KLAPLOPER UIT DEN VREEMDE:PRACHTSCHUBWORTEL

Tussen hagelbuien en stormvlagen door zong zondag een veldleeuwerik hoog in de voor korte tijd blauwe hemel boven de polder. Een bemoedigend geluid op een turbulente februaridag. Halfgeloken stonden de goudgele hoofdjes van het klein hoefblad te trillen in de storm tussen het korte gras in de berm van de dijk, klaar om wijd en stralend open te gaan als de zon langer zou schijnen. Aan de slootkant blonk een enkel geel sterretje van het speenkruid.

Door de buitenwijk terugwandelend naar huis kwam ik door een plantsoen vol bloeiende elzen. De lange katjes zwiepten in de wind. Een hele troep sijzen was bezig in de boomkruinen. Een enkel groenig met geel mannetje probeerde een liedje, dat verwaaide in de storm.

In de tuin zong een merel. Rond en vol vielen de tonen uit zijn diepgele snavel. Een paartje pimpelmezen was druk bij het nestkastje in de lijsterbes.

Tussen speenkruid, sneeuwklokjes, boerenkrokussen, kiemplantjes van het robertskruid en over de bodem kruipende klimop kwam een onooglijk knopje uit de grond. Een stervormig rozetje van dikke schubblaadjes, in een vierkant geplaatst. Het scheutje was niet groen, maar bleek als een asperge. Ik had er op zitten wachten, want vorig jaar verscheen zo'n knop in dezelfde tijd van het jaar.

De prachtschubwortel of kleine schubwortel, Lathraea clandestina, komt oorspronkelijk uit Zuidwest-Europa, Frankrijk en Noord-Spanje vooral. Waarschijnlijk met geimporteerde bomen is hij terecht gekomen in Vlaanderen, waar hij nu op een paar plekken 'in het wild' voorkomt.

Omdat het zo'n bijzondere plant is, werd hij de laatste jaren in een paar heemparken geplant. Ik kreeg op 30 juni 1991 een grote kluit vol wortelstokken. Die plantte ik in de voortuin. Dat gaat niet zomaar, want schubwortels zijn woekerplanten, die met hun boorwortels binnendringen in de wortels van bomen. De prachtschubwortel doet dat in het bijzonder op populieren en wilgen.

Ik heb geen populier of wilg in de tuin, maar de plant waar de kluit van af was genomen, groeide in de tuin van een vriend op een vijgeboom. Om het wortelen gemakkelijk te maken, beschadigde ik met de scherpe spade een dikke wortel van de esdoorn. Daarop zette ik de kluit, ongeveer dertig centimeter diep.

Esdoornsuiker

De schubwortel boort de houtvaten van de gastheerboom aan. Die voedselkanalen transporteren vooral water, maar in de lente dienen ze ook voor het vervoer van koolhydraten. Dat is bij esdoorns zelfs heel uitgesproken. In het voorjaar bevat het sap van esdoorns zoveel suiker dat deze in Canada van sommige esdoornsoorten wordt gewonnen. Van die voedselhoudende sapstroom maakt de schubwortel gebruik door in het vroege voorjaar te groeien en in de lente te bloeien. In de voorzomer trekt ze alles weer terug onder de grond en gaat ze in rust.

Die klaploperij doet de boom geen zichtbare schade. Ik weet een plek onder een oude treurwilg, die van april tot in mei over ettelijke vierkante meters diep paars ziet van de vele bloemen. Aan de wilg is niets bijzonders te merken.

Nog geen jaar na het planten, op 23 februari vorig jaar, bleek de plant goed aangeslagen: net als nu kwam een bleke rozet boven de grond. Dat was tegen de verwachting in, want ik had gehoord dat het jaren kon duren voordat de plant iets van zich zou laten merken. Vier dagen later zag ik minstens zes rozetjes, net boven de aarde en niet ver van elkaar. Bij oppervlakkige beschouwing leken het opgerolde elastiekjes. Door de tegenover elkaar in kruisvorm geplaatste schubben leken ze van boven gezien vierkant. Die rozetten zijn de uiteinden van een vertakte en aan het eind beschubde wortelstok.

De rozetten groeiden langzaam en kregen elk vier heel korte zijscheuten, die vlak boven de grond bleven. Boven elke schub werd een roodpaars bolletje zichtbaar met kruisvormige naden, de aanleg van een bloemknop. De bloemen komen dus direct uit de wortelstok.

Hommels

Het duurde tot 3 april, voordat de plant in bloei kwam. Toen groeide een van de bovenste bloemknoppen uit en kleurde zich fraai paars. De rechtopstaande bloemkroon werd steeds langer en bleek tweelippig. De bovenlip was aan het eind gekromd en liep spits uit. Hij stak als een helm uit over de onderlip. In de bovenlip zitten de meeldraden verborgen. Ze steken bij de top een eindje naar buiten. Pas toen de bloem vier centimeter lang was, had ze haar volle lengte bereikt. Daarvan was de helft voor rekening van de vierslippige kelk, die dezelfde paarse kleur had. Daarna gingen snel meer bloemen open.

In het voorjaar vliegen vaak dikke hommelkoninginnen zwaar brommend laag over de grond rond. Sommige zag ik een bezoek afleggen aan de schubwortelbloemen. Er rijpten geen vruchten. In de boeken staat dat de vrucht een doosvrucht is met vier tot vijf grote, afgeplatte zaden, die bij rijpheid worden weggeslingerd. Dat is niet de enige manier van verspreiding van het zaad. Mieren helpen erbij, omdat ze dol zijn op het snoepje dat in de vorm van een vetbultje aan elk zaad zit.

Al zijn voedsel haalt de schubwortel uit de wortels van zijn gastheer. Daarom heeft hij geen bladgroen, want hij hoeft zelf geen voedingsstoffen te produceren. De schubvormige bladeren zijn vlezig, maar hol met een opening. De holte binnenin is bezet met klierharen. Dat heeft sommige plantenkenners doen vermoeden dat schubwortels niet alleen maar parasieten zijn, maar ook vleesetende planten die kleine bodemdiertjes vangen en verteren. De botanicus Weeda (Nederlandse Oecologische Flora) denkt dat de holle schubben dienen om in het voorjaar de zuigkracht waarmee de plant zijn gastheer aftapt, op te voeren. De vriend die mij de prachtschubwortel gaf, heeft gemerkt dat de grond op de groeiplaats steeds vochtig is, alsof de plant het vocht in de bodem naar zich toe trekt.

Uitgestorven

Er bestond in ons land nog een andere soort schubwortel. Die kwam vroeger voor bij Vaals. Daar werd hij voor het laatst gevonden in 1930. Hij is nu dus uitgestorven, maar in het aansluitende deel van Belgie en in de Ardennen is deze grote of bleke schubwortel nog best te vinden.

De bloemen steken nauwelijks uit de kelk, zijn vleeskleurig of wit en staan in een dichte tros aan bovengrondse geschubde stengels van een paar decimeter lang. Heel anders dus dan de prachtschubwortel. Niet iets om uit te graven en te verplanten. De kans dat die het in de tuin doet, is maar klein.

EN VERDER

Vanmiddag samen met de beheerder van het landgoed Hackfort op pad kost een rijksdaalder per persoon. Daarvoor word je tweeeneenhalf uur rondgeleid, van 14 uur af, te beginnen bij de watermolen bij het kasteel, Baakseweg 8 in Vorden. - Morgen houdt het IVN Tilburg een wandeling over bomen en struiken in het Heidepark, om 10.30 uur van de parkeerplaats aan de Pompstationweg. - Morgen begint om 13 uur een IVN-wandeling over boom- en struikknoppen en lenteverschijnselen in het Amsterdamse Vondelpark vanaf de brug van de Van Baerlestraat. - Dinsdag, woensdag en donderdag zijn er krokusvakantierondleidingen in Burgers' zoo in Arnhem, om 14 uur bij de ingang. - Volgende week zaterdag houdt De Vlinderstichting van 10 tot 16.30 uur haar landelijke Vlinderdag in congrescentrum De Reehorst in Ede. De resultaten van het project Vlinders in het Nederlandse landschap, monitoring van vlinders, vlinderplanten in de tuin, openbaar groen voor vlinders en andere dieren, gebruik van vlindergegevens, vlinders in de Pyreneeen en vlinderonderzoek in Belgie zijn de onderwerpen van de lezingen en presentaties. Kosten: donateurs f 20, anderen f 30 op giro 5134425 van De Vlinderstichting, Wageningen; vermelden 'Vlinderdag 1993'. - Op 24 maart begint een groencursus van het IVN Rotterdam in de kinderboerderij De Molenwei in Rotterdam-Charlois. Het veranderde landschap, bomen herkennen, vogels, kringlopen in de natuur, bodemdiertjes, insekten en planten komen aan de orde op vier woensdagavonden en op twee excursies op zaterdag. Er kunnen maar 20 mensen meedoen. Inlichtingen geeft Aart van Dragt: 01804-19486.

NATUUR DEZE WEEK

Het is al lang geen winter meer, al lijkt het weer er soms op en is het vaak doordringend koud. Zo bloeit deze week de eerste forsythia in een beschutte tuin bij ons in de buurt. Het Siberische sterhyacintje vormt blauwe poelen in de tuin. In het gemeenteplantsoen hullen struiken met zwarte takken zich in een witte bruidssluier van kleine bloesems. Het lijken sleedoorns, maar het zijn kerspruimen of kroosjes. Sleedoorns bloeien later in het jaar. In dat zelfde plantsoen bloeit de kleine veldkers, een verwant van de pinksterbloem met kleine witte kruisbloemen. In de Amsterdamse hortus bloeit de blauwe anemoon volop. - Er drijft ook al weer kroos in de sloten. Er zijn al salamanders terug in het water: ik zag deze week een mannetje in onze tuinvijver. Hij had al een hoge staartkam, een onderdeel van zijn bruiloftskleed, maar was nog een beetje sloom van de kou. - Steeds meer kokmeeuwen verwisselen nu de witte kopveren voor het chocoladebruine masker van het zomerkleed. Met vooruit gestrekte nek laten ze hun langgerekte voorjaarsroep horen. - Ook in de insektenwereld keert het leven terug. Zodra de zon wat langer schijnt dan een half uur, komen lieveheersbeestjes tevoorschijn uit hun winterslaapplaatsen onder losse schors en tussen dor blad. Grote zwarte vliegen zonnen op witte vensterkozijnen. Tussen dor blad dat in de afgelopen week in een hoek bijeen was gewaaid, vond ik een goud, blauw en paars glanzende tuinloopkever, niet helemaal wakker, want hij bewoog zich nogal traag. Als het wat langer zonnig blijft, kan ook de eerste rondvliegende citroenvlinder weer worden gezien.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden