FramingHans de Bruijn

Konden we China, dat grote problemen had, mondkapjes weigeren?

Bij de bestrijding van de coronacrisis was februari ‘een verloren maand’, zo luidt een analyse. Het RIVM meldt eind januari nog dat het risico op verspreiding van het virus in Europa klein is. Achteraf bezien is dat onjuist. In maart heeft Nederland veel te weinig mondkapjes, terwijl het kabinet in februari nog toestemming gaf om gigantische aantallen mondkapjes naar China te exporteren. Niet erg handig, achteraf bezien.

Ongetwijfeld komen er na de coronacrisis evaluaties, die ongetwijfeld concluderen dat er nog meer niet goed ging. Hoe moet je zulke observaties waarderen? Je kunt ze in twee frames zetten.

Een: het frame van de causaliteit. Dan redeneer je als volgt. Er is iets misgegaan en er wa­ren te weinig mondkapjes. Vervolgens spoor je de causale verklaring op, bijvoorbeeld de export naar China. En dan is je oordeel klaar: er is een fout gemaakt en je weet wie die fout heeft gemaakt.

Twee: het contextuele frame. Dan kijk je veel meer naar de context, op het moment dat beslissingen werden genomen. Kon het RIVM eind januari weten hoe ernstig de coronacrisis zou worden? Toen zelfs de goed geïnformeerde WHO dat nog niet voorzag? Kon je China, dat grote problemen had, in februari hulpgoederen weigeren? Toen corona nog iets Aziatisch leek?

In het causaliteitframe is je oordeel over bestuurders en experts duidelijk – maar ook makkelijk. In het contextuele frame is dat oordeel ingewikkelder – maar wel fair.

Hans de Bruijn is bestuurskundige en debatspecialist, Wekelijks analyseert hij de sturende taal van beleidsmakers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden