Klinische blik in spraakmakende zaken

De moordenaar van het Drentse meisje Suzanne Wisman hoort vandaag zijn straf in hoger beroep. Het is slechts een van de misdadigers die de Groningse psychiater Ben Takkenkamp in de ogen keek.

Drie homo’s die vastzitten omdat ze anderen anderen bewust met hiv zouden hebben besmet, een meisje dat opbiecht haar vriendje van de Martinitoren te hebben geduwd maar dat later weer ontkent, een ploert die een twaalfjarige ontvoert, verkracht en tweemaal overrijdt met zijn camper. De knaap van twintig die is opgepakt voor bijna twintig branden in ’t Zandt. Het noorden des lands heeft over spraakmakende strafzaken niet te klagen.

De Groninger Ben Takkenkamp (46) kreeg alle verdachten in zijn spreekkamer. Takkenkamp is psychiater bij het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP), waar ook het Pieter Baan Centrum onderdeel van is.

Voor het NIFP screent hij noordelijke verdachten op verzoek van de rechter. Heeft de verdachte een stoornis? Is hij of zij detentiegeschikt? Takkenkamp maakt voor justitie ook uitgebreidere rapporten, binnen zijn eigen praktijk.

Over Henk van D., die het Drentse meisje Suzanne Wisman op gruwelijke wijze doodde, schreef Takkenkamp 22 pagina’s, ter gelegenheid van het hoger beroep. Daarin wordt vandaag vonnis gewezen.

Regelmatig wordt de psychiater door rechter of officier van justitie opgetrommeld om vragen te beantwoorden in de rechtszaal. Maar daarbuiten praat Takkenkamp niet over zijn patiënten. Beroepsgeheim.

Hij bestrijdt dat zijn bemoeienis, via vastgestelde ongelukkige jeugd of persoonlijkheidsproblemen, steevast tot strafvermindering leidt. De tijd van een slechte jeugd als verzachtende omstandigheid is volgens hem voorbij. „We kijken veel meer naar harde psychiatrische stoornissen. En het is zeker niet zo dat een eventuele stoornis altijd onderliggend aan het delict is. Het kan dat iemand die psychotisch is en stemmen hoort zijn buurman berooft en vermoordt onder invloed van die stemmen. Maar evengoed kan het zijn dat de stemmen er helemaal niks mee te maken hebben.”

In zijn vijftienjarige loopbaan als forensisch psychiater, zag hij duizenden verdachten. Want ook bij kruimeldieven en kleine draaideurcriminelen mag hij regelmatig een kijkje in het hoofd nemen.

„Eerlijk zijn”, zegt hij op de vraag hoe hij de doelgroep benadert.

„Als je spelletjes speelt ben je meteen onbetrouwbaar.” Of de man of vrouw voor zijn neus iets wel of niet gedaan heeft, weet hij niet altijd zeker. Voor de kwaliteit van zijn rapportages maakt dat naar zijn zeggen niet uit. „Het is aan de rechtbank om te beoordelen of iemand schuldig is, niet aan de psychiater.”

Regelmatig moet hij uitleggen wat een psychiater eigenlijk is. Dan gebruikt hij computermetaforen.

„De meeste mensen hebben wel verstand van computers. Ik zeg dat ik ga over wat er op iemands harde schijf staat.” Takkenkamp stelt diagnoses, maar behandelt nauwelijks. Hooguit schrijft hij medicatie voor bij aanvallen van het een of ander. Verdachten drukt hij op het hart dat ze niet hoeven mee te werken aan zijn onderzoek.

„Maar meestal praten ze wel met mij. Als ze niks zeggen, is dat meestal op advies van hun advocaat. Die schat dan in dat de kans op tbs daar kleiner van wordt.”

Ook zonder psychiatrisch rapport kan een rechter een veroordeelde naar een tbs-kliniek sturen. „Maar in de praktijk gebeurt het dan minder snel. Iemand riskeert dan wel een hogere celstraf. Dat is een afweging die advocaten maken.”

Van Henk van D. las en bekeek Takkenkamp alle verklaringen. Stapels papier en videobanden. Maar het stellen van een diagnose is ook mogelijk zonder al die informatie te verstouwen. Kijken naar een verdachte zegt vaak al genoeg. Zweterigheid, constant zitten plukken en de stand van de ogen verraden iemands geestesgesteldheid. „Na zoveel gevallen herken ik dingen wel met mijn klinische blik.” Als het even kan, laat hij verdachten bij de eerste ontmoeting voor zich uitlopen, van de cel naar de spreekkamer. „Dan zie ik meteen hoe ze bewegen. Als mensen bijvoorbeeld een breed gangspoor hebben, wijst dat vaak op ontwenningsverschijnselen van alcohol. Ik schat dat in de helft van de zaken alcohol en drugs meespelen.”

Veel tijd heeft Takkenkamp niet nodig. Het languit op een divan leggen van een verdachte is er zeker niet bij. Een screening duurt doorgaans een half uurtje, voor nader onderzoek heeft de psychiater aan twee ontmoetingen genoeg. „Het is niet zoveel anders als bij een gewone dokter.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden