Kleutervoorstelling vol contrasten

Ernst Meisner heeft in zijn tijd bij het Engelse Royal Ballet regelmatig met kinderen gewerkt, soms wel met honderd tegelijk. Een ballet voor kinderen máken, was nieuw voor hem. Hij vond het knap moeilijk. "Toneel kan teruggrijpen op taal, waarmee direct reacties kunnen worden uitgelokt, zo van: 'kijk achter je!'. De voorstelling 'De kleine grote kist' is puur beweging, en dan ook nog eens volgens het idioom van het klassieke ballet. Dat is andere koek."

Op een zolderkamertje mijmert een meisje wat voor zich uit, leest in een boekje, maar op deze druilerige zondagmiddag wil niets leuk of spannend worden. Totdat er twee grappige figuurtjes uit een kist komen kruipen. Ze transformeren de kist tot een theatertje en brengen daarmee de fantasiewereld van het meisje, letterlijk, in beweging. Een eenvoudig verhaaltje, dat genoeg aanknopingspunten biedt om de voorstelling dynamisch te houden, vindt Meisner, sinds een jaar bij Het Nationale Ballet (HNB) in dienst. "Het verhaal is ondergeschikt aan de dans, maar moet wel te volgen zijn. Er zijn alledaagse bewegingen in verwerkt, zoals elkaar ontmoeten en handen schudden. Er wordt volop gedold in voor kleuters herkenbare situaties."

Ter voorbereiding liep Meisner mee met een kleuterklas, struinde YouTube af op kleutertheater en bekeek hij afleveringen van 'Sesamstraat'. Hij ervoer dat spanning voor kinderen vooral in contrasten ligt: goed en kwaad, mooi en lelijk, waarheid en fictie. Dat sluit volgens Meisner verrassend goed aan bij het klassieke ballet, de laatromantische kunstvorm waarin dergelijke tegenstellingen een grote rol spelen. "Denk alleen al aan de witte en zwarte zwanen uit 'Het Zwanenmeer'."

HNB had de nadrukkelijke wens om in deze eerste peutervoorstelling sinds zijn vijftigjarige bestaan, aansprekende hoogtepunten uit het HNB-repertoire te verwerken. En ook in die keuze werden contrasten bepalend: een bol mannetje uit Maguy Marins dikkerdjesballet 'Groosland', de gelaarsde kat en zijn witte poezenlief uit 'Sleeping Beauty' die elkaar 'kattig' het hof maken. Ook de variatie van de witte zwaan uit 'Zwanenmeer' wordt gedanst, maar hét balletkunstje, waarbij de prima ballerina 32 rondjes (fouettés) achter elkaar op het puntje van haar spitzen draait, liet Meisner weg. "Virtuositeit is niet aan kleuters besteed."

Het Muziektheater in Amsterdam doet veel om toekomstig publiek te genereren. Vorige week ging de kinderopera 'PoY!' van HNB's collega-huisgezelschap De Nederlandse Opera in première. Met 'De kleine grote kist' probeert HNB in samenwerking met de Muziektheatertak Educatie, Participatie, Programmering een eerste kennismaking met ballet te faciliteren. Artistiek directeur van HNB Ted Brandsen: "We organiseren reeds projecten voor het lager en middelbaar onderwijs, of maken een op jongeren gerichte remake van balletklassiekers. Mooi is dat we nu met deze productie alle fasen van de 'balletopvoeding' kunnen beslaan."

De directeur benadrukt dat HNB niet de ambitie heeft jeugddansgezelschap te worden. "Dat is niet onze taak. We voelen ons echter wél verantwoordelijk voor de toekomst van de kunstvorm, en daar hoort het warm laten lopen van nieuw publiek bij. We zien deze eerste kleutervoorstelling als een pilot, waarin we van alles kunnen uitproberen. Maar continuering ligt wel in de lijn der verwachting."

HNB verwacht daarmee niet een gezelschap als Introdans, met een speciale afdeling die is gericht op balletvoorstellingen voor de jeugd, in de wielen te rijden. "Bij Introdans zul je niet zo snel een spitzenvariatie voorbij zien komen." Bij HNB staat volgens Brandsen het overbrengen van de magie van het ballet centraal. "De klassieke wereld van tutu's en spitzen werkt betoverend op kinderen. Van daaruit wordt het enthousiasme verder aangewakkerd."

Voor Brandsen snijdt het mes met deze kleutervoorstelling aan twee kanten. Het helpt de dansers ook in het ontwikkelen van een open(er) vizier. "Deze tijd dwingt kunstenaars om zich in een maatschappelijke context te manifesteren. HNB wil dat zijn dansers betrokken zijn in het uitdragen van de kunstvorm ballet. Daarom is het noodzakelijk dat dansers op een andere manier in hun vak leren staan. Het is niet meer dat grote toneel met 'Zwanenmeer' alleen."

In Angelsaksische landen is het doodnormaal dat dansers meewerken aan activiteiten die zich buiten het 'grote toneel' afspelen: sponsoring, liefdadigheid. Brandsen: "Solisten worden daar door de gezelschappen de wijk ingestuurd om aan community art-projecten mee te werken. Choreografen eisen ook steeds vaker dat dansers méér kunnen dan het uitvoeren van het passenmateriaal alleen. Dansers moeten meedenken."

In die zin is 'De kleine grote kist' een pilot op meerdere fronten. Brandsen: "Je komt als ballerina niet bij HNB binnen om aan een kleutervoorstelling mee te doen. Tegelijk biedt zo'n productie een corps de balletdanser ook de kans een variatie te dansen die doorgaans alleen aan solisten is voorbehouden."

Choreograaf Ernst Meisner constateert dat hij niet met iedere willekeurige danser zou hebben kunnen werken. "Interactie met kinderen die primair reageren, een ballet dat bestaat uit van alles en nog wat? Nee, niet iedere danser vindt dat leuk."

'De kleine grote kist' van Het Nationale Ballet. Zaterdag 14 en zondag 15 mei, aanvang 13.00 en 15.00 uur. www.hetballet.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden