Opinie

Klagen over rechter mag mits gefundeerd

null Beeld ANP
Beeld ANP

Wilders mag geloofsbrieven van Buruma in twijfel trekken. Maar cafépraat volstaat dan niet. Anders morrelt hij aan grondwettelijke positie van rechter.

Het verzoek van de PVV om de Tweede Kamer hoofdelijk te laten stemmen over de aanvaardbaarheid van de Nijmeegse hoogleraar Buruma als nieuw lid van de Hoge Raad maakte heel wat los. Het zou 'veel te politiek' zijn.

In zijn column in Trouw van 12 maart schreef Hans Goslinga bijvoorbeeld dat de PVV hiermee de 'onafhankelijke rechtspraak in diskrediet' brengt. Ook het commentaar van 17 maart was hieraan gewijd. Wilders en de PVV spelen in dit opzicht inderdaad regelmatig met vuur. Ik ga nog een stap verder: Dit eigenaardige duo ondermijnt het fundament van de rechtsstaatgedachte stelselmatig. Maar in dit geval denk ik er toch een nuance anders over dan Goslinga en anderen, onder wie procureur-generaal bij de Hoge Raad, Fokkens, in NRC Handelsblad.

De PVV had op zich het volste recht om de geloofsbrieven van de raadsheer in spe aan de orde te stellen. Iedere rechter wordt op grond van zijn benoeming geacht onpartijdig en onafhankelijk te zijn. Is die benoeming eenmaal een feit, dan hoeft die veronderstelling alleen te wijken als er concrete aanwijzingen voor het tegendeel zijn.

Dat is een zwaardere maatstaf. Daaruit volgt dat eventuele twijfels over de algehele geschiktheid van een kandidaat tijdig - dus vóór het benoemingsbesluit is ondertekend - ter discussie moeten (kunnen) worden gesteld. In ieder geval als het gaat om een kandidaat voor de Hoge Raad. Het is dus 'logisch' dat een twijfelende Kamerfractie aan de bel trekt voor het te laat is. Al te bang voor heilige huizen moeten we ook hier niet zijn.

Is dat dan geen motie van wantrouwen jegens de rechterlijke macht? Het is toch immers ons hoogste rechtscollege, de Hoge Raad zelf, die de voordracht voor de nieuwe raadsheer heeft opgesteld? Die benadering lijkt me wat overdreven. Ook al is de kans minimaal dat ons hoogste rechtscollege hier steken zal laten vallen, het hangt toch altijd weer van het concrete dossier af. En van overige in aanmerking komende omstandigheden. Bovendien: de Grondwet en de Wet op de Rechterlijke Organisatie kennen de Tweede Kamer nu eenmaal een zekere rol toe in de benoemingsprocedure.

Uiteindelijk gaat het natuurlijk om de inhoud van de zaak. In dit geval: de enkele jaren geleden door Buruma gemaakte vergelijking tussen het door de PVV bepleite verbod van de Koran met het gedachtegoed van Mussolini, en zijn medewerking aan het verkiezingsprogramma van de PvdA.

Natuurlijk heeft iedere rechter nagedacht voor hij of zij tot het ambt werd geroepen. Soms ook hardop. Ook maatschappelijke en zelfs politieke interesse kan een pre zijn. Misschien strekt die zelfs tot aanbeveling. Maar dat neemt niet weg dat iedere rechter in staat moet zijn voldoende afstand te nemen van de eigen vroegere of nog steeds actuele politieke, religieuze en sociale opvattingen. Dat mag de PVV aan de orde stellen. Er worden in het parlement wel vragen gesteld over minder.

Van belang is dat op de benoeming van rechters, nieuwe raadsheren in de Hoge Raad daargelaten, nauwelijks controle of invloed van buitenaf kan worden uitgeoefend. Bij de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, toch ook hoogste rechters, is zelfs sprake van coöptatie (leden kiezen nieuwe leden).

Daar heeft de Kamer merkwaardigerwijs dus zelfs helemaal niets over te zeggen. In een periode waarin sprake is van pogingen om het rechtsbedrijf te politiseren, kan het dan ook nuttig en zelfs nodig zijn om te laten zien hoe het in dit kwetsbare onderdeel van de trias politica precies werkt. Waar gaat het nu eigenlijk om bij die benoemingen, waar liggen de grenzen, wat zijn hier de best practises?

Met Goslinga vermoed ik dat er bij Wilders en de zijnen sprake is van 'onheilig vuur'. Maar bepaalde aspecten van de benoemingsprocedures zijn zeker voor verbetering vatbaar. Het zou transparanter kunnen, met misschien zelfs een vorm van niet-bindende raadpleging van derden. Tussen de onwenselijke uitersten van de gekozen rechter en de variant van de volstrekt besloten coöptatie zijn allerlei tussenvormen denkbaar. Ook varianten waarbij de privacy van de kandidaten is gewaarborgd.

Democratie is een zaak van georganiseerd vertrouwen. Als het daar in delen van de samenleving aan schort, kan het geen kwaad als alle betrokkenen hier een stapje extra doen.
De lompe en domme manier waarop de PVV-actie is opgezet en uitgevoerd, wekt echter de indruk dat de kern van de zaak bij Wilders c.s. geheel uit zicht is geraakt. Het lijkt erop alsof men daar niet meer ziet wat onder de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van rechters moet worden verstaan en waarom dat verworvenheden zijn waarvan wij geen tittel of jota moeten willen prijsgeven.

Ter herinnering: de rechterlijke onafhankelijkheid is met name zo belangrijk omdat het de grootste kans biedt dat het rechtsoordeel in vrijheid tot stand is gekomen. Toegespitst op deze zaak betekent dat dat van de contestanten mocht worden gevraagd uit te leggen waarom uit Buruma's betoog van vier jaar geleden volgt dat diens aantreden ontoelaatbare 'politieke' inbreng in de rechtspraak zou meebrengen, en waarom zijn medewerking aan een partijpolitiek programma hem voorgoed heeft besmet. Cafépraat als 'wij moeten die man niet' volstaat dan niet.

Net zo ligt het bij de rechterlijke onpartijdigheid. Het principe dat zonder aanzien des persoons moet worden geoordeeld is zo oud dat men zou hopen dat het onomstreden is. Naar ik aanneem ook voor de PVV. Wilders heeft immers voor een gedoogakkoord getekend waarin de rechtsstaatgedachte uitgangspunt is. Hij moet dus niet zonder redelijke grond aan de grondwettelijke positie van de rechter morrelen. Ook niet langs omwegen. Zelfs niet in de lopende strafzaak tegen hemzelf. Óf hij moet waarmaken dat rechters niet onafhankelijk en onpartijdig (zullen) zijn, of de PVV moet ophouden met het rondstrooien van verdachtmakingen.

Anders is er sprake van plat opportunisme. Het zou goed zijn als de minister voor veiligheid en justitie dit zou onderkennen. Luid en duidelijk graag.

Vorig jaar verscheen van Van Bennekom een boek over het functioneren van de rechtsstaat, 'Op drijfijs' aan de hand van recente geruchtmakende rechtzaken, uitgeverij Cossee.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden