al-Ghazalischool in Brussel. Een poging een Nederlandstalige islamitische school in Antwerpen op te richten mislukte. Moslims in België hebben namelijk geen behoefte aan eigen scholen omdat niet alleen openbare maar ook veel katholieke scholen ruimte geven voor islamitisch godsdienstonderwijs. Daarom kan ik de oprichting van intussen bijna dertig islamitische scholen in Nederland niet anders zien dan als een motie van wantrouwen aan het openbare en christelijke onderwijs, omdat moslims daar te kort komen.

Ik hoop dat de voorstellen van minister Dijkstal tot een grondige discussie aanleiding zullen geven. Ik meen dat ze het christelijke karakter van de school op den duur alleen maar kunnen versterken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden