Koran noemt geen straf voor afvalligheid

In bijna elke discussie met en over moslims ligt een val wijd open op ons te wachten. Dat is de val van het grote verschil tussen wat de islam ergens over zegt in de zin van geopenbaarde tekst; overlevering, canonieke uitwerking of wijsheidstekst en wat mensen van allerlei denominaties binnen en buiten de islam ervan maken.

Abdulwahid van Bommel

Een tweede, misschien nog grotere val is die van het gebrek aan zelfbespiegeling en zelfkritiek van moslims, waarbij gebrek aan kritisch analytische behandeling van de bronnen van waaruit wij handelen het meest opvalt.

We dienen het recht op vrijheid van meningsuiting als een integraal onderdeel van zelfontwikkeling te beschouwen. Wanneer je aan dit recht beperkingen gaat opleggen compromitteer je daarmee zowel de menselijke waardigheid als het verlangen om een persoonlijke groei door te maken. Terwijl dit twee door de islam erkende en gewaardeerde doelen zijn.

In de zaak van Ayaan Hirsi Ali kunnen we vaststellen dat het in strijd is met het wezen van de islam om iemand die een andere mening heeft met de dood bedreigen, zelfs als deze als kwetsend wordt ervaren. Respect voor de ander, ook de ander die tegenstander is of lijkt, is de toetsteen van waarachtige godsdienst. Elke vorm van eigenrichting is door de islam verboden, ook die van bloed- of eerwraak.

De Koran gaat ervan uit dat een afvallige zichzelf misschien naar de ondergang leidt, maar de islam geen schade kan toebrengen. De plaatsen in de Koran die aangeven dat moslims bij bepaalde overtredingen hun leven op het spel zetten, zijn duidelijk genoeg. In geen van de verzen over afvalligheid wordt daaraan de doodstraf verbonden. Al wie ongeloof in ruil neemt voor geloof, is elk gevoel voor de juiste richting kwijt (2:108); Veel van de mensen van het Boek zouden u wel uit afgunst weer tot ongeloof willen brengen nadat u tot geloof bent gekomen en de Waarheid hen duidelijk is geworden. Maar vergeeft hen en wees tolerant totdat God met Zijn gebod komt. (3:144); Hij die zich op zijn hielen omdraait (hier gebruikt als: na het overlijden van de profeet de islam de rug toekeren), zal aan God totaal geen schade berokkenen.

Twee andere verzen gaan over mensen die voor een korte tijd moslim werden en er weer afstand van deden, of moslim werden, dan weer twijfelden en uitstapten, dan weer instapten, waarna ze weer iets anders probeerden. Indien er een straf op afvalligheid had bestaan had dit proces nooit kunnen plaatsvinden. (3:72; 4:137).

Nog krachtiger is de mededeling dat iedereen die zich van de islam afwendt, moet weten dat God dan een ander volk zal voortbrengen dat Hij zal liefhebben en dat Hem zal liefhebben (5:54). God noch religie ondervindt daarbij enige schade. Behalve voor hem die werd gedwongen terwijl zijn hart in het geloof vrede blijft vinden, ziet het er voor degene die verwerpt en zijn hart opent voor ongeloof in het hiernamaals slecht uit omdat hij de heerlijkheden van de eeuwigheid opgaf voor de illusie van deze wereld. (16:106) Waarmee blijkbaar de straf voor afvalligheid ook als een illusie van deze wereld wordt beschouwd.

Twee belangrijke documenten die een straf op afvalligheid tegenspreken zijn de Grondwet van Medina en het Verdrag van Hoedaibiya. Hierin staat dat wanneer iemand die zich had aangesloten bij de moslims op zijn idee terugkwam en zich weer bij zijn familie en oude vrienden wilde aansluiten, dus een afvallige werd, hij niet aan de moslims hoefde te worden uitgeleverd. Een dergelijk artikel had niet kunnen worden gerealiseerd indien er al een duidelijke uitspraak over de strafmaat op afvalligheid had bestaan.

Er is de afgelopen tijd een drang ontstaan om de fiqh al-aqâliyât, of de jurisprudentie voor moslims, die in delen van de wereld leven waar zij een minderheid vormen, te formuleren. Dat is toe te juichen. Ook daarmee is onzin over afvalligheid, bloedwraak, en vrouwenbesnijdenis te ontzenuwen. Dat kan ook in de vrije discussie.

De armoedige juridische betekeniswereld van de 'fatwa' is onvoldoende om de intuïtie, verbeelding, analyse en geloofsinhoud van de islam -die alle om nieuwe verwoording schreeuwen- in de diaspora opnieuw inhoud te geven. Daarbij zal de wijsheidstraditie die aanstuurt op betekenisgeving, exegese en hermeneutiek -hermeneutiek is de leer van het verstaan- een veel grotere rol gaan spelen dan de nogal verkokerde en technische betekenis die 'fiqh' of jurisprudentie nu heeft.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden