Klimmen in Jutland

Of de Denen kunnen voetballen, zal vanavond blijken. Bij het wielrennen steken ze ons al jaren naar de kroon. Geen wonder, het Deense landschap is gemaakt voor de fiets.

TEKST ONNO HAVERMANS

Eerst maar dat misverstand wegwerken: Denemarken is niet vlak. Het landschap van Jutland doet eerder denken aan de Vlaamse Ardennen of Noord-Frankrijk dan aan de grazige weiden die we vanaf eigen streken tot hoog in Duitsland aan het treinraam voorbij zagen schieten. Pittig is het soms.

Fietsen in Denemarken, hoe kom je erop? Nou ja, vrij eenvoudig. We volgen het spoor van de Giro d'Italia, die dit jaar het noordelijkste vertrekpunt in zijn 95-jarige geschiedenis koos. De Italiaanse ronde begon op 5 mei in Herning, de handelsstad waar eenmalig Tour de France-winnaar en dopingzondaar Bjarne Riis werd geboren. Als ploegleider van Team Saxo Bank geniet Riis - inmiddels fel anti-doping - veel waardering in het internationale wielercircus, vandaar. Bovendien levert zo'n uitstapje naar een ander wielergek land flink wat sponsorgeld op; nog maar twee jaar geleden trok de Giro daarom ook drie dagen door Nederland.

Wij hebben niet voor Herning gekozen, maar voor Horsens, een stadje aan de gelijknamige fjord, dat een reputatie geniet als podium voor bekende popartiesten (zoiets als Landgraaf dus, of Biddinghuizen) en dat op 7 mei start- en finishplaats was van de derde etappe. Het was echt een feestje voor de streek, vertelt Dorte Dejbjerg Arens van het toerismebureau in Odder. Een jongen uit de streek, Mads Christensen uit Aarhus, zat in de kopgroep toen de renners door Odder reden. "Hij had beloofd zijn ouders te begroeten, maar dat kwam er door die kopgroep natuurlijk niet van. Zijn vader moest wel vele handen schudden. Er waren honderdduizend toeschouwers op de been, terwijl de hele gemeente maar 26 duizend inwoners telt."

Wij fietsen bijna de helft van de derde Giro-etappe, op gewone toerfietsen met beperkte versnelling en over minder brede wegen. Onze route voert langs gele koolzaadvelden, akkers vol gerst en nog heel jonge mais. Het wegdek is meestal verhard, soms ook zanderig vol los gesteente en met een lichte glooiing. Het koele voorjaar is ook hier pardoes omgeslagen en de Denen zijn als veulens zo blij: zomer in mei is voor Denemarken hoogst ongebruikelijk.

Na aankomst in Odder neemt Dorte ons met de auto mee terug naar het eiland Alro, middenin Fjord Horsens. Daar zijn we 's middags langs gereden, maar we waren te vroeg voor het fietspontje dat hier in de zomer vaart (vijf passagiers per keer); dat zou ons een flink stuk hebben gescheeld. Café Alro, drie jaar geleden door twee ondernemende dames opgebouwd in een oude boerderij, serveert grootmoeders pastei met asperge-kipvulling. Er komen oudere Denen uit het hele land op af. Het smulrecord staat op vier pasteitjes. Wij beperken ons tot net geen twee.

Grootmoeders pastei blijkt goede kost voor de benen als we de volgende dag dwars door het Merengebied van Midden-Jutland fietsen, van Odder naar Silkeborg, over een van de drie hoogste toppen van Denemarken. De Himmelbjerg (147 meter) klinkt imposant en de weg er naar toe is overweldigend mooi, maar het serieuze klimmen waarop we ons hadden voorbereid blijkt reuze mee te vallen. Net als we nog eens willen aanzetten, hebben we de top al bereikt. Het uitzicht bij de toren die herinnert aan Frederik VII, de koning die in 1849 van Denemarken een constitutionele democratie maakte, is magnifiek. Dan zoeven we naar beneden, richting Silkeborg, en blijkt de berg toch best hoog. Een dag later verlaten we de Giroroute en rijden naar de fraaigelegen oude Vikingenstad Viborg.

De Heerweg (Haervejen) voert vanuit Viborg naar de Duitse grens. Het zijn in feite vele wegen (vej betekent weg), waarlangs soldaten, marskramers, veedrijvers en pelgrims van noord naar zuid trokken. Of omgekeerd. Een deel leent zich uitstekend voor fietsen. We rijden door bos en over heide, zien schapen en koeien, passeren een tractor, een visvijver, soms een meer, dikwijls een dorp waaruit alle leven verdwenen lijkt. Veel meer nog dan in de Nederlandse streken waarover Trouw prijswinnend schreef, is de ontvolking van het platteland in Midden-Jutland voelbaar. We missen het café met koffie op het terras.

Mooi aan de Heerweg is dat ons veel ander verkeer bespaard blijft. Nou ja, tot we Brande naderen, vanwaar we de volgende dag onze vijfde en laatste etappe beginnen, terug naar Horsens. De laatste drie, vier kilometer moeten we het zonder fietspad stellen en rijden we achter elkaar over de witte lijn langs een autoweg waarover de vroege avondspits voortjakkert. Aan de overkant peddelt een tegenligger doodgemoedereerd voort. Heel gewoon blijkbaar, fietsen langs de snelweg, maar veilig voelt het niet. Ach, los hiervan is fietsen in Denemarken goed te doen en vaak heel aangenaam.

Deense fietsroutes
Denemarken is iets groter dan Nederland (43.094 om 41.526 km²) en heeft een derde van ons aantal inwoners (5,5 om 16,7 miljoen). Het is dan ook veel minder ingericht en volgebouwd. Het land is aan vrijwel alle kanten omgeven door water: de Noordzee aan het westen, de Oostzee in het oosten, alleen het zuiden van Jutland grenst aan land de Duitse deelstaat Sleeswijk-Holstein.

Op het schiereiland Jutland zijn honderden fietsroutes uitgezet, variërend van enkele tientallen kilometers tot doorgaande routes van honderden kilometers. De routes zijn goed aangegeven. Wel is het verstandig om Deens te denken, dus voldoende eten en drinken voor onderweg mee te nemen, net als kleding voor minder mooi weer en een reparatiesetje voor een lekke band of pech onderweg. www.visitdenmark.nl/fietsen

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden