Knipoog naar beproefd genre Vloekend en drinkend jagen ridders van het vrije woord op primeur 'THE PAPER'

In 12 bioscopen.

HANS KROON

Kranten en zij die ze vol schrijven, boden en bieden genoeg actie en drama om een filmgenre op te leveren. Een genre met, zoals dat hoort, zijn eigen wetten. Zo bevat een beetje journalistenfilm een spannende jacht op een belangrijke scoop, die in een race tegen de onverbiddelijke deadline op het laatste moment ('Stop de persen!!!!') op de voorpagina terechtkomt.

Wie zich anno 1994 aan een krantenfilm waagt, loopt door dit alles het gevaar zich op plat getreden wegen te begeven. In 'The Paper' weet regisseur Ron Howard die gelukkig te vermijden. Niet zo verwonderlijk eigenlijk, want deze gedegen vakman maakte enkele van de aardigste Hollywood-hits van de laatste tien jaar: 'Splash', 'Cocoon', 'Parenthood' en 'Backdraft'.

De jacht op de scoop (twee zwarte jongens die een mafia-moord in de schoenen geschoven krijgen) en de race tegen de deadline zijn in 'The Paper' niet meer dan schalkse knipoogjes naar het beproefde genre. Het dollen bereikt een hoogtepunt wanneer journalist Michael Keaton - zich ten volle bewust van het cliché dat hij uitkraamt - giechelend het commando 'Stop de persen!' geeft.

Bij Howard ligt de nadruk op de journalisten zelf, in het bijzonder op de wijze waarop zij zich in de rat race handhaven. Het beeld dat hij van hen geeft, is weinig verheffend. Waarheidsgetrouw of niet, Howards journalisten zijn niet langer de nobele ridders van het vrije woord die ze in vroegere krantenfilms vaak nog wel waren. Zijn dames en heren vloeken, roken en zuipen er lustig op los, gaan over lijken om hun doel te bereiken, draaien hun hand niet om voor corrupte handelingen, verwaarlozen hun gezin en leven ver boven hun stand.

Drie van deze opgefokte wezens neemt Howard wat nader onder de loep. De cynische hoofdredacteur Robert Duvall heeft net gehoord dat hij prostaatkanker heeft en betreurt dat hij geen contact meer heeft met zijn dochter. De berekenende adjunct-hoofdredacteur Glenn Close werkt zich in de financiële nesten door deel te nemen aan het leven van de high-society. En sterverslaggever Michael Keaton heeft uitsluitend oog voor zijn scoop en verwaarloost zijn vrouw (Marisa Tomei) die elk ogenblik kan bevallen.

Tot ver over de helft is 'The Paper' een verrukkelijke film. De camera zwerft onrustig door de kantoren van een Newyorkse sensatie-krant en zoomt nieuwsgierig in op de ene na de andere opgefokte figuur of verhitte discussie. De wisecracks vliegen je om de oren; het acteren is tot in de kleinste rolletjes perfect. Het lijkt wel alsof Howard in de leer ging bij Robert Altman en hem naar de kroon wilde steken met net zo'n kaleidoscopische en zinderende film als 'Short cuts'.

Maar op een kwaad moment verandert 'The Paper' opeens in een zogenaamde feel good movie. Zich in de gekste scenario-bochten wringend, werkt Howard toe naar het in een grote Hollywoodfilm onvermijdelijke happy end. Alle journalisten komen tot inkeer en beteren hun leven. Allemaal beseffen ze tenslotte dat ze bij de krant slechts de waan van de dag najagen en dat de essentie van het leven besloten ligt in de spreuk 'eigen haard is goud waard'.

Gedreven en cynische journalisten die veranderen in brave huismussen: in het kader van het happy end is alles, zelfs het onzinnigste, mogelijk.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden