König-orgel herkrijgt oorspronkelijke luister

NIJMEGEN - Maar liefst drie composities voor pedaalsolo sierden dinsdagavond het programma van het eerste concert in de zomerserie orgelbespelingen in de Nijmeegse Stevenskerk. Het had een duidelijke reden dat organiste Jetty Podt zulke ongebruikelijke werken speelde, die alleen met de voeten uitgevoerd moeten worden: hierin kon zij optimaal de gerestaureerde pedaaltongwerken laten horen die dinsdag opgeleverd werden. Daarmee is de restauratie die in 1970 begon eindelijk afgerond en klinkt het grote orgel van de Stevenskerk vermoedelijk weer even imponerend als toen Ludwig König het in 1776 voltooide.

Het 55 stemmen tellende König-orgel is uniek in het Nederlandse orgellandschap omdat de uit Keulen afkomstige orgelmaker een andere stijl vertegenwoordigde dan de meeste in Nederland werkzame bouwers. Kenmerkend is de bijna ruige en in dynamisch opzicht overweldigende klank, die er ook na de recente restauratie nog volledig is. Zoals bij zoveel orgels heeft dit Nijmeegse instrument in de loop van haar bestaan de nodige aanpassingen aan de muzikale smaak moeten ondergaan, al bleef gelukkig het merendeel van de registers origineel. Een grote ingreep is een herstemming geweest, waarbij het orgel niet alleen een gelijkzwevende temperatuur, maar ook een hogere toonhoogte kreeg. Daartoe moesten de pijpen worden ingekort.

Na het bombardement op Nijmegen van 1944, waarbij één pedaaltoren van het orgel verwoest werd, was een algehele restauratie noodzakelijk. Deze werd pas in 1970 begonnen door de firma De Koff en in 1974 afgerond met de bouw van een nieuw mechaniek door Flentrop. Hierbij ging men terug naar de situatie van 1776, maar met behoud van de gelijkzwevende stemming. De toonhoogte werd echter wèl teruggebracht tot a'=425 Hz en daarom moesten de pijpen weer verlengd worden. De tongwerken, met name de trompetten van de manualen en het pedaal, liet men echter qua lengte voor wat ze waren, kennelijk met de gedachte dat deze door middel van de stemkruk eenvoudigweg toch lager te stemmen zijn. Consequentie hiervan was dat de bekers tekort waren, wat ongunstig bleek voor de klankontwikkeling en stemvastheid. Om die reden werd besloten tot een tweede restauratie, uitgevoerd door de firma Flentrop. De König-trompetten kregen nu hun originele bekerlengte terug. In 1996 waren de tongwerken van het manuaal klaar en dinsdag volgden die van het pedaal.

In het concert van Jetty Podt kwam uitstekend tot uitdrukking dat de herboren tongwerken een onmisbare aanvulling zijn op de toch al zo grootse klank. De trompetten van het hoofdwerk klinken zeer luid, maar vermengen schitterend met het labialen-plenum. De vier tongwerken van het pedaal (bombarde 16', trompet 8', clairon 4' en cornetbas 2') vormen - zonder dat er andere stemmen aan toegevoegd hoeven worden - een stevig fundament om het plenum van het manuaal te dragen, zo bleek in de uitvoering van Bachs Praeludium en Fuga in C, BWV 545. In dit werk viel echter ook op dat de mixturen, die in dit orgel een tertskoor bevatten, voor polyfonie een te troebele klank voortbrengen.

Snelle aanspraak

Solistisch doen de pedaalstemmen het ook uitstekend, want ze hebben een snelle aanspraak. Dat bleek in Bachs 'Pedal excercitium', de Epilogue uit 'Hommage à Frescobaldi' van Jean Langlais en zeker ook in de 'Zwei Tünze' van Johann Michel. In de tweede dans, een tango, wist Jetty Podt het König-orgel te laten klinken als een tot reusachtige proporties uitvergrote bandoneon.

Samen met Jan Welmers is Jetty Podt organist van de Stevenskerk. Dat zij dit orgel door en door kent, bleek uit haar geraffineerde registraties in Bachs 11 Partita's over 'Sei gegrüsset, Jesu gütig'. In deze variatiereeks liet zij vele klankschoonheden van het König-orgel horen. Hoewel het in basis een laat-achttiende-eeuwse instrument is, laat het zich met de nodige creativiteit ook in romantisch repertoire gebruiken. Jetty Podt speelde het 2e Choral van Franck. In haar vertolking van dit werk viel op dat de grondstemmen van rug-, hoofd- en bovenwerk zoveel draagkracht, graviteit en cantabiliteit bezitten, dat het König-orgel daarin veel romantische instrumenten zelfs overtreft. Een zwelkast wordt wel node gemist in zulk repertoire, omdat zacht spelen op dit van nature zo luide instrument haast niet kan: zelfs de fluit en de strijker van het bovenwerk zijn nog zeer prominent aanwezig.

Is het König-orgel nu weer helemaal de oude? Jetty Podt vertrouwt toe dat er nog één wens is. In 1970 draaide de firma De Koff de windladen van het pedaal een kwartslag. Nu de tongwerken hun oude klank weer terug hebben, blijkt de discant van de pedaaltrompet in de kerk nog wat zwak. “Als we de laden hun oorspronkelijke positie kunnen geven, verwacht ik dat dat probleem opgelost is.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden