Knooppunten

Op steeds meer plekken in Nederland kunnen kunnen wandelaars gebruik maken van handige knooppunten. In Zeeuws-Vlaanderen is het eerste deel van het Zeeuwse Wandelnetwerk in gebruik genomen.

Hulst, de centrumgemeente van oost Zeeuws-Vlaanderen is misschien wel de beste plek om kennis te maken met het wandelnetwerk. Niet alleen de stad zelf, met zijn prachtige omwalling en leuke oude stadskern, maar vooral de directe omgeving leent zich uitstekend om te voet te ontdekken.

Zo voert het wandelnetwerk in noordelijke en oostelijke richting over oeroude zeedijken en zestiende-eeuwse verdedigingslinies, restanten uit de Tachtigjarige Oorlog, waarin Hulst het middelpunt vormde van de strijd om de Scheldemonding en de toegang tot Antwerpen. En ten zuiden van de stad zijn wandelingen uitgezet door het prachtige natuur- en waterwingebied van de Clingense bossen en over oude spoorlijnen.

Startpunt voor een mooie dagwandeling die een aantal van deze elementen met elkaar combineert, is de grote Markt recht voor de kerk. Loop vanaf de Markt in de richting van de molen en dan het bolwerk op. Dat geeft niet alleen een prachtig zicht op de stad maar ook over het omringende landschap. Het bolwerk zelf, dat uit de zestiende eeuw stamt, is stervormig met tien bastions en heeft een lengte van iets meer dan vijf kilometer. Ga vanaf de molen rechtsaf om ter hoogte van de Zoutestraat onder de stadspoort door te gaan. Even verderop is dan de eerste routepaal te vinden: knooppunt 32. Vanaf hier begint het gemak van het wandelnetwerk. Een gemak dat fietsers al lang kennen, met de fietsknooppunten.

Al aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog liet prins Maurits vanaf Hulst een verdedigingslinie aanleggen in noordelijke richting. Die moest bescherming bieden tegen de Spaanse troepen die in Antwerpen gelegerd waren. Daarvoor gebruikten zijn ingenieurs de natuurlijke grens tussen de hoger gelegen zandgronden en het lager gelegen kleilandschap. Deze begrenzing werd gemarkeerd door een kreek, de Moerschans, met een daarlangs lopende oude zandrug. Deze Moerschans stond overigens net als de vele andere kreken die dit deel van Zeeuws-Vlaanderen doorsneden in directe verbinding met de Westerschelde. De zandrug - die al eerder door monniken verhoogd was en fungeerde als zeedijk - werd door Maurits verstevigd en voorzien van extra verdedigingspunten.

De dichte begroeiing langs het pad dat de kruin van de dijk volgt, wordt op gezette tijden onderbroken door openingen. Op die plekken lagen de schansen. Nu niet meer dan kleine uitstulpingen en lichte verhogingen, maar nog steeds plekken vanwaar je vrij uitzicht hebt op de omliggende polder.

Anderhalve kilometer na het begin van de liniedijk ligt een iets grotere uitsparing, fort Moerschans. Van daar is het nog ongeveer drie kilometer lopen tot het eerste echt 'grote' fort: Zandbergen. Daarvan is overigens niet veel meer over. Wel is daar nu de mogelijkheid om een kop koffie te drinken. Hier eindigt ook het schitterende pad over de dijk. De rest van de linie, die tot aan de Westerschelde liep, waar de Moerschans uitmondde, is al lang geleden verdwenen.

Zandbergen, zal voor veel wandelaars een punt zijn waarop een keuze gemaakt wordt. Men kan besluiten via een lange bocht richting Kieldrecht te wandelen (langs veelal smalle, deels met populieren omzoomde, asfaltwegen) en dan pal langs de grens via Clinge en de gelijknamige bossen naar Hulst terug te lopen (richting knooppunt 81).

Een tweede optie is even terugkeren, om na ongeveer een kilometer bij knooppunt 73 de polder in te duiken.

Helaas is de doorsteek bij fort Moerschans, waar een brug over de kreek zal komen, nog niet klaar. De wandelaar moet dus nu ruim twee kilometer langs de smalle weg lopen tot pal op de grens met België weer een voetpad bereikt wordt, bij knooppunt 54. Via het gehucht Clinge worden dan de gelijknamige bossen bereikt. Dit bosgebied is een paradijs voor vogelliefhebbers. In de oude bomen broeden uilen en spechten en in de vele waterlopen bivakkeren tientallen soorten watervogels. Inmiddels bent u dan ook al bij de Spaanse linie, uit de Tachtigjarige Oorlog, aangeland. Ter hoogte van knooppunt 53 ligt een camping op de plek van het voormalige fort Bedmar, een imposant Spaans verdedigingswerk, omgeven door een twee meter hoge aarden omwalling. Van deze wal is op het campingterrein nog een deel te zien. Van de overige zes forten die de Spanjaarden rond 1600 tussen Kieldrecht en De Klinge (niet te verwarren met het aan de andere kant van de grens gelegen Clinge) bouwden is niet veel meer te ontdekken.

Een ander aardig historisch fenomeen op de wandeling terug naar Hulst is de oude spoorlijn die Hulst met Sint Niklaas verbond. Bij knooppunt 94 (eventjes rechtsaf) is nog een oud station te zien. Het café dat bij het station hoorde is nog steeds in gebruik. Het tracé van de spoorlijn is nu een onverhard fiets- en wandelpad (tussen 94 en 61).

Geen uniform systeem

Dankzij het enorme succes van de fietsknooppunten worden er sinds kort overal in ons land vergelijkbare systemen ontwikkeld voor de wandelaar. Provincies, gemeentes en terreinbeheerders zoeken daarbij naarstig naar de beste methode. In tegenstelling tot hoe het voor de fietsers is geregeld (overal de zelfde bewegwijzering en bij ieder knooppunt een informatiepaneel met kaart) is er voor de wandelaar geen uniform, landelijk systeem. Zo heeft men in Overijssel, waar een van de eerste wandelnetwerken werd ontwikkeld, gekozen voor een systeem waarbij vooral de bestaande rondwandelingen, gemarkeerd met gekleurde paaltjes, als uitgangspunt dienen. In Noord-Holland, in het duingebied rond Bergen, is voor een vergelijkbare aanpak gekozen, met een iets ander kaartsysteem en informatiepanelen. In Zeeland, waar men van oudsher nauwelijks bestaande wandelroutes had, heeft men het hele netwerk uitgevoerd in een basiskleur (zwarte palen met groene pijlen) en wijken de knooppunten alleen af in hoogte. Ook ontbreken in Zeeland de informatiepanelen bij de startpunten, zoals die in Overijssel en Noord-Holland wel staan. Dat heeft tot gevolg dat wie in Zeeland van het netwerk gebruik wil maken niet straffeloos zijn route tijdens het wandelen kan wijzigen. Dan moet men de bijbehorende kaart meenemen.

Routebeschrijving Zeeuws-Vlaams wandelnetwerk vanaf Hulst

De wandeling begint aan de noordkant van Hulst bij de stadspoort:

knooppunt 32. Kies richting 33; dan achtereenvolgens 34, 35, 73 tot 81, Fort Zandberg. Daarna kan de lange variant van de route gelopen worden via Kieldrecht of de kortere via knooppunt 73 (zie tekst).

Via Kieldrecht:

vanaf 81 richting 30 en dan achtereenvolgens 31, 54, 53, 40, 72, 94, 63, 62, 61, 60 33 en 32. De lengte van deze tocht is ongeveer 23 kilometer.

Via knooppunt 73:

Vanaf knooppunt 81 terug naar 73 en dan richting 20. En vervolgens 21, 24, 54, 53, 40, 72, 94, 63, 62, 61, 60, 33 en 32. De lengte van deze variant is ongeveer 20 kilometer.

Wie aan de zuidkant van het bolwerk begint, bij knooppunt 24, gaat eerst door een woonwijk richting 52 om vervolgens bij knooppunt 61 uit te komen. Vandaar kunnen de twee bovenstaande routes in omgekeerde volgorde worden genomen richting 32.

De kaart van het Zeeuws-Vlaams wandelnetwerk is voorlopig alleen nog te bestellen via het VVV of te downloaden via internet: www.vvvzeeland.nl/nl/page/1203

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden