Klassiekers het domein van oude mannen

AMSTERDAM - Ludo Dierckxsens werd woensdag voor de start van Gent-Wevelgem benaderd door een hoogblonde Vlaamse madame. Of zij met hem op de foto mocht? Dierckxsens legde de brede lippen op zijn monnikengezicht in een blijmoedige plooi en keek in de lens. ,,Het is helaas alleen maar voor de foto'', verzuchtte hij quasi-teleurgesteld, toen hij de hooggehakte dame nakeek.

Dierckxsens is razend populair in België. Dat komt omdat hij eigenlijk te goed is voor de soms zo wrede wereld van de wielersport. Vaak, zoals zondag in de Ronde van Vlaanderen, had hij de beste benen van allemaal, op acht van de zestien hellingen kwam hij als eerste boven, maar toen in de finale nog een ploegmaat bij hem zat (Sciandri) voelde Dierckxsens zich geroepen om na een dag beuken ook nog eens de knecht te gaan spelen.

,,Misschien had ik het anders moeten doen'', zei hij later. Het kon hem niet zoveel schelen. De 'flandrien uit Kasterlee' had genoten, had ontelbare keren aangevallen en daarmee de mannen in zijn wiel laten kraken. ,,Ik heb een fantastische dag gehad.''

Voor de 99ste editie van Parijs-Roubaix van morgen behoort hij tot de topfavorieten. Dat heeft twee redenen. In de overlevingstocht in Noord-Frankrijk is taktiek, niet zijn sterkste kant, van ondergeschikt belang. Het is de eerlijkste klassieker van allemaal. Bovendien is Dierckxsens (36) een dikke dertiger en dat is volgens de statistieken een voorwaarde om in Roubaix überhaupt een kans te kunnen maken.

De klassiekers in de wielersport zijn het domein van oude mannen geworden. De top-tien van de Ronde van Vlaanderen was gemiddeld 32 jaar en 8 maanden oud. Dit jaar wonnen slechts dertigers grote koersen. Bartoli (30) sloeg toe in de Omloop Het Volk, de E3-Prijs was voor Tsjmil (38), Milaan-Sanremo voor Zabel (30) en zondag ging de Vlaamse wielerhoogmis naar de al vergeten Bortolami (32).

Cijfers schetsen een opvallende historische ontwikkeling. In 1966 lag de gemiddelde leeftijd van de winnaar van de acht bekendste wereldbekerklassiekers op 25 jaar en drie maanden. In het jaar 2000 was het gemiddelde over dezelfde koersen opgeschoven naar 30 jaar en negen maanden.

Als we alleen naar Parijs-Roubaix kijken is de tendens nog frappanter. Tussen 1971 en 1980 lag de gemiddelde leeftijd van de winnaar nog op 26 jaar en vier maanden. Een decennium later schoof dat op naar 28 jaar en acht maanden. En de afgelopen tien jaar was de laureaat op het antieke velodroom gemiddeld 32 jaar en twee maanden. De helletocht is een zaak van rijpe dertigers geworden.

Geert Leinders, ploegarts bij de Rabobank, ziet in de sterk verbeterde trainingstechnische begeleiding van de renners en een vermindering van het aantal koersdagen de belangrijkste oorzaken van de ontwikkeling. ,,Het lichaam is minder snel opgebrand. Vroeger reed Merckx soms wel 160 koersen per jaar, het gemiddelde lag al gauw op 120. Nu ligt dat op 100, terwijl onze renners er vaak niet meer dan 90 maken. Hoe minder het lichaam belast wordt, hoe meer ruimte er komt om heel specifiek te trainen. Vroeger was trainen een kwestie van fietsen, tegenwoordig wordt zeer gericht op intensiteit getraind.''

Wat Merckx ooit presteerde, als broekie van krap twintig bij de vleet klassiekers winnen, is niet meer mogelijk. Typisch is dat 'de Kannibaal' na zijn dertigste alleen nog Milaan-Sanremo als grote koers won. Insiders beweren dat het veelvuldig gebruik van het roesmiddel amfetamine in de jaren zestig en zeventig de renners roofbouw liet plegen op hun lichaam. Mogelijk dat ook het gebruik van andere middelen, aangereikt door de 'soigneur', een bijrommelende kwakzalver met poeders en pillen in de achterzak, een lange loopbaan voorkwam.

De laatste tien jaar heeft praktische elke ploeg een eigen arts in dienst. Die ziet toe op een betere medicatie en het gebruik van voedingssupplementen. Als een renner tekorten heeft aan ijzer, aminozuren of zouten wordt dat aangevuld waardoor het lichaam gezonder blijft. Leinders houdt zich op de vlakte: ,,Je kunt alleen concluderen dat de gezondheid van de renners is toegenomen. Of dat door de doktoren, de verbeterde dopingcontroles of door toegenomen gezond verstand bij de renners komt? Dat laat ik in het midden.''

Dat juist in de uitputtingsslag bij uitstek, Parijs-Roubaix, de ervaren rotten komen bovendrijven is niet verwonderlijk. Ze zijn vaak wat kilootjes zwaarder, wat bergop een nadeel is maar op de vlakke wegen met de gladde kasseien voor meer grip zorgt. Leinders wijst op nog een ander nadeel dat in Parijs-Roubaix wegvalt. ,,Met het klimmen der jaren gaat de explosiviteit van een renner achteruit. Zijn sprint raakt afgebot en in zijn demarrage zit minder venijn. Dat zijn zaken die je in Roubaix het minst van alle wedstrijden nodig hebt.''

Ploegleiders zijn geneigd het succes van de oude mannen in een veranderde mentaliteit te zoeken. Patrick Lefevere van Domo-Farm Frites: ,,De jeugd heeft minder eelt op hun gat. Kinderen worden in de watten gelegd, het duurt langer voordat ze hard worden voor zichzelf. Bij de scholen staan files van mama's die hun kroost met de auto komen halen. Vroeger moesten kinderen dertig kilometer fietsen. Als ze dan profrenner konden worden waren ze gebrand om te presteren. Dan hoefden ze niet de fabriek in. Tegenwoordig moeten ze eerst leren pijn lijden. Pas na jaren komen ze erachter hoeveel ze voor het vak van wielrenner over moeten hebben.''

Dierckxsens fietste tot zijn 29ste elke dag met een broodtrommeltje achterop naar de DAF-fabriek in Westerlo waar hij verfspuiter was. Toen hij op late leeftijd alsnog prof kon worden, besloot hij tegen de wens van zijn toenmalige vrouw in zijn baan op te geven. Hij wilde zijn hart volgen en had daar veel pijn voor over. Het is een mentale kwaliteit die op de kasseistroken naar Roubaix onontbeerlijk is. Ook Tsjmil (38), Tafi (34), Bortolami (32), Ballerini (36) en Museeuw (35) kunnen enorm afzien, geharde kerels die al veel stenen, stof en tranen hebben weggeslikt.

En de Nederlandse kasseispecialisten? Ze staan pas op de drempel van de dertig of zijn er net overheen. Leon van Bon (29), Servais Knaven (30), Tristan Hoffman (31) en Aart Vierhouten (31) onderschrijven steeds gretiger de stelregel dat in de Hel alleen de duvel oud is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden