Klap na klap voor schoenenwinkels

Faillissement van Van Dalen toont volgens deskundigen aan: aanbod te groot, winkels te weinig onderscheidend

House of Shoes, Taft, Schoenenreus, Dolcis, Manfield en Van Dalen. Wat is behalve de betaalbaarheid van hun schoenen de gemene deler van deze ketens? Juist, ze vonden allen hun Waterloo in de winkelstraten van Nederland of gingen in afgeslankte vorm verder. Wat is er toch met de schoenenbranche aan de hand?

Afgelopen maandag vroeg de Ardenberg Groep, het moederbedrijf achter Van Dalen, Dr. Adams en Bitter, faillissement aan en dinsdag werd het bedrijf door de rechter failliet verklaard.

Dinsdagavond werd bekend dat de nieuwe eigenaar Yari Holding een doorstart maakt en een kwart van de ongeveer vijftig winkels in Nederland en België, gevestigd op A-locaties, open houdt. Hierdoor blijven 125 van de 360 banen behouden. De echte winkels én de webshops blijven voorlopig open, om nog zo veel mogelijk voorraad te verkopen.

Van Dalen, dat sinds 1873 bestaat, is het meest recente geval in een reeks schoenenfiasco's. Eerder dit jaar ging House of Shoes al bankroet en Schoenenreus met 121 filialen ging voor de tweede keer in ruim twee jaar tijd op de fles. De druk op de traditionele schoenenwinkel wordt alsmaar groter.

Sinds 2008 geven consumenten elk jaar minder geld uit aan schoeisel. Vanaf 2010 is het aantal schoenenwinkels elk jaar gedaald, blijkt uit onderzoek van de economen van Rabobank. Ook de omzet van de sector laat sindsdien enkel een negatieve trend zien. In opdracht van vakblad Schoenvisie berekende marktonderzoeker GfK dat de bestedingen aan schoenen 4 procent daalden van oktober 2014 tot en met maart 2015. Terwijl het aantal verkochte paren gelijk bleef.

"Er zijn momenteel simpelweg te veel winkels", zegt hoofdredacteur Kim Pereira van Schoenvisie. En dan worden ze ook nog eens overdonderd door het succes van de online verkoop. Pereira: "Daardoor is er nóg meer aanbod op de markt gekomen."

Een wegwerpproduct. Zo noemt retaildeskundige Cor Molenaar de goedkope schoenen die men in de aanbieding bij webwinkels als Zalando koopt. "Die worden een paar keer of een paar weken gedragen en dan weggegooid." Het uitgavenpatroon van de consument is veranderd, erkent hij, maar de winkels moeten de schuld ook bij zichzelf zoeken.

Het lukt schoenenketens die zich op de massa richten steeds minder om onderscheidend te zijn. "Als ik door de stad loop zie ik merken die ik niet eens ken. Waarin verschillen de formules van elkaar?", vraagt Molenaar zich af. "Het zijn typische 'impulswinkels' die klanten toevallig passeren. Geen winkels waarvoor klanten speciaal de stad ingaan."

Dat doen ze wel voor de exclusievere winkels, van bijvoorbeeld Zwartjes, in het hogere segment. Die bieden een 'winkelervaring met emotie'. Molenaar: "Daarom zijn vrouwen ook de belangrijkste doelgroep. Voor vrouwen is schoenen kopen een feest."

Een positieve uitzondering vormt volgens Molenaar de keten Van Haren. "Een jaar of vijf geleden zag de directeur in dat er iets moest veranderen. Nu zijn het prachtige winkels, met een herkenbare uitstraling en vernieuwende technologie. Ze vormen een mooie combinatie met de eigen webwinkel."

Ook oer-Nederlandse merken als Van Bommel en Van Lier, die zich op mannen richten, doen het goed. "Al hebben die ook wel hun problemen", zegt Pereira. "Maar het zijn betrouwbare bedrijven, met al jaren hetzelfde marktaandeel. Mannen blijven trouw aan hun merk."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden