Review

Knappe songcyclus van Talma als soundtrack bij stomme film

Een koffer met bungelende handboeien eraan, op straat gevallen foto’s die bijeen worden gegrist, een man die naar een hotelkamer vlucht maar zich daar geen raad weet met zichzelf. Het is het begin van de muziekfilm ’Tamango’ over de tragische liefde van The Tourist en Jackie Hall.

Zij is met een scheermesje van vijfenzestig cent uit het leven gestapt en wordt vandaag begraven. Hij verzacht de pijn met whisky en pillen, terwijl herinneringen hem lastigvallen als demonen. Een callgirl moet zijn verloren Jackie vervangen, maar dat is net zo’n illusie als zijn uitgeschreeuwde verlangen om niet door te slaan, later in het nummer ’I Do Not Crack’. Cello, viool, piano en vooral de berustende zangstemmen stralen in het openingsstuk ’Jackie’s Gone’ de onontkoombaarheid van de trieste afloop. ’We’re all dark shadows among darker shadows’, klinkt het als The Tourist de begraafplaats bezoekt. Het regent ook nog.

Meindert Talma componeerde deze knappe songcyclus voor de locatievoorstelling ’Wall House #2’ die in 2006 op het Noorderzonfestival te zien was. Omdat zangers Jurgen Veenstra en Klaske Oenema bij die optredens zo goed uit de verf kwamen, namen ze ook de studio-opnames op zich. Talma speelt toetsen.

De muziek is de soundtrack bij de film waarin amper wordt gesproken. Maar meer nog is de film een associatieve begeleiding bij de songs die een stevige ruggegraat vormen en het ook prima zonder beeld redden.

’Tamango’ is een flinke stap verwijderd van het vervreemdend realisme van Talma’s oudere werk, dat over Ome Hajo, het Frieze landschap, of desnoods de muzikale fruitmand ging, en twee stappen van zijn vorige album ’Nu geloof ik wat er in de Bijbel staat’, waarvoor hij Amerikaanse traditionals vertaalde en heel basaal vertolkte: zang en harmonium. ’Tamango’ is als droomachtige fictie, gevangen in mooie melodieën, door een componist die best zonder het vangnet van de ironie durft.

In de door René Duursma geregisseerde en gemonteerde film, worden de spokende herinneringen uitgedrukt in oude zachtkleurige super-8-beelden van de Groningse kunstenaar Michael Hall, wiens films in de jaren negentig op Noorderzon en op de Parade werden vertoond. Hall en zijn ex-geliefde Anoeska figureerden zelf in die reisfilms, waardoor zij nu vanzelf de hoofdpersonages in gelukkiger tijden belichamen. Hall speelt ook de Tourist in het nu, wat de tijdssprongen geloofwaardig maakt. De nieuwe beelden, gemaakt in die hotelkamer en bij de begraafplaats, verliezen overigens wel eens aan kracht als emoties te letterlijk worden gespeeld. Wanhoop, dat is ijsberen, handen in het haar, drinken, op bed vallen, ijsberen, enz.

Het verleden van The Tourist en de eerste ontmoeting wordt in songs aangestipt. Veel bochtiger is het verhaal niet, maar dat gold ook voor Lou Reeds ’Berlin’, een project waarmee ’Tamango’ zich best laat vergelijken, ook in muzikale sfeer, en dat even recht op de ondergang afging. Vandaag staat ’Tamango’ op Oerol. (HN)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden