Komt dat zien, komt dat zien

Nu de millenniumwisseling nadert dingen Palestijnse en Israëlische ondernemers naar de gunsten van de toerist die plaatsen wil bezoeken, bekend uit de bijbelse verhalen over Jezus. Zo zijn in het tegenwoordig Palestijnse Bethlehem 1200 hotelkamers beschikbaar en brengt in Jericho een supersnelle kabelbaan de toerist in vijf minuten naar de top van de Berg der Verzoeking. In het overwegend islamitische Nazareth zijn de voorbereidingen te laat begonnen, een gevolg van de achterstand van de Palestijnse bevolkingsgroep. Een reiswijzer voor het hedendaagse Israël met bijbelse teksten in het achterhoofd.

Jeruzalem

Toen kwam het Vernieuwingsfeest te Jeruzalem; het was winter. En Jezus wandelde in de tempel, in de zuilengang van Salomo. De Joden omringden hem en zeiden tot hem: 'Hoe lang houdt gij onze ziel nog in spanning?'. (Johannes 10 vers 22-24)

Vernieuwd is Jeruzalem. De grote weg nadert de stad vanuit het westen en het eerste wat je ziet zijn de enorme wijken met nieuwbouw, waarmee Israël zijn claim op een groot Jeruzalem kracht wil bijzetten. Maar wie de oude route neemt - en die liep vroeger uit Galilea, via de Jordaanvallei en Jericho - ziet nog iets van het bijbelse landschap. Tenminste als je de ogen even sluit bij de nieuwe stad Maalee Adoemiem en ze weer opent om de Olijfberg voor je te zien oprijzen. Nog altijd biedt de Olijfberg het mooiste uitzicht, aan de ene kant op de woestijn van Judea, aan de andere kant op de oude stad met zijn tempels, kerken en moskeeën.

Beneden aan de berg hebben de archeologen onlangs 'het pad van Jezus' blootgelegd, althans een pad daterend uit de tijd van Jezus. Het dient nu als attractie bij de millenniumviering, want waar ter wereld kan je dezelfde weg als Jezus bewandelen?

Toch is het diep ademhalen, voor je je, via het pad - of gewoon met de bus - in het millenniumgedruis van de oude stad van Jeruzalem stort. Al in gewone tijden is het dringen tussen de stalletjes met de Mariabeeldjes, de kruisjes, de Davidsterren, de 'handjes' tegen het boze oog en de blikjes 'heilig water'(uit de kraan). Op deze ene vierkante kilometer spoeden zich de joden naar de Klaagmuur, bidden de moslims op het Tempelplein en hebben twaalf christelijke stromingen hun kerken neergezet. Tenslotte is hier, zoals het gezegde wil, een telefoontje naar boven lokaal tarief.

Als alle verwachtingen over de miljoenen bezoekers uitkomen, zal de oude stad in 2000 veranderen in een zoemende bijenkorf, waarin het wenden noch keren is. Een bezoek aan de belangrijkste kerk, de Heilige Grafkerk, wordt door de politie zelfs als levensgevaarlijk beschreven.

De kerk, al eeuwenlang de grootste trekpleister voor de pelgrims in Jeruzalem, telt slechts één deur, die tevens de uitgang vormt. Nu al moeten bezoekers soms uren in de rij staan om binnen te komen. Binnen vormen de kaarsen en fakkels die de kerk verlichten het grootste risico. In 1808 kwamen bij een brand vijfhonderd mensen om het leven. De meesten werden vertrapt in het gedrang om de uitgang te bereiken. Daarnaast waarschuwen de Israëlische autoriteiten ook voor al te bezielde geesten die menen dat het nieuwe millennium reden is voor bijvoorbeeld massale zelfmoord en die daarvoor de kerk uitkiezen.

Vandaar dat de politie aandringt op het aanbrengen van enkele nooduitgangen. Er zijn in het verleden deuren dichtgemetseld die zo weer gebruikt kunnen worden. Maar het is een delicaat probleem met internationale repercussies. Want de kerk is verdeeld tussen zes kerkgenootschappen: rooms, Grieks, Armeens, Syrisch, Koptisch en Ethiopisch. Elke centimeter territorium is vastgelegd en elke aantasting daarvan is een halszaak. Bovendien zijn de kerken kwaad over de bouw van een moskee in Nazareth en zijn ze nu nog minder geneigd met Israël samen te werken.

Misschien is het verstandig de kerk het komend jaar links te laten liggen en wat alternatieven te zoeken. Zoals het Syrisch-orthodoxe kerkje, dat, off Broadway, een oase van rust is. Hier zou het Laatste Avondmaal hebben plaatsgevonden, zou ooit het huis hebben gestaan van de maagd Maria en van Maria de moeder van Johannes. Als het meezit maakt de bisschop persoonlijk de kerk open voor de enkele verdwaalde bezoeker.

Wie het liever op afstand bekijkt, kan de muur op (bij de Jaffapoort meteen links) en over de muren rond de oude stad wandelen. Een alternatief - ook een klim - is de citadel van David nabij de Jaffapoort, de plek waar Pontius Pilatus het vonnis over Jezus velde. Nu heeft speciaal voor het nieuwe millennium de glaskunstenaar Chihuly er zijn gigantische creaties tentoongesteld, ingebed in de architectuur van de door Herodes gebouwde burcht. Vooral 's avonds is het een indrukwekkend gezicht, net als trouwens het uitzicht vanuit de citadel op de oude en nieuwe stad. En wie het net iets minder hogerop wil zoeken, maar toch nog boven de bedevaartfiles verheven wil zijn, kan koffie drinken op het dak bij Papa Andreas: Jaffapoort in, rechtdoor naar de overdekte markt, de eerste links en meteen weer rechts. Wees alleen bedacht op de moderne tollenaars: ook de Jeruzalemse zakkenrollers rekenen op een lucratief millenniumfeest.

En wie genoeg heeft van het kijken naar kerken en mensen, kan aapjes kijken in de bijbelse dierentuin aan de andere kant van de stad. In het betoverend mooie park zijn de dieren uit de bijbel bijeengebracht, van de apen uit Koningen 10:22, en de gazellen uit Samuel 2:18 tot en met de luipaarden uit Jeremia 13:23. Het schaap ligt er nog niet naast de leeuw, maar vredig is het er wel. En wie weet belooft dat iets voor het nieuwe millennium.

NAZARETH

Nazareth! Kan daar iets goeds vandaan komen? (Johannes 1 vers 46)

Het Nazareth ten tijde van Jezus was een afgelegen gehucht waar hooguit zo'n honderdvijftig mensen woonden, allen van dezelfde familie. Tweeduizend jaar later zitten de millenniumplanners met het probleem dat er in Nazareth weinig 'authentieks' te tonen is. In het Oude Testament is geen Nazareth te vinden. Het sterkt de these dat de naam pas later is gegeven en is afgeleid van het Hebreeuwse woord netzer, telg, om aan te geven dat de bewoners zich tot de afstammelingen van David rekenden. Nazareër duidde niet zozeer op de plaats van herkomst, maar op de oorsprong van de familie. Later zou het Hebreeuws (natsroet) en het Arabisch (nassara) hetzelfde woord gebruiken om het christendom aan te duiden.

Het belangrijkste deel van het leven van Jezus speelde zich buiten Nazareth af. De stad moet het met de millenniumvieringen dan ook hebben van de twee kerken die beide op de plek heten te staan waar de engel Gabriël Maria de blijde boodschap verkondigde. Bovenaan de hoofdstraat is dat de Grieks-orthodoxe Bron van Maria-kerk. Het kleine pleintje ervoor is gerenoveerd, met hier en daar glazen platen, waardoorheen een oud waterleidingsysteem te zien zou moeten zijn. Het glas is te smerig om iets te kunnen waarnemen.

In het kader van de opknapbeurt is ook een weg door het centrum van de stad geplaveid, een voetgangersweg, want als het arme, verwaarloosde, overbevolkte Nazareth ergens niet op berekend is, dan is dat wel op die gewenste toevloed aan bezoekers. De hoofdstraat verandert nu al geregeld in een niet te ontwarren verkeersknoop. Er hoeft maar een bus te keren en de straat is geblokkeerd, waarna het getoeter van de ongeduldige chauffeurs al snel elke spirituele gedachte doet vervliegen.

Het volledige gebrek aan infrastructuur in Nazareth is een gevolg van de achterstelling van de Arabische gemeenschap in Israël. Pas met het millennium in het vooruitzicht is er ineens geld beschikbaar. Al heeft ook dat kwaad bloed gezet, want waarom is er wel geld voor een plein bij de kerk en voor modieus plaveisel in oude stijl, maar niet voor schoolklassen?

Daar de stad hoe dan ook niet snel om te toveren was, zijn in de wijde omtrek 'uitzichtpunten' aangelegd. De toeristen kunnen nu de wirwar van gebouwen van verre aanschouwen en via de nieuwe wandelpaden de stad betreden. Ook de markt, waar tot voor kort de riolering vrijelijk stroomde, is onder handen genomen. Vooral de timmerlieden van Nazareth varen er wel bij. Hun werkplaatsen zijn extra gerenoveerd en van snuisterijen voorzien. Tenslotte oefenen zij het ambacht van Jezus en Jozef uit.

De nieuwe wandelweg leidt bovenlangs van de ene naar de andere kerk, de reusachtige rooms-katholieke Basiliek van de Annunciatie. Het restaurantje ernaast biedt behalve redelijk goede hoemoes (paté van kikkererwten) en techina (pasta van sesamzaad), perfect uitzicht op de omstreden plek waar de moslims hun moskee eisen. Zij hebben genoeg van de christelijke dominantie in de overwegend islamitische stad. De strijd is al meermalen ontvlamd. Of het komend jaar ter ere van het millennium, en de komst van de paus, rustig zal blijven is een vraag, waarop in Nazareth de meesten schouderophalend antwoorden met: Insjallah, zo Allah het wil.

Verderop, met toch nog goede hoop, wordt hard gewerkt aan de aanleg van het 'Nazarethdorp', een bijbels Disneyland. Pat Boone en Rosalyn en Jimmy Carter zitten in het comité van aanbeveling. In dit bijbelland kan de bezoeker binnenkort 2000 jaar terug in de tijd rondwandelen in het landschap van toen, in de huizen van toen. Op zijn pad treft hij ook de mensen en engelen van toen. Wat er al in 2000 operatief van zal zijn, is de vraag, want net als met alles is ook met het Nazarethdorp rijkelijk laat begonnen.

JERICHO

En toen werd Jezus door de geest naar de woestijn geleid om verzocht te worden door de duivel. (Mattheüs 4 vers 1)

Luttele jaren geleden was Jericho nog een vergeten uithoek waarheen Israël Palestijnse gevangenen verbande. De oase met nog geen vijftienduizend inwoners, werd wereldnieuws toen het als eerste 'stad' onder Palestijnse heerschappij kwam. Sindsdien heeft de laagste plek ter wereld er enkele verzoekingen bij gekregen.

Al bij het begin van het plaatsje prijkt nu een lichtelijk wanstaltig gebouw: het casino. Bussen uit Tel Aviv voeren goklustige Israëliërs aan die er hun zwarte dollars kwijt kunnen. Met als gevolg dat in Israël de discussie is opgelaaid of het land nu niet snel zijn eigen casino moet krijgen zodat het geld niet naar de Palestijnen stroomt. Voor Palestijnen is de toegang strikt verboden. Het gerucht wil dat het hoofd van Palestijnse veiligheidsdienst, Djibril Rajoeb, de Europese eigenaren heeft geholpen de bureaucratie te omzeilen en daarvoor rijkelijk beloond wordt met een deel van de inkomsten.

Ooit wist Jozua de stad te veroveren met zijn trompetgeschal, al hebben de verwoede pogingen van archeologen het verhaal nog steeds niet kunnen staven. In de eerste eeuw voor de jaartelling deed Marcus Antonius de stad cadeau aan Cleopatra. Enkele decennia later gaf Herodes de verwaarloosde plek een fikse opknapbeurt en liet er aquaducten, theaters en paleizen bouwen.

Nu kent de stad een nieuwe bouwmeester: Marwan Sinokrot, een Palestijn die rijk is geworden in de chocola, wil het nu nog suffige gehucht veranderen in de belangrijkste toeristische trekpleister van het nieuwe Palestina. De eerste stap heeft hij al gezet: zijn gloednieuwe kabelbaan voert de bezoeker naar de Berg der Verzoeking. In vijf minuten ben je boven, met - voor wie zijn ogen open durft te houden - een schitterend uitzicht over de Dode Zee, de dorre woestijn en de groene oase van Jericho.

Bovenaan wacht nog een calorierijke verzoeking. In de rotswand is een restaurant uitgehouwen. In de grotten waar vroeger christelijke kluizenaars leefden staan nu lange tafels gereed voor de spijzen. En met gevoel voor detail zijn langs de smalle weg naar het aanpalende klooster der verzoeking kleine bougainvilleastekjes geplant.

Voor de monniken die het honderd jaar oude Grieks-orthodoxe klooster bewonen is een nieuw tijdperk aangebroken. Jarenlang hebben ze de enkele pelgrims die de klim naar boven waagden een drankje geserveerd. Maar als het aan de kabelbaan-exploitanten ligt, gaat Jericho gouden tijden tegemoet met een half miljoen bezoekers per jaar en komen er binnenkort ook knotsen van hotels.

Volgens sommige berichten zou één monnik het reeds voor gezien houden. Hij zou de Sinokrots duidelijk hebben gemaakt dat een kabelbaan hier niet op zijn plaats is: Als Jezus de berg kon beklimmen, moeten de echte pelgrims dat ook maar doen. Het antwoord van Sinokrot zou hebben geluid dat als Jezus vandaag de dag naar Jericho zou komen, hij vast en zeker ook de kabelbaan zou nemen.

BETHSAIDA

En hij nam hen mede en trok zich met hen alleen terug naar een stad genaamd Betsaida. (Lucas 9 vers 10)

Het grootste deel van het leven van Jezus speelde zich af nabij het meer van Tiberias, veelal temidden van niet-joden die rond en ten noorden van het meer woonden.

Bethsaida, een vissersdorpje aan de noordelijke punt van het meer, was volgens de Benedictijner monnik en onderzoeker Bargil Pixner zo'n heidens dorp. Uit Bethsaida kwamen de eerste discipelen. Nu groeien er eucalyptusbomen in de ruïnes. Het bordje 'wijnkelder' duidt op een door steentjes gemarkeerde virtuele kamer, waar de wijnboer zijn vaten bewaarde. Maar verder is er erg veel fantasie nodig om er een stadje in te herkennen. En eigenlijk verschillen de onderzoekers nog van mening of Bethsaida wel echt hier lag. Vast staat wel dat de heuvel prachtig uitzicht biedt over Galilea en het meer en doorgaans een aangenaam alternatief is voor de drukbezochte nabijgelegen Berg van de Zaligsprekingen.

KAPERNAUM

En Hij daalde af naar Kapernaüm, een stad in Galilea, en hij leerde hen geregeld op de sabbat. (Lucas 4 vers 31)

Kapernaum, 'de stad van Jezus', is natuurlijk ook zo'n toeristische trekpleister. Tweeduizend jaar geleden was het een grensstadje, dat duizend tot vijftienhonderd inwoners huisvestte, plus een garnizoen huurlingen onder Romeins commando. Een van de taken van de soldaten was de weinig geliefde tollenaars te beschermen. Het tolhuisje van Mattheüs moet hier ergens bij de Via Maris hebben gestaan.

Nu nog vallen in Kapernaum een klooster en de resten van een synagoge te bezichtigen. In aanbouw is een nieuwe pier met restaurant. En hard gewerkt wordt er ook aan een voetgangerspad van Kapernaum naar Tabga, een Arabische verbastering van het Griekse Heptapegon, de zeven bronnen: de plek van de vermenigvuldiging der broden en vissen. Het is nog altijd een uitstekende vissersplaats, want het warme water van de bronnen blijkt de vissen, en speciaal de Sint Petrus-vis, te trekken.

De inventieve plaatselijke afdeling van het ministerie van toerisme heeft al plannen om geheel in stijl het millennium te vieren met een 'Sint Petrus visfestival'. Het varieert van een gourmet-competitie in het bereiden van vis tot en met concerten met koren uit de gehele wereld die hun vissersballades ten gehore mogen brengen (inschrijven kan nog). Daarnaast staan ook sportieve evenementen op het programma: fietswedstrijden rond het meer (61 kilometer voor amateurs, 84 voor geoefenden), roeiwedstrijden en een wandelmarathon.

Wie op het water wil lopen, moet nog even wachten. Tussen Kapernaum en Tabga komt een drijvende doorzichtige brug, zodat de bezoeker het gevoel krijgt over het water te lopen. De Israëlische autoriteiten hebben eerst de christelijke gezagsdragers gepolst of de aanleg van zo'n brug geen heiligschennis is. Over het meer lopen is tenslotte niet iedereen gegeven.

Hoewel, de experts vrezen dat met de aanhoudende huidige droogte binnenkort grote delen van het meer te belopen zijn.

GINOSAR

En hij ging in het schip, en zijn discipelen volgden. (Mattheüs 8 vers 23)

Het was tijdens de vorige droogte in 1986 dat 'de boot' is gevonden. Twee broers, leden van kibboets Ginosar en verwoede amateur-archeologen, stuitten tijdens een van hun tochten op wat stukken hout. Het bleek een scheepje te zijn dat 2000 jaar lang was geconserveerd door een dikke modderlaag. Mogelijk is de ruim acht meter lange boot ten onder gegaan in de zeeslag die Romeinen en Joodse rebellen in het jaar 66 op het meer uitvochten.

De kibboets vond de vondst gewoon leuk, zeker toen ook het Vaticaan de boot wilde lenen voor een tentoonstelling. Maar ineens besloot het ministerie dat het om een archeologische vondst ging en die mocht niet uitgeleend. Heette het eerst nog 'een boot uit de tijd van Jezus' te zijn, nu werd het 'de boot van Jezus'. Een speciaal museum voor de boot, die inmiddels chemisch bewerkt is om verpulvering te voorkomen, is in aanbouw.

De broers hebben onlangs nog een vondst gedaan: munten uit de Kruisvaardertijd met een afbeelding van Jezus erop. De medaillons zijn kennelijk ter ere van het vorige millennium vervaardigd.

JORDAAN

En hij vertrok weer naar de overkant van de Jordaan, waar Johannes de eerste maal doopte. (Johannes 10 vers 40-42)

De vrede met Jordanië heeft onder meer al geleid tot een gezonde concurrentie over de doopplaatsen.

Zo prijzen de Jordaniërs sinds kort hun Wadi Charrar aan als de locatie van het bijbelse 'Betanië voorbij de Jordaan'. De Jordaniërs beroepen zich er op dat een nauwkeurige lezing van de bijbel aangeeft dat Johannes aan de oostelijke oever van de Jordaan zijn doopplaats had. In feite doopte hij in het hele gebied waar de Jordaan stroomde. Zoals iets meer naar het noorden bij Tel Salim, 'omdat daar veel water was'(Johannes 3:23). Dat kon dit jaar met de droogte best eens tegenvallen. Net zo goed als een ieder die zich de Jordaan voorstelt als een enorme rivier, er teleurgesteld vandaan zal komen. Een beekje is een passender aanduiding. De Jordaanse overheid heeft meer dan tien miljoen uitgetrokken om Wadi Charrar te ontwikkelen en er hotels en restaurants neer te zetten.

Het Jordaanse initiatief heeft de Israëliërs er toe gebracht de teugels te laten vieren. Tot nu toe was aan Israëlische zijde de toegang beperkt. Het gebied langs de Jordaan is met prikkeldraad afgezet, en er liggen tal van mijnen om infiltraties tegen te gaan. Pelgrims mochten op zijn best drie keer per week naar de rivier: een dag voor de protestanten, een voor de katholieken en een voor de Grieks- en Syrisch-orthodoxen. Sinds kort is het allemaal wat soepeler. Ook de doop zelf is niet langer beperkt tot een betreden van de oever en het uitgieten van een emmertje. Bezoekers mogen nu op enkele plaatsen de rivier in waden en zich geheel onderdompelen.

Bethlehem

En gij, Bethlehem, land van Juda, zijt geenszins de minste. (Mattheüs 2 vers 6)

Bethlehem heeft een metamorfose ondergaan. Het Kribbeplein, met zijn Geboortekerk, is van een walmende parkeerplaats voor toeristenbussen veranderd in een door bomen omgeven wandelplein. De straten zijn geplaveid, echte riolering vervangt de stroompjes stinkend water, en de stad, althans dat deel waar de toeristen komen, is opgefleurd met kleurige verlichting. Zelfs het oude Israëlische politiebureau is optimistisch omgetoverd in een Centrum voor de Vrede.

In een felle concurrentiestrijd met Israël willen de Palestijnen de toeristen trekken naar de geboorteplaats van Jezus. En niet voor een uurtje, bus in bus uit, kerk in kerk uit. Arafat wil zijn Palestina presenteren als het echte Heilige Land met de Palestijnse leider als de rentmeester van het christelijke erfgoed.

'Bethlehem 2000' is niet zomaar een project, het is een volwaardig Palestijns ministerie. Buitenlandse donoren hebben 400 miljoen bijgedragen aan de opknapbeurt, Wim Kok zit in het comité van aanbeveling. Buitenlandse gasten moeten Bethlehem ook bij het millenniumfeest helpen, waartoe niet alleen kerkleiders uit de hele wereld zijn uitgenodigd, maar ook bijvoorbeeld de Joegoslavische president Milosevic en president Jeltsin.

Arafat wilde zelfs een eigen vliegveld bij Bethlehem. Maar Israël stak daar een stokje voor. En Israël dreigt nog steeds het feestje te verpesten, want uit naam van de veiligheid en de efficiëntie is er op de weg van Jeruzalem naar Bethlehem, bij de Tombe van Rachel, een enorme controlepost gebouwd. In Bethlehem weet men zeker dat het alleen maar bedoeld is om de bezoekers af te schrikken.

Als het aan de Palestijnen ligt wordt Bethlehem een zelfstandige toeristische pleisterplaats. Nu al zijn er 1200 bedden gereed. Twee grote hotels zijn in aanbouw.

Niet iedereen is te spreken over de vooruitgang. De oude schoenpoetser, annex ansichtenverkoper, annex handelaar in oude munten, annex parkeerhulp op het plein voor de Geboortekerk, heeft moeten verkassen. De marktlieden zijn kwaad, want hoe prachtig de nieuwe voetgangersweg ook is, vroeger kwam de hele omgeving hier met zijn auto boodschappen doen. Dat kan nu niet meer, toeristen kopen hooguit een appel. En lang niet iedereen in het overwegend islamitische Bethlehem ziet zijn toekomst in de verkoop van kruisjes, kribbetjes en olijfhouten kamelen.

Toch zijn er ook al Palestijnse reisbureaus die volwaardige pakketten aanbieden. Want Bethlehem houdt niet alleen een bezoek aan de Geboortekerk in, waarvoor een groep toeristen gemiddeld nu al een een uur of langer in de rij staat. In de nabije omgeving ligt het schitterende klooster van Mar Saba, ietsje naar het zuiden ligt het imposante Herodion met zijn door Herodes gebouwde paleizen en burchten.

Wie het helemaal echt wil doen kan terecht bij de Guiding Star voor een voettocht van Nazareth naar Bethlehem, door olijfboomgaarden en velden, via schapenpaden en langs Palestijnse gehuchten waar zelfs vele Palestijnen nog nooit van gehoord hebben, twaalf dagen lang. Het laatste traject 'naar de stad van David die Bethlehem heet' (Lucas 2 vers 4), gaan de wandelaars gekleed in Palestijnse gewaden, begeleid door twee kamelen en enkele ezels.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden