Klarinettist Eddie Daniels op avontuur tussen klassiek en jazz

T/m 26 februari speelt Daniels verder met het Orlando Kwartet, het Osiris Trio en het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Informatie: 030-334344.

“Het was niet dat ik improviseerde”, verzekerde Daniels voorafgaande aan het optreden. “Daar kon Vonk, gezien mijn achtergrond, wel inkomen. Dat gebeurde immers in Mozarts tijd ook. Maar ik speelde een paar noten - waaronder één onvervalste bebopnoot - die er volgens hem niet bijhoorden. Hij vond het te modern. Ik ben het met Vonk eens dat een solist zich in zijn solo moet houden aan de tijdgeest van de te spelen muziek. Maar te ver ging ik echt niet. Ik vond het eigenlijk wel goed klinken.”

Dezelfde avond speelde Daniels in de grote zaal van het Muziekcentrum de solo-cadensen min of meer volgens de normen van de minzaam glimlachende dirigent. Hoewel de klarinettist licht swingend op het podium staat en zijn spel beslist een zekere losheid heeft, klinkt zijn aanpak allerminst jazzy of geïmproviseerd.

Overigens speelde de Amerikaan Mozarts klarinetconcert niet op de minder gebruikelijke bassethoorn, waarvoor het werk eigenlijk is geschreven, maar op een gewone klarinet. “Ik houd me niet bezig met de authentieke muziekpraktijk”, verklaarde hij zijn houding. “Dat levert mooie muziek op, maar mijn aanpak is even legitiem. Trouwens, op de bassethoorn heb je alleen in de laagte een geringe winst. Te weinig om je druk over te maken.”

Sierlijk

Daniels, die de hele maand februari in Nederland als solist speelt bij allerlei orkesten en ensembles, geeft zijn instrument een fraai, rond, warm geluid, waarmee hij zowel plezierige bebop en mainstream-jazz speelt, als sierlijke klassieke muziek. Een scheiding tussen beide zo verschillende stijlen weigert hij te maken. “Van jongs af aan heb ik beide genres beoefend. Dat ik nog niet zo lang klassieke concerten speel, is toeval.”

Tijdens zijn opleiding aan de befaamde Juilliard School Of Music in New York, speelde hij in de avonduren jazz. Op een gegeven moment moest hij kiezen. Hij kon een vaste plek krijgen als tenorsaxofonist en klarinettist in de Thad Jones-Mel Lewis Band. Maar dan moest hij zijn opleiding eraan geven. Hij kon moeilijk door het land reizen en tegelijk studeren. “Toen ik me een paar jaar later opnieuw bij het muziekinstituut meldde, voelde ik me te oud om nog in studentenorkesten te spelen. Dat frustreerde me zo, dat ik besloot ooit nog eens als professioneel solist voor een orkest te staan. Dat is me nu dus gelukt.”

Leonard Bernstein vergeleek kort voor zijn dood in 1990 Daniels' elegante en virtuoze spel met dat van de beroemde pianist Arthur Rubinstein. Ook de vorig jaar overleden vooraanstaande jazzcriticus Leonard Feather en de bekende arrangeur en componist Quincy Jones prezen Daniels' verrichtingen in beide stijlen.

Daniels' klassieke carrière nam een aanvang in 1984, toen hij in Los Angeles bij The New American Orchestra de première speelde van Jorge Callandrelli's 'Concerto for Jazz Clarinet and Orchestra'. Spoedig volgden bij gerenommeerde orkesten uitvoeringen van stukken van Bach, Brahms, Weber en Mozart. Aan strikt eigentijdse muziek waagde hij zich niet. De recente cd 'Blues for Sabine', die de Amerikaan maakte met de Duitse klarinettiste Sabine Meyer en haar Trio Di Clarone, bevat behalve werkjes van Stravinsky en Poulenc enkele 'modernere' stukken. “Dat is nog muziek met een melodie. Ik heb een melodie nodig. Zoals in jazz, leg ik ook in klassieke muziek gevoel. Feeling, daar gaat het om. In avant-garde-muziek kan ik mijn gevoel niet leggen.”

Verhuizing

Zijn carrière als klarinetsolist kwam in een stroomversnelling nadat hij de stap nam om van het hectische New York, waar hij praktisch heel zijn leven had gewoond, te verhuizen naar het landelijke Santa Fe in New Mexico. Dat die verandering aan die verhuizing te danken is, zo ver wil Daniels niet gaan. Wel geeft hij toe dat de relaxte sfeer van zijn nieuwe woonomgeving in het algemeen stimulerend heeft gewerkt. Nadat hij zich jarenlang in de jazzmuziek hoofdzakelijk als klarinettist manifesteerde, richt hij zich tegenwoordig meer en meer op de tenorsaxofoon. Overigens zonder de klarinet te vergeten.

“De klarinet blijft nummer één. Als je me vraagt wie ik ben, dan zeg ik je: de klarinet. Zodra ik dat instrument pak, kruip ik in de huid van zijn geluid. De tenorsaxofoon maakt ook deel uit van mijn persoonlijkheid, maar toch een stuk minder. Overigens speel ik nooit tenor in klassieke ensembles. Ik weet dat het gebeurt. En goed ook. Maar op de een of andere manier kan ik me er niet toe zetten. Het is alsof het niet klinkt. Voor mij is de tenorsaxofoon toch in de eerste plaats een jazzinstrument.”

Tijdens zijn verblijf in Nederland speelt Daniels in ieder geval tenorsaxofoon bij het Rein de Graaff Trio en het Metropole Orkest. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat hij, zoals in Utrecht gebeurde, een klassiek concert zal opluisteren met een op saxofoon gespeeld stukje jazz.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden