Klimaat voor bedrijven op Cuba nauwelijks verbeterd

Wat kwam er terecht van veelbelovende initiatieven? Tien jaar geleden werden ze aangekondigd. Deel 1 van een serie: geld verdienen op Cuba is moeilijker dan gedacht.

Zakendoen met Cuba leek een hoge vlucht te nemen. Maar dat bleek tegen te vallen. De VS zien streng toe op de boycot van het eiland.

ING is vertrokken. Advocatenkantoor Trenité van Doorne, inmiddels opgesplitst, heeft zijn biezen gepakt. En Golden Tulip hotels heeft geen vestiging meer op het eiland. Voor Nederlandse bedrijven blijft investeren op Cuba een riskante zaak.

Het had allemaal zo mooi kunnen worden. Tien jaar geleden dook een voorhoede van Nederlandse bedrijven op in Cuba. Ze zaten daar met het idee dat wie in Cuba op korte termijn geld wilde verdienen beter naar huis kon gaan. Een lange adem moest je hebben. „We zitten hier met een lange termijn visie”, sprak advocaat Jan Willem Bitter destijds als vennoot van Trenité van Doorne. De ’lange adem’ van Bitters kantoor bleek slechts twee jaar te duren. „Na de val van de Berlijnse muur was iedereen ervan overtuigd dat ook het regime op Cuba, toen in stand gehouden met Sovjet-steun, snel zou vallen. Die verandering bleef uit”, zegt Bitter, nu compagnon van advocatenkantoor Simmons en Simmons. „In 1997 werden we gevraagd door ING, die destijds een vestiging had op het eiland, haar van juridisch advies te dienen.” Het advocatenkantoor kon zich een bevoorrechte positie verschaffen en hoefde geen verplichte joint venture aan te gaan met een Cubaans bedrijf. „ We waren de eerste buitenlandse dienstverlener die vrij kon opereren op het eiland.”

„We hadden, naast ING, een grotere klantenkring, hoewel deze zich beperkte tot het midden- en kleinbedrijf. En dat waren over het algemeen toch de avonturiers, die niet zo’n solide basis hadden. Grote bedrijven zoals Unilever Suchel Lever, die destijds ook opereerde op Cuba, bleven liever onzichtbaar voor de buitenwereld. Hun activiteiten waren daarom beperkt.”

Het Cubaanse investeringsklimaat is sinds het moment dat Bitters kantoor het eiland verlaten heeft, nauwelijks verbeterd. Sterker nog het Amerikaanse handelsembargo, waarop onder president Bush zeer streng wordt toegezien, maakt het voor buitenlandse bedrijven niet makkelijk zaken te doen met het eiland. Zo vertrok ING –vanaf 1994 actief op het eiland– afgelopen jaar. De ING-dochter Netherlands Caribbean Bank (NCB), die op Cuba gevestigd was en voor 50 procent in handen van ING, werd door de Amerikaanse overheid in 2006 op de zwarte lijst gezet.

Een woordvoerder van ING ontkent echter dat de bank Cuba heeft verlaten vanwege Amerikaanse restricties. „Het heeft voornamelijk te maken met stijgende kosten. Zeker voor landen als Iran, Cuba en Noord-Korea moet je als bank aan allerlei regels voldoen. Het kost veel mankracht en geld om dat allemaal uit te zoeken.” Er was nog even sprake van dat Rabobank de nieuwe ING zou worden op het eiland, toen de bank begin dit jaar deelnam aan een handelsmissie waarin 23 Nederlandse bedrijven vertegenwoordigd waren. Maar ook Rabobank zag af van investeringen. Niet alleen Amerikaanse handelsrestricties maakt zakendoen op Cuba lastig. Buitenlandse investeerders moeten nog steeds verplicht een joint venture aangaan met een Cubaans bedrijf, allemaal in handen van de staat.

Toch ruiken sommige Nederlandse bedrijven kansen op Cuba, nu Raul Castro zijn broer Fidel heeft opgevolgd. „Onder Raul zien we piepkleine verbeteringen”, zegt Jan van Wissen van het Nederlands Centrum voor Handelsbevorderingen (NCH). Hij doelt op het prestatieloon dat onlangs is ingevoerd, waarbij gelijke betaling voor alle beroepsgroepen niet langer heilig is. Ook voert Raul landbouwhervormingen door. Boeren mogen zelf hun materialen aanschaffen om het land te bewerken en krijgen niet langer slechte spullen toegewezen van de staat.

Van Wissen: „Het is voornamelijk de landbouwsector waar voor bedrijven kansen liggen. Bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van agrotechnologie.” Toch stellen de hervormingen volgens Van Wissen, die schat dat tussen de vijftig en honderd Nederlandse bedrijven actief zijn op het eiland, relatief nog weinig voor. „De opbrengsten van de boeren gaan nog steeds naar de staat.”

Jeroen Ketting van het Nederlandse adviesbedrijf Lighthouse, gevestigd in Moskou, ziet net als Van Wissen veel kansen in agrotechnologie, net als in de bouw en de logistiek. Lighthouse werkt sinds een jaar samen met een Cubaans bedrijf en produceert zonnepanelen. Ook in de scheepvaart liggen volgens Van Wissen kansen voor Nederlandse ondernemingen. Scheepvaartmaatschappij Blue Carrier Line beaamt dat, maar is wel van mening dat zakendoen met Cuba veel geduld vereist. Het bedrijf, al vijftien jaar actief op het eiland, zegde vier jaar geleden de joint venture op vanwege onenigheid met aandeelhouders. Het opereert nu enkel nog vanuit andere Zuid-Amerikaanse landen.

Advocaat Bitter: „De veranderingen gaan drie stappen voor- en twee achteruit. Dat was tien jaar geleden een feit en dat is nog steeds zo.”

www.trouw.nl/10jaarnadato

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden