AnalyseKabinetsformatie

Kok, Van Mierlo en Bolkestein konden het beter met elkaar vinden dan Rutte en Kaag nu

De hoofdrolspelers tijdens formatie van het paarse kabinet. Vlnr: Bolkestein, Kok en Van Mierlo. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
De hoofdrolspelers tijdens formatie van het paarse kabinet. Vlnr: Bolkestein, Kok en Van Mierlo.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Dat Mark Rutte en Sigrid Kaag nu zelf een voorzet voor een regeerakkoord moeten schrijven, is een ultieme poging van informateur Mariëtte Hamer om de formatie vlot te trekken. Koningin Beatrix deed zoiets ook in 1994. Zien we nu een herhaling van toen?

Esther Lammers

Het was het meest karakteristieke beeld van de kabinetsformatie van 1994, volgens de politicoloog Rudy Andeweg. “De drie onderhandelaars Bolkestein, Van Mierlo en Kok die hangend in de deuropening van de Eerste Kamer, lacherig nietszeggende antwoorden geven op vragen van de wachtende verslaggevers”.

De mannen straalden uit dat ze het persoonlijk wel konden vinden. Toch mislukte in 1994 na zeven weken de eerste formatiepoging tussen PvdA, VVD en D66. De VVD-leider zei D66 dit ‘experiment’ wel te gunnen, maar Frits Bolkestein kreeg onderweg koudwatervrees. De liberaal hoopte op een centrumrechtse regering met CDA en D66. PvdA-leider Wim Kok wilde juist een centrumlinkse regering.

Maar D66-leider Hans van Mierlo bleef deze alternatieve opties vriendelijk en consequent afwijzen. Zijn partij had een sleutelpositie na de klinkende verkiezingswinst. Zonder D66 was er geen meerderheidscoalitie mogelijk. Van Mierlo wist ook dat hij achter de schermen steun had van een jonge generatie politici van VVD en PvdA-huize. Die wilden eveneens af van de ‘stroperigheid’ die onder leiding van CDA-leider Ruud Lubbers was ontstaan, en die spraken met elkaar al langer over staatkundige vernieuwing, transparantie en politieke daadkracht.

Kok kende alle gevoeligheden

De koningin besloot na de mislukte gesprekken om Kok als leider van de grootste partij informateur te maken. Kok schreef daarop in zijn eentje een ‘proeve van een regeerakkoord’. Hij ploos daarvoor de verkiezingsprogramma’s van de beoogde coalitiepartijen uit, en hij kende alle gevoeligheden al, omdat er al zeven weken was onderhandeld.

Maar toen Kok zijn ‘proeve’ voorlegde aan de andere partijen, reageerde alleen CDA-leider Elco Brinkman uiterst kritisch. Het CDA verkeerde in crisis na de enorme verkiezingsnederlaag, maar dat weerhield Brinkman er niet van zich hard op te stellen. Hij eiste van Kok nog zwaardere bezuinigingen op de sociale zekerheid. Brinkman hoopte dat de PvdA zou afhaken, zodat alsnog een coalitie van CDA, VVD en D66 mogelijk werd.

Ook de VVD wilde hardere ingrepen, maar Bolkestein formuleerde dat anders, een stuk vriendelijker. Hij verklaarde juist ‘wel aanknopingspunten’ te zien om er met elkaar uit te komen. Al zou hij dan zelf als fractievoorzitter in de Tweede Kamer blijven zitten. Daarop besloot Kok het CDA los te laten en te kiezen voor ‘het experiment’: een coalitie van PvdA-VVD-D66. Het CDA belandde in de oppositie, uiteindelijk acht jaar lang.

De huidige coalitie kan door

Wat in 1994 meespeelde, was dat de kiezers een mokerslag hadden uitgedeeld aan de zittende coalitie. CDA en PvdA verloren samen 32 zetels. Zo’n signaal is er afgelopen maart niet afgegeven over de demissionaire regering. Het CDA verloor, maar D66 won juist, en de VVD is opnieuw de grootste. Wat de kiezer betreft kan de huidige coalitie dus door.

Maar D66 wil dat liever niet. Lijsttrekker Sigrid Kaag pleitte niet voor niets in haar campagne voor een andere politiek. Haar voorkeur gaat uit naar een progressieve coalitie met PvdA en GroenLinks. Maar zelfs met de liberalen daar nog bij heeft zo’n coalitie geen Kamermeerderheid. Kaag heeft dan ook niet eenzelfde sleutelpositie als Van Mierlo had. Rutte en Kaag hebben elkaar allebei nodig voor elke mogelijke meerderheidsregering.

VVD en D66 gaan nu, na honderd formatiedagen, beginnen met onderhandelen over de inhoud. En tegelijkertijd moeten ze aan hun onderlinge verhoudingen werken. De twee partijen moeten uiteindelijk samen besluiten welke meerderheidscoalitie het wordt. Bolkestein gunde destijds Van Mierlo zijn paarse experiment. Die gunfactor heeft Kaag niet bij de VVD, zeker niet na de motie van afkeuring die zij in april samen met Hoekstra tegen Rutte indiende.

Lees ook:

Rutte en Kaag hebben helemaal geen tijd om de aanzet tot een regeerakkoord te schrijven

Het zelfvertrouwen is terug bij Mark Rutte, maar waar vinden hij en Sigrid Kaag de tijd om binnen een paar weken een belangrijk onderhandelingsdocument voor de formatie in elkaar te draaien? De agenda van beiden is overladen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden