Lauran Schoone in het Vlasserij- en Suikermuseum in Klundert.

Mooiste NederlandKlundert

Klundert: terug naar de suikerbieten- en vlasteelt

Lauran Schoone in het Vlasserij- en Suikermuseum in Klundert.Beeld Johan Nebbeling

Vlas en suikerbieten bepaalden ooit het landschap van West-Brabant. De suiker- en vlasmannen houden in het Vlasserij- en Suikermuseum in Klundert de herinnering levend. 

In de winter van het laatste oorlogsjaar dreigde het pasgeboren neefje van Arie Remus (79) het loodje te leggen. Arie’s moeder reisde, dwars door oorlogsgebied, met een puntzakje suiker van Goeree-Overflakkee naar Den Haag en redde daarmee het leven van de zuigeling. “Hij leeft nu nog”, zegt Remus. Wat hem betreft geen kwaad woord over de zoetstof die inmiddels in zo’n ongezond daglicht staat.

Niks mis met suiker, vindt ook de rest van het gezelschap aan tafel in het Vlasserij- en Suikermuseum in Klundert. “Het lijkt tegenwoordig wel of het vergif is”, moppert Bart Gijzen (69). “Al moet je er natuurlijk nooit te veel van nemen”, vult zijn kompaan Gerrit de Gast (66) aan.” “Te veel is nooit goed”, rondt Remus de discussie af

Suikermannen zijn het, daar in het kleine, volledig op vrijwilligers draaiende museum. Tientallen jaren werkten ze in een van de vele suikerfabrieken in de regio. De suikercampagne– het oogsten en verwerken van suikerbieten– vond plaats tussen september en januari. De rest van het jaar pleegden ze onderhoud aan de machines en gebouwen.

Schaalmodel suikerbietenaanvoer uit het Vlasserij- en Suikermuseum.Beeld Johan Nebbeling

Het Nationaal Vlasserij- en Suikermuseum, dat sinds 2002 is gevestigd in een boerenschuur, brengt de geschiedenis van de suikerbieten- en vlasteelt over het voetlicht. Met foto’s, documenten, halffabricaten en historische gereedschappen uit de tijd dat de teelt en verwerking van beide producten nog grotendeels handwerk was.

“We zagen het echt als onze fabriek”, zegt Gijzen. “Altijd probeerden we de hoogste productie van alle suikerfabrieken te halen.” Nu resteert nog één grote suikerfabriek, in Dinteloord. “De efficiëntste ter wereld”, zegt Remus. In zijn stem klinkt trots door.

Loodzwaar werk

Alleen Lauran Schoone (72) is een echte vlasjongen. “Mijn vader zat in het vlas en ik moest al jong meewerken.” In zijn jeugd waren hele gezinnen betrokken bij het loodzware werk van zaaien, oogsten, vervoeren, repelen, hekelen, roten en zwingelen van vlas, de grondstof van linnen, lijnzaad en lijnolie. Zwart-wit foto’s aan de wanden van het museum tonen de arme sloebers die met dit beulswerk een karige boterham verdienden.

In latere jaren werd het bewerken steeds verder gemechaniseerd en verrezen in het gebied tientallen roterijen, waar vlas te weken lag in warm water tot de vlasvezel, waar het allemaal om te doen was, makkelijk uit de stengel kon worden gehaald. Dit vlaslint werd elders gesponnen en geweven. Van die roterijen resteert er niet een meer; ze veroorzaakten te veel milieuvervuiling en moesten in de jaren zestig sluiten. De vestiging van grote industrieën bij Moerdijk kort daarna was de nekslag van de eeuwenlange vlasteelt hier. De suikerbietenteelt is nog steeds van groot belang voor de regio.

Vrijwilligers van het Vlas- en Suikermuseum.Beeld Johan Nebbeling

“Kijk”, zegt Wim Dekker (71) ‘clusterhoofd’ suiker van het museum en als oud-politieman een beetje een vreemde eend in deze bijt van ervaringsdeskundigen. “Met deze steker werden de suikerbieten handmatig uit de grond gehaald. Zie je dat etiketje? Dat is nog van de Marshallhulp die Europa na de oorlog kreeg van Amerika.”

Het zware handwerk werd geleidelijk machinewerk. Eerst mechanisch, later bijna geheel geauto- matiseerd. Waren vroeger honderden mensen nodig om suikerbieten te oogsten, nu doet een machine met één bestuurder hetzelfde werk. In de suikerfabriek in Dinteloord werken nog 240 mensen, in de vroegere suikerfabrieken duizenden.

Dekker: “Om te kunnen blijven concurreren met het buitenland, moest er steeds efficiënter gewerkt worden. Ook de suikerbiet zelf is veranderd. Door veredeling is het suikergehalte in een biet opgelopen van 3 tot 20 procent.”

Zelfgemaakte schaalmodellen

De grote trots van het museum zijn de schaalmodellen, eigenhandig gebouwd door Gijzen, Remus en De Gast. Vijf jaar werk zit er in het nauwgezet nagemaakte model van een suikerfabriek uit de jaren zestig. Met een druk op de knop zet Gijzen het mechanisme in werking. Alles beweegt en draait, zodat de bezoeker een goed beeld krijgt van het productieproces.

Op zolder staat een schaalmodel in aanbouw van een pulpdrogerij. Daar zit al drie jaar werk in en het model is nog lang niet klaar. Arie Remus: “Het scheelt wel dat we nu iemand hebben met een 3D-printer. Die print in een half uur onderdelen waar ik vroeger een maand aan werkte.”

Op de vlasafdeling van het museum, het domein van Lauran Schoone, ruikt het naar lijnzaad en lijnolie. De oude werktuigen en halfproducten tonen hoe arbeidsintensief en complex het proces was waarmee vezels werden gewonnen uit de vlasstengels. Machines namen ook hier het proces over, maar veel bleef handwerk. Handwerk dat Lauran Schoone nog niet is verleerd. Wie hem aan het werk wil zien, moet niet te lang wachten. Schoone is de jongste niet meer en jongeren hebben geen interesse in het oude vlasambacht. “Na mij houdt het op”, constateert hij. Het klinkt gelaten.

Praktisch

Het Vlasserij en Suikermuseum is gevestigd aan de Stoofdijk 1a in Klundert. Het museum is zowel voor groepen als voor individuele bezoekers toegankelijk. 

Voor actuele openingstijden, prijzen en arrangementen zie: vlasserij-suikermuseum.nl

Voor Het mooiste Nederland probeert de redactie van Trouw de mooiste fiets- en wandelroutes door Nederland uit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden