Koningshuis niet trendy

Beatrix en Claus. (Trouw)

’Ontwerpers van Oranje’ bevat geen onthullingen. Wel staat het bol van de niet eerder gepubliceerde foto’s.

Wat draagt de koningin in haar vrije tijd? Waarom is prinses Amalia dol op smockjurkjes? En wat zijn de favoriete ontwerpers van de nieuwe lichting aangetrouwde prinsessen? In het zojuist verschenen boek ’Ontwerpers van Oranje’ van Els Smit komen deze en vele andere kledingvoorkeuren van het koninlijk huis aan bod. De uitgave bevat geen onthullingen zoals in Dieuwke Grijpma’s boek ’Kleren voor de elite’ uit 1999. Toen deden (ex-)medewerkers van kledingontwerpers en hofhouding een boekje open over de totstandkoming van de outfits van de opeenvolgende koninginnen. Er was veel ophef over de onthulling dat de originele kroningsmantel in het geheim was vervangen door een kopie, die voor de kroning van Beatrix was gerestaureerd met een hermelijnen bontrand afkomstig van een ’afgedankt jasje’ van een C & A-telg.

Hoewel dit verhaal in Smits boek wordt aangestipt, biedt het verder louter een keurig en kritiekloos inkijkje. Discretie voor alles. In 192 pagina’s, die rijkelijk zijn voorzien van niet eerder gepubliceerde foto’s, toont de auteur de diversiteit aan smaken van de koninklijke garderobes en hun ontwerpers. Oorspronkelijk wilde Smit een boek schrijven over Theresia Vreugendhil, de vaste couturier van Beatrix die 42 jaar haar kleding verzorgde. Geen uitgever was hier echter enthousiast voor te krijgen. Daarom trok de auteur het breder. Het uiteindelijke resultaat is een vrolijk fotoboek geworden voor de Oranjefan.

Er was nogal eens kritiek op de onmodieuze uitstraling van de huidige vorstin. Theresia Vreugenhil zegt daarover: „Het ging helemaal niet om mode. Het ging erom haar zo goed mogelijk te begeleiden in haar functie.(-) En we hebben echt ook modieuze elementen toegepast. De brede schouders stammen uit de jaren tachtig, de grote draperieën op de avondjaponnen waren in de jaren negentig in de mode. Dat zijn twee stijlelementen die we leuk vonden en daarom hebben gehouden.”

Vreugendhil spreekt bewust in de we-vorm omdat de koningin zelf grote invloed heeft op haar kleding. Dat is onder meer af te zien aan een door koningin Beatrix eigenhandig uit een tijdschrift gescheurd fotootje van een Indiaas jongentje dat diende als sfeersuggestie voor de couturière.

Foto’s laten zien dat ze de oorspronkelijk voor Prinsjesdag 1995 ontworpen japon bij meerdere gelegenheden heeft gedragen. Want de Oranjes blijken van oudsher zuinige lieden en laten regelmatig stukken vermaken. Vooral Margriet is een liefhebster van het hergebruiken van fraaie japonnen en accessoires van onder meer haar grootmoeders.

De moeder van prins Bernhard verklapte ooit in haar biografie dat haar oudste zoon veel aandacht aan zijn kleding schonk, en dat hij daar als kleine jongen al mee was begonnen. Zijn kleinzoons lijken die interesse te delen. Bij prins Willem-Alexander komt dat minder sterk naar voren dan bij zijn neef prins Maurits. Toch beoogt de kroonprins wel degelijk een eigen uitstraling. Als aankomend vorst heeft hij te kennen gegeven verwantschap te voelen met de toegankelijke stijl van zijn grootmoeder Juliana. En daar passen ingetogen kledingstukken bij. Volgens de auteur moet een koning de continuïteit hoog in het vaandel hebben staan, en rust en soliditeit uitstralen wat is af te lezen aan zijn kleedgedrag. Natuurlijk maakt hij wel een strikt onderscheid tussen werk- en privékleding en vertoont hij zich op informele momenten, net als zijn generatiegenoten, gewoon in jeans en shirt. Prins Maurits draagt bij openbare optredens doorgaans een superstrak gesneden Italiaans pak van Oger. Zijn positie staat een meer modieuze en joyeuze uitstraling toe.

Diverse Nederlandse couturiers gaven in het verleden luidruchtig te kennen dolgraag voor de koninklijke familie te willen werken. Die openbare oproepen werden systematisch genegeerd. Alleen wie ’niet babbelt’ mocht voor haar werken. En wie dan toch zijn mond voorbij praatte, was zijn koninklijke klant onmiddellijk kwijt.

Achterin het boek is een beknopte toelichting opgenomen van ontwerpers die een bijdrage aan de koninklijke verschijningen leveren. Sheila de Vries creëert momenteel de kleding voor de koningin. Frans Molenaar mag prinses Margriet tot zijn clientèle rekenen, en de op een steenworp afstand van het Haagse Paleis Noordeinde gevestigde couturier Frans Hoogendoorn ontwierp enkele outfits voor prinses Màxima en kleedt soms prinses Irene en haar dochters. Hun invloed op de mode is echter beperkt, want de koninklijke kleding staat vooral in dienst van de functie en draagt bij aan hun herkenbaarheid.

Aan prinses Màxima wordt weliswaar de run op de pashmina-sjaals toegedicht; ook gooide zij hoge ogen met het spijkerjasje dat ze op Koninginnedag 2004 droeg. Maar verder blijft het trendsettende gehalte van de Oranjes marginaal.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden