Knippen, plakken en preken

De preek. Het is de glorie van de protestantse kerkdienst. Toch valt het schrijven ervan niet mee. Zijn te veel preken het resultaat van knip-, jat-, en plakwerk? 'Ik raak wel eens door mijn eigen woorden heen.'

Zit je als dominee in de kerk van een collega, hoor je uit zijn mond een preek die je kort daarvoor van iemand anders hoorde. Echt, exact hetzelfde betoog. Het overkwam Wilma Hartogsveld, predikant in de protestantse gemeente in Schaarsbergen. "Het was een preek die ik de week daarvoor op tv had gezien. Het was, geloof ik, een verhaal van de bekende prediker Henri Nouwen. Mijn collega hield precies hetzelfde verhaal, inclusief voorbeelden en expressie."

Uit niets maakten de kerkgangers op dat het werk van een ander van de kansel werd verkondigd. De predikant in kwestie leek het allemaal zelf te hebben bedacht. Hartogsveld: "Toen voelde ik me wel een beetje genept."

Als het goed zou zijn is de preek de glorie van de protestantse eredienst. Het is de kern van het ambt van dominee. Een kerkdienst staat of valt met het oratorisch talent van de predikant. Toch rammelt de preekvaardigheid van menig dominee, vindt hoogleraar theologie Henk van de Belt van de Rijksuniversiteit Groningen. Er zijn volgens hem te veel preken die met het nodige knip-, plak- en jatwerk in elkaar zijn gedraaid.

Ook Van de Belt had een gevalletje plagiaat aan de hand gehad. Diefstal, zo oordeelde hij: "Voorspelbaarheid en plagiaat zijn symptomen, niet alleen van luiheid, maar ook van geestelijke armoede, van onvermogen om de stem van God te horen." Zijn vermaning (zie kader) dateert weliswaar van twee weken geleden, maar de rust is allerminst weergekeerd in domineesland. Belangrijke vraag: hoe origineel moet een predikant zijn en hoe ver mag hij eigenlijk gaan in het overnemen van andermans werk?

Heel ver, vindt Matthijs Schuurman. De predikant in het Gelderse Oldebroek noemt het juist 'een enorme overschatting van jezelf' als een predikant denkt dat hij alles zelf kan verzinnen. "Waarom zou je geen materiaal van anderen mogen overnemen? Zo origineel zijn wij niet. Laat ik het bij mezelf houden. Met alle rouw- en trouwdiensten erbij maak ik zo'n tachtig meditaties en preken per jaar. Ja, dan raak je wel eens door je woorden heen."

Leerzaam
Volgens Schuurman is het daarom juist leerzaam om bij anderen te rade te gaan. "Ik ben ook organist. Juist door anderen na te spelen leer je uiteindelijk zelf improviseren op het instrument. Zo is het ook met preken. Het gaat erom dat je een goed verhaal hebt. Niet dat je alles zelf bedenkt."

Ook Wilma Hartogsveld meent dat het geen kwaad kan om te teren op de inspiratie van een collega. "Ik gebruik wel eens een bruggetje, gedachte of een voorbeeldje van een collega. Dat noem ik echt niet iedere keer in de preek. Het moet wel prettig zijn om naar te luisteren, voetnoten helpen daar niet bij."

Schuurman: "Ik verwerk zelf wel eens materiaal van Van Ruler en Van de Beek (twee hervormde theologen, red) in mijn preek. Ik noem die namen dan niet omdat het volgens mij niet zo veel toevoegt. Veel gemeenteleden weten niet eens wie Van Ruler en Van de Beek zijn."

Toch zijn er grenzen, vindt Hartogsveld, die naast gemeentepredikant ook voorzitter is van 'predikantenbeweging' Op Goed Gerucht, een club voor progressieve voorgangers in de protestantse kerk. "Neem ik een voorbeeld of een exegetische vondst van iemand over, dan vermeld ik de bron niet. Neem ik een leuk verhaal over, dan doe ik dat wel."

Hoe voorkom je als predikant dat je op zaterdagavond, vlak voor de deadline, uit pure armoede toch maar een preek downloadt van internet?

Het idee alleen al is Hester Smits, predikant in het Noord-Hollandse Wognum, de eer te na. "Preken is toch je core business als predikant?" roept ze uit. "Het schrijven van een preek is een voorrecht!" Om niet in tijdnood te komen, begint ze al op vroeg in de week aan haar kanselrede. "Op maandag leg ik de bijbeltekst die voor komende zondag op het rooster staat bij mezelf in de week. Met die tekst in het achterhoofd ga ik bij mensen op bezoek, lees ik boeken en kijk ik tv." Pas na een paar dagen, meestal de donderdagmiddag, schrijft ze daadwerkelijk haar preek. "Ik heb die tijd nodig omdat ik vind dat de tekst echt door je heen moet zijn gegaan."

Een preek schrijven mag dan doorgaans fijn werk zijn, zegt ook Hartogsveld, toch vergaat haar soms de lust als ze wéér - ze is dertien jaar predikant - dezelfde onderwerpen op het leesrooster ziet staan. "Ik zie mezelf als een echte preektijger. Maar soms moet ik wel even slikken als ik weer het verhaal van de Barmhartige Samaritaan zie staan. Het is zo bekend dat je bijna zou zeggen tegen de hoorders: 'Ga heen en doe alzo'. Bij zo'n tekst ga je eerder te rade in boeken en werken van collega's, juist omdat je je gehoor wilt verrassen."

Google
Ook bij Smits komt de inspiratie voor een preek niet altijd vanzelf, erkent ze. "Ik kijk ook wel eens op internet naar wat collega's ervan hebben gemaakt. Gewoon, door de bijbeltekst in Google in te voeren."

Hier en daar lenen van collega, lijkt de consensus onder Smits, Hartogsveld en Schuurman, is niet erg. Maar wat zouden ze ervan vinden als hún preken worden gebruikt door anderen? Geen enkel probleem, zeggen ze alledrie. Smits, wier preken in diverse prekenbundels zijn opgenomen: "Ik vind het juist een eer als ik te horen krijg als mijn preek is gebruikt."

Het schrijven van een preek is niet altijd gesneden koek. Uit pure armoede wordt vlak voor de deadline weleens een preek van internet geplukt.

Predikanten downloaden of kopiëren soms grote delen van hun preken van het internet. Dat zei theoloog en bijzonder hoogleraar gereformeerde godgeleerdheid Henk van den Belt onlangs op de Haamstedeconferentie in Elspeet, een jaarlijkse bijeenkomst voor predikanten, theologiestudenten en godsdienstdocenten. "Ik hoorde onlangs dat in een gemeente kort na elkaar dezelfde preek werd gehouden. Niet door een ouderling die zich bij het preeklezen vergiste, maar door twee predikanten die dezelfde preek van internet hadden gedownload", zo zei hij. "Ik weet dat tijdnood je wanhopig kan maken. Ik weet dat de leegte in je hart het je soms zelfs onmogelijk maakt om een tekst te vinden. Ik weet wat het is om tot in de zaterdagnacht met een hart vol zelfverwijt te zwoegen en te worstelen en dan vaak op zondagmorgen onverdiend verrast te worden". Hoewel er nog nooit onderzoek is gedaan naar de specifieke omvang van het verschijnsel, zorgt zijn mededeling voor veel ophef onder predikanten.

Nico ter Linden is niet meer populair
Predikanten gebruiken dikwijls dezelfde stilistische trucs om hun preek te kruiden, zegt Ciska Stark die onderzoeker is en docent homiletiek (preekkunde) aan de Protestantse Theologische Universiteit (PThU). "In een gebed hoor je bijvoorbeeld vaak een drieslag: 'O God, wilt u zijn bij de zieken, rouwenden en hen die iemand missen'". "Ook spreken predikanten de hoorder vaak aan met 'wij'. Dit om een gemeenschappelijk perspectief te schetsen. En vergeet de retorische vraag niet: 'Heeft u dat ook wel eens?'"

'Leegte in je hart'
Predikanten mogen dan beschikken over vast repertoire aan stijlmiddelen, Stark ziet wel degelijk verschillende modes van vertellen onder predikanten. Zo was zo'n tien jaar geleden de boekenserie 'Het verhaal gaat' van de Amsterdamse predikant Nico ter Linden populair bij veel predikanten. In de zesdelige serie, die tot 2003 verscheen, vertelt hij op een sterk verhalende manier bijbelverhalen na. Stark: "Zijn populariteit is nu wel voorbij. De narratieve manier van preken heeft zich niet doorgezet. Deel je ze in een genre in, dan zijn de meeste preken die ik tegenkom nog steeds betogend." Het citeren van beroemde theologen is sowieso passé, aldus Stark."Veel kerkgangers weten niet meer wie dat zijn. Hun gezag is afgenomen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden