'Komt goed', was zijn lijfspreuk

Phillips Hernandez 1954-2016

Op z'n vijftigste moest hij helemaal opnieuw beginnen. Hij was vastgelopen op Curaçao, het eiland van zijn geboorte, en voor het eerst van zijn leven stond hij in de kou van Nederland. Optimistisch als hij was, dacht hij makkelijk een nieuw bestaan te kunnen opbouwen. 'Komt goed', was zijn lijfspreuk. Met zijn innemendheid had hij altijd vele deuren kunnen openen. In Nederland bleven de deuren dicht.

Phillips Hernandez had op Curaçao altijd hard gewerkt, en veel plezier gemaakt. Hij had er een onbezorgde jeugd gehad, met zijn anderhalf jaar jongere broer Edsel als zijn beste maatje. Hij had ook nog halfbroers en een halfzuster, want zijn ouders hadden allebei al een huwelijk achter de rug.

Zijn vader Daniel was postbode en later dreef hij een winkeltje in levensmiddelen. Hij had een huis gebouwd in de Zutphenstraat, een kwartiertje lopen van het oude centrum van Willemstad, waar hij met zijn tweede vrouw Angela woonde. Toen hun eerste kind ter wereld kwam, hadden ze net een Philips-tv gekocht. Zo kwam hij aan zijn naam, vertelde Phillips later met plezier.

Zoals de meeste mensen op Curaçao waren ze katholiek, maar niet erg rooms. Het geloof was vanzelfsprekend, maar kerkbezoek bleef beperkt tot hoogtijdagen. Gelovig maar niet kerks, dat is Phillips altijd gebleven.

Na schooltijd voetbalde en basketbalde hij met de jongens in de buurt. Maar als er een leuk meisje langs liep, dan moest hij altijd even een praatje maken en een beetje flirten.

Hij kon goed leren en had talent voor techniek, dus hij ging naar de middelbare technische school, waar hij de afdeling bouwkunde volgde. Daarna ging hij aan het werk als technisch tekenaar bij een architectenbureau.

De toekomst zag er mooi uit, vooral toen hij op z'n 22ste verkering kreeg met Caryla. Toen zij zwanger raakte, trouwde hij met haar. Hun zoontje Ryan kwam in 1978.

Datzelfde jaar stierf Phillips' vader onverwacht. Behalve verdriet, gaf zijn dood geldproblemen. Zijn halfbroers hadden ook recht op de erfenis, vaders huis. Om dat voor zijn moeder te behouden, sloot hij een hypotheek af zodat hij de andere nazaten hun erfdeel kon geven. Hij was 24 jaar en zat zwaar in de schuld. "Ik ben begonnen met een-nul achterstand", zei hij weleens.

Toch bleef hij van het leven genieten. Na zijn werk ging hij met zijn vrienden op stap. Zijn huwelijk leed eronder. Na een jaar of vier besloot zijn vrouw terug te keren naar haar ouderlijk huis met hun zoontje. Ze bleef wel bevriend met Phillips. Toen de jongen acht jaar was, vertrok ze met hem naar Nederland. Phillips zag Ryan alleen als hij in de zomervakantie naar Curaçao kwam.

In zijn werk klom hij op van tekenaar tot toezichthouder bij bouwprojecten. Zijn grote trots was de nieuwe bibliotheek, die in 1988 werd geopend. Het gaf hem het zelfvertrouwen om voor zichzelf te beginnen als aannemer. Dat ging hem goed af. Als er veel werk was, dan had hij wel twintig man in dienst. "Ik heb veel geld verdiend", zei hij later. "Maar ik heb ook heel veel uitgegeven."

Hij was goed van vertrouwen. Als zijn arbeiders hun loon hadden verbrast en hun vrouwen kwamen bij hem hun nood klagen, dan hielp hij. Het was niet het geld dat hem dreef als ondernemer, hij wilde vooral mooie gebouwen maken. Hij was een perfectionist, en dat zou hij blijven.

Na tien jaar ging hij bankroet. Hij moest weer in loondienst, nu bij het bouwbedrijf van de havendienst, waar hij projectleider werd. Maar na enkele jaren raakte hij door politieke verwikkelingen bij het havenbedrijf zijn baan kwijt.

Phillips zat knel. Hij had nog schulden af te betalen van zijn faillissement. Toen zijn dementerende moeder werd opgenomen in een zorginstelling, verkocht hij het ouderlijk huis.

Met een vrouw uit Colombia had hij een zoontje gekregen, Jefferson. Hij moest dat gezinnetje onderhouden, maar op Curaçao zag hij geen mogelijkheden meer. In 2004 vertrok hij naar Nederland, in de hoop dat zijn vrouw en kind hem zouden volgen als hij een goed inkomen zou hebben.

In Nederland zat niemand te wachten op een donkere man van 50 die onwennig Nederlands sprak. Hij liep bouwplaatsen op om te vragen of er werk was, maar kreeg alleen kortaf 'nee' te horen. Af en toe vond hij werk via uitzendbureaus. Hij huurde een kamer bij particulieren.

Toen hij huismeester werd van de Zuiderkerk, waar de gemeente Amsterdam een informatiecentrum over bouwprojecten had, zag hij weer toekomst. Ook al was hij formeel weinig meer dan een klusjesman, met zijn hulpvaardigheid, technische kennis en perfectionisme maakte hij indruk. Maar het centrum werd wegbezuinigd.

Phillips kreeg in 2011 een nieuwe kans bij het Centrum Beeldende Kunst Zuidoost, een gebouw in de Bijlmermeer voor exposities, educatie en kunstuitleen. Phillips was er op z'n plek, ook al omdat er voornamelijk vrouwen werken.Wanden schilderen en verplaatsen, het inhangen van kunstwerken, video's monteren, hoe lastiger de klus des te meer hij ervan genoot. En dan stond hij ook klaar met koffie en thee voor bezoekers. Niemand moest proberen hem van zijn stuk te krijgen, want technisch was hij iedereen de baas, en dat wist hij. Eén dag voor de opening van een tentoonstelling wilde hij klaar zijn, zodat hij de tijd had voor de laatste klusjes. Als de spanning hoog opliep, dan gaf hij rust: "Komt goed".

Ook kunstenaars leerden hem waarderen. Eerst zagen ze hoe zorgvuldig hij hun werk verpakte na afloop van de expositie. Ze kwamen met technische problemen bij hem. Zo timmerde hij vreemd vervormde stoelen voor een kunstproject. Ook bij hem thuis kwam steeds meer kunst aan de muur te hangen.

Hij woonde vlakbij, in een complex van 55-plus-woningen voor Antillianen, 'Kas Dushi', fijn huis. Met zijn buurman Tito en diens vrouw ging hij op zaterdagavond dansen in een café in Amsterdam-Oost. Hij had geen vaste partner, maar er zaten altijd vrouwen op hem te wachten om de Dominicaanse bachata te dansen, het liefst bij het lied 'Que bonita es esta vida', wat is dit leven mooi.

Hij gaf de hoop op dat zijn Colombiaanse partner zich bij hem zou voegen. Ze zag ertegenop om Nederlands te leren voor het inburgeringsdiploma. Zijn zoontje Jefferson wilde hij wel bij zich hebben, maar Phillips was nooit als vader geregistreerd, dus de jongen heeft de Colombiaanse nationaliteit. Phillips ging aan de slag om erkend te worden als vader.

Vorig jaar was hij voor het laatst op Curaçao, voor de begrafenis van zijn jongere broer die aan darmkanker was overleden. Phillips stopte met roken, althans dat probeerde hij. Zijn rochelhoest bleef. Toen hij in april bij het ophangen van rolgordijnen in ademnood kwam, ging hij toch maar naar de dokter. Longkanker, was het oordeel. Er was weinig hoop. "Jammer dat ik niet verder kan", zei hij. "Nu ik alles voor elkaar heb, komt er dit tussen."

Jefferson kwam over uit Curaçao. Phillips spande zich in om zijn vaderschap nog vast te leggen. Begin augustus ging hij naar Leiden voor een DNA-test. Twee dagen later kon hij niet meer lopen. Hij vertrouwde op zijn geloof, maar was toch een beetje bang voor wat komen zou. "Ik zie het maar als een groot avontuur", zei hij.

Na zijn overlijden ging buurman Tito weer eens naar het danscafé om herinneringen op te halen. Daar klonk 'Que bonita' weer en er zaten nog steeds vrouwen te wachten om te dansen met Phillips.

Phillips Edugivis Hernandez werd geboren op 30 maart 1954 in Willemstad, Curaçao. Hij stierf op 9 augustus 2016 in Amsterdam.

Vrouwen waren de rode draad in zijn leven. Hij kreeg er nooit genoeg van. En zij niet van hem.

Links: Phillips Hernandez.

Altijd zaten er vrouwen te wachten om met hem te dansen, het liefst bij het lied 'Que bonita es esta vida', wat is dit leven mooi

In Naschrift beschrijft Trouw het leven van onlangs overleden bekende of heel gewone mensen. Een tip voor Naschrift? Mail naar naschrift@trouw.nl Of per post naar Trouw/Naschrift, postbus 859, 1000 AW Amsterdam

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden