’Kloof tussen CDA-achterban en partijbestuur is te groot’

De commissie-Frissen die de CDA-verkiezingsnederlaag van 9 juni onderzocht, wil directe verkiezingen van kandidaat-Kamerleden door voorverkiezingen in partijafdelingen te houden. Zo zou een betere band ontstaan tussen achterbannen en Kamerleden.

Dat idee komt van het CDJA, de jongerenbeweging van het CDA. Voorzitter Jeroen van Velzen is blij dat de commissie het voorstel overnam: „Er is in de partij altijd veel discussie over regionale spreiding van Kamerleden en vertegenwoordiging van achterbannen. Een regionaal Kamerlid vertegenwoordigt niet noodzakelijkerwijs een achterban, zoals iedereen zou denken.”

„Het partijbestuur heeft een flinke vinger in de pap. Als partijafdelingen kandidaten rechtstreeks op de lijst kunnen zetten, moeten de kandidaten in de eerste plaats campagnevoeren in die afdeling of die regio. Leden voelen zich daardoor echt vertegenwoordigd. Een voordeel is dat het in alle openheid gebeurt, terwijl kandidaatstelling nu vaak een ondoorzichtig proces is.”

Krijgt het partijbestuur minder invloed op de kandidaatstelling?

„Inderdaad. Ik kan me voorstellen dat het partijbestuur voor de helft van de lijst kandidaten kan aanwijzen – erkende specialisten en diverse ’onmisbaren’ – en de partijafdelingen middels voorverkiezingen de andere helft. Kandidaten weten dat ze voor hun doen en laten verantwoording in de regio’s moeten afleggen. Zo leren ze naar beneden te kijken en niet naar boven, naar het partijbestuur. Dat gebeurt nu te veel. De afhankelijk is te groot.”

Bent u niet bang dat u daarmee populisten in huis haalt?

„Nee, kandidaten die nu veel voorkeursstemmen krijgen zijn ook geen populisten. Iemand met een goed profiel en een goed verhaal wint.”

Het rapport constateert dat door het ontbreken van tegenmacht de partijleiding opereerde in geslotenheid en eenzijdigheid. Deelt u die opvatting?

„Wij hebben er in ons rapport ook op gewezen. Je zag al bij de regeringsploeg van 2007 dat Balkenende alleen medestanders om zich heen verzamelde. De directeur van het wetenschappelijk instituut, Ab Klink, en de partijvoorzitter, Marja van Bijsterveldt, vertrokken naar het kabinet. Pieter van Geel werd alleen uit plichtsbesef fractievoorzitter. Het zat scheef, er was nauwelijks tegenmacht. Dat zie je bij de huidige CDA-ploeg weer. Medestanders gaan mee naar het kabinet, zoals Henk Bleker, de interim-voorzitter, en Hans Hillen. Ongetwijfeld mensen met kwaliteiten maar het riekt naar beloning voor bewezen diensten.”

Hoe moet het anders?

„Heel praktisch: waarom is er een wekelijks bewindsliedenoverleg, waar de voorzitter van de partij, de fractievoorzitters van de Eerste en Tweede Kamer, het Europees Parlement en de ministers bij elkaar zitten? Als je in het systeem zit, kun je geen nee meer zeggen. Dat moet stoppen. Iedereen heeft zijn eigen verantwoordelijkheid. Het is maar een voorbeeld. De partij heeft nog een lange weg te gaan.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden