Kom tot je recht naast een ander

In het besef samen te leven kan het leven heel wat meer betekenis krijgen. (FOTO'S JÿRGEN CARIS, TROUW EN ANP)

Ouderen hebben met hun AOW-perikelen in 2009 het publieke debat beheerst. Maar hoe zien jongeren 2010 en hún toekomst?

’We werken steeds harder en het lijkt steeds minder voor te stellen”, zei een lid van de Raad van Bestuur van een grote onderneming aan de Zuidas tegen mij vorig jaar. Het komt overigens niet algemeen voor dat een bestuurder zich bezig houdt met de betekenis van de levens van hun werknemers. Veel jonge werkende mensen zitten doorgaans – zoals dat populair heet – niet lekker in hun vel. Dat komt volgens mij doordat er een gebrek aan balans is in het leven van veel werkende mensen. Zij hebben het gevoel niet in alle hoedanigheid tot hun recht te komen.

De eeuwenoude drieslag van ’leren, dienen en vieren’ van de kerk houd ik ook vaak aan tegen de wijze waarop persoonlijke levens van jonge werkende mensen zijn ingevuld. Het facet ’leren’ zie ik er wel in terug. Eigenlijk is hun hele werkweek tot soms ver over de veertig uur één groot leermoment. De baan die ze nu vaak hebben, is met het oog op de toekomst. De baan nu helpt je namelijk om later op een plek of positie te komen waar je ’echt’ gaat doen wat bij je past.

Met ’vieren’ zit het ook wel goed. De bevrijding die met de vrijdagmiddagborrel (’vrij-mi-bo’) na het werk aanvangt is groot. Na de hele week serieus te zijn geweest, breekt het moment aan om geleidelijk met oppervlakkige grappen en onsamenhangend gepraat naar een beschonken toestand in het café toe te werken. Op zaterdag is men allesbehalve fit om veel te ondernemen. Bovendien wachten er een aantal sociale verplichtingen op je die dag. Op zondag heb je dan eindelijk een beetje tijd voor jezelf. Je gaat vroeg naar bed, want er wacht weer een hele week van ’leren’.

Voor het facet ’dienen’ is weinig tijd. Nu is dat geen moralistische constatering van mij, maar ik ken veel mensen tussen de 25 en 40 jaar, al dan niet werkend aan de Zuidas, die dat aan mij te kennen hebben geven. Ze weten ergens dat ze onderdeel uitmaken van een groter geheel dan hun gezinnetje, familie, vrienden en organisatie. Ook staan ze argwanend tegenover ’de realiteit’ dat dienen tijdens het werkende leven in de eerste jaren nu eenmaal niet gaat. Laat staan dat ze voldoening halen uit het idee dat op latere leeftijd het moment zal aanbreken dat ze aan de samenleving iets gaan ’teruggeven’. Ze willen eigenlijk nu iets doen waardoor de Nederlandse samenleving menselijker wordt.

De organisatie waarbinnen ze werken biedt over het algemeen vrij weinig mogelijkheid daartoe. Ja, je kan eventueel op een gegeven moment wel een ’leave of absence’ opnemen om een schooltje ergens heel ver weg te gaan verven, maar men zou eigenlijk op veel regelmatiger basis aan iets duurzaams en zichtbaars in de Nederlandse samenleving willen werken. Een project dat men naast en vooral tussen de werkzaamheden door doet.

Veel bedrijven hebben wel een afdeling ’maatschappelijk verantwoord ondernemen’ of ’corporate citizenship’ maar zijn meestal te klein om langdurige projecten in gang te zetten. Naast de noodzaak tot het nemen van maatschappelijke verantwoordelijkheid zien bedrijven ook het belang ervan voor hun eigen organisatie nog te weinig in. Werknemers die zichzelf meer mens voelen, zullen eenvoudigweg ook beter in hun werk staan.

De stichting ’Kerkelijk present in de Zuidas’, uitvoerend ’Zingeving Zuidas’ kent een zelfde driedeling van ’leren, dienen en vieren'. De stichting beoogt op en vanuit de Zuidas waarachtige menselijkheid na te streven vanuit de joods-christelijke traditie. Onder dienen valt onder andere het bemiddelen in de hulp van bedrijven op de Zuidas aan het Calvijn College in Slotervaart dat hulp goed kan gebruiken. De school ligt drie metrohaltes verderop. Een aantal bedrijven is bereid om hun mensen met juridische, logistieke, strategische, technische dan wel financiële vaardigheden te laten meedenken met de directie van de school over de organisatie.

Dat is een ontwikkeling die ik zeer wenselijk acht voor de toekomst. Hoog opgeleide mensen die zich vanuit hun professionele expertise charitatief inzetten voor mensen buiten hun directe kring. Van probleemjongeren tot eenzame senioren. Niet omdat de rijke man om in de hemel te komen de arme en zielige Lazarus zou moeten helpen, maar omdat de rijke man simpelweg zelf niet tot zijn recht komt als mens als hij zich ook niet tot die gans andere mens verhoudt.

Ook volgende maand gaan er weer bijna honderd jonge werkenden op Valentijnsdag op stap met een (eenzame) senior uit Amsterdam. Vorig jaar bleek hoe deze veelbelovende jonge mensen, die vaak de hele week achter een computerscherm in een kantoortoren op de Zuidas zitten, zich meer mens voelden na de ontmoeting met een oudje.

Het was een kennismaking met een ander verhaal, een ander leven, een andere geschiedenis. In deze ontmoeting zijn jong en oud wederdienend, al gingen de jongeren er vooraf vanuit dat zij het waren die ’iets goeds’ deden.

Ja, dienend zijn we overal: in leiderschap, naar je partner, naar je ouders, enzovoorts. Maar juist in het besef samen te leven met een totaal andere mens dan jij, waartoe je je ook mag verhouden op een stukje aarde met de hemel als dak boven ons hoofd, juist daarin zou het leven nog wel eens heel wat meer betekenis kunnen krijgen.

Juist het dienen geeft betekenis. Ik zie het aan werknemers op de Zuidas. Vorig jaar deden 70 mensen mee aan deze Valentijnsdag, nu zijn dat er al 200. Werkgevers kunnen niet achterblijven als blijkt dat de behoefte van hun werknemers aan menselijke, wederdienende omgang zo groot is.

Bedrijven moeten hun jonge werknemers meer ruimte bieden voor actieve participatie in charitatieve projecten vanuit hun professionaliteit. Overheid en bedrijfsleven zouden samen meer projecten moeten creëren waarbij jonge professionals hun expertise naast en tijdens hun werkzaamheden kunnen inzetten voor de samenleving. We werken dan misschien wel harder en harder, maar ons ademen is tenminste dan wel ten leven.

(Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden