Kijkwijs, dat zijn de buitenstaanders opinie

Rita Verdonk te gast bij Pauw en Witteman, ooit betiteld als ¿de gladste vijanden van het volk¿. (FOTO ANP) Beeld
Rita Verdonk te gast bij Pauw en Witteman, ooit betiteld als ¿de gladste vijanden van het volk¿. (FOTO ANP)

Het idee dat de publieke omroep ’buitenstaanders’ negeert, heeft een storm van kritiek losgemaakt. De criticasters zien veel over het hoofd. Bijvoorbeeld dat de kijker niet dom is.

Henri Beunders

De baas van de Publieke Omroep, Henk Hagoort, vindt dat de actualiteitenrubrieken de groep ’buitenstaanders’ –stemmers op Wilders en Verdonk – niet goed bedient, en hen voortdurend het idee geeft zich te moeten schamen. Hij is vanuit ’Hilversum’ met kritiek overladen. Ten onrechte, het probleem ligt bij de opvatting over wat journalistiek is, en bij de NPS.

De publieke omroep wordt van twee kanten aangevallen. Van de kant van ’volks’ Nederland, en van de kant van ’elitair’ Nederland. In 2002 was het Fortuyn die de publieke omroep betitelde als ’de linkse kerk’, samen met kranten als de Volkskrant. Zijn partij wilde het aantal zenders terugbrengen van drie naar twee. Hilversum was te klein. Wat dachten ’die tokkies’ wel niet?

De kritiek op het internet van veel burgers op de vooringenomen, linkse toonzetting van veel nieuws- en actualiteitenrubrieken van de publieke omroep kwam wel hard aan. Hans Laroes, hoofdredacteur van het NOS Journaal, stelde in 2003 dat de progressieve voorkeuren inderdaad tot eenzijdige nieuwsgaring leidden. „Journaalredacteuren kijken naar dezelfde tv-series, iedereen hier vindt Jiskefet leuk. We lezen dezelfde boeken. We zijn geabonneerd op de Volkskrant en NRC. Wij zijn de redactie van de blanke voorsteden, van de verkeersdrempels en de nieuwbouwwoningen. We stemmen PvdA of GroenLinks. Het is geen complot, maar het is wel een feit. We horen bij de gevestigde orde. Er bestaat veel wantrouwen tegen ons.”

Vervolgens zette het Journaal ’interview-kanon’ Marga van Praag in om in een snackbar aan Marokkaans-Nederlandse jongeren onthutst vragen te laten stellen in de trant van: ’Echt waar? Maar dat kán toch helemaal niet?’ Actualiteitenrubrieken bleven niet achter en lieten ook ’Jan Modaal’ meer aan het woord, en nodigden Verdonk om de haverklap uit. En omroepen gingen Hart van Nederland en RTL Boulevard imiteren met allerhande programma’s zoals De Wereld Draait Door (DWDD). En omdat dit laatste een megasucces bleek, dacht men in ’Hilversum’: Zo, we zijn er weer, hebben de commerciëlen de loef afgestoken, en de kritiek gepareerd. Drie keer kassa.

Helaas, toen kwam de kritiek van de andere kant, van ’de elite’. Die vond het weer te popie-jopie worden, programma’s als DWDD en die talkshows later op de avond. Een knieval voor ’het populisme’. Een van hen was politicoloog Jos de Beus. In een lezing over ’Hedendaags leiderschap in de toeschouwersdemocratie’ kritiseerde hij eind 2006 – terecht mijns inziens – al die politici die nauwelijks basis meer hebben buiten Den Haag, en dus maar hun steun en populariteit zoeken op televisie. De laatste van zijn conclusies luidde: „De Nederlandse politieke televisie moet door alle weldenkende kijkers worden geboycot. We lezen voortaan de kwaliteitskranten en luisteren in de file naar de radio. Mannen als Pauw en Witteman zijn de gladste vijanden van het volk.”

In 2008 werd diezelfde De Beus commentator van Buitenhof. Sindsdien heb ik weinig kritisch meer vernomen over die ’toeschouwersdemocratie’.

Wat zien die criticasters van zowel de publieke omroep als de ’debilisering’ van de ’politieke televisie’ over het hoofd? Ten eerste weten de critici van Hagoort in Hilversum zelf niet wat ’journalistiek’ is. De een (Jan Kriek, EenVandaag), vindt DWDD geen journalistiek programma, de ander (Joop Daalmeijer, directeur NPS) vindt dat DWDD en P & W dat wél zijn.

Verder verschuilen veel journalisten zich achter het mantra van ’objectiviteit, neutraliteit & professionaliteit’. Dit is de heilige drie-eenheid van de zogenaamde kwaliteitsjournalistiek. Lariekoek.

Herman van Gelderen (NRCV Netwerk) wil geen ’doorgeefluik’ worden van de burger, „dat zou populisme worden”. Hij gaat door met onderwerpen „die wij wel belangrijk vinden, zoals het conflict in Darfur”. Dat is zijn goed recht. Het is NRCV, een ledenomroep, met een ideologisch uitgangspunt, dat dus sowieso haaks staat op die eerder genoemde heilige drie-eenheid. De NRCV is er voor de NRCV-leden, wie nog meer kijkt is meegenomen.

Een ander punt dat over het hoofd wordt gezien: De elite heeft zijn eigen programma’s nodig, anders heeft het de volgende vergadering niks om over te praten. Een politiek-ambtelijk bestuurde samenleving kan niet zonder. Een half miljoen kijkers die naar Buitenhof en Nova kijken is dus voldoende.

Nog iets. Een radioprogramma als Tros Kamerbreed heeft een redactie die bijna allemaal PvdA of GroenLinks stemt. Dit soort redactieleden rouleert door heel Hilversum, of ze nu voor de Tros of de VPRO werken. In Washington wordt de hele ambtelijke top vervangen zodra Obama president is. Maar niet in Hilversum.

Dan de NPS. Geldt als nationaal, maar is niet gekozen, heeft geen leden. De dekmantel van de neutrale NPS is reden van woede en agressie over die vooringenomenheid. Als de kijker wist: dit is een Vara-programma, dan was er niks aan de hand.

Tenslotte. Je kunt nog zo vaak Verdonk uitnodigen in Nova, maar als je lichaamstaal en je misprijzende, interrumperende opmerkingen, zeggen: ’fascistisch wijf’, dan kun je je wel verschuilen achter ’objectiviteit, neutraliteit & professionaliteit’, en ook nog ’kritisch’, de kijker weet beter, en mailt.

Mijn conclusie: de kijker is niet dom. Sterker nog, omdat die méér kijkt dan ’de elite’, heeft die meer ’mediawijsheid’ in huis. Die ’buitenstaanders’ mogen volgens Carel Kuyl (Nova) allemaal een IQ hebben van kamertemperatuur en dus alleen gaan voor ’emotie-tv en laagdrempelige human interest’, het tegendeel is waar.

Die buitenstaanders zijn werkelijk geïnteresseerd. Zij kijken echt en ze komen niet aan hun trekken, behalve in Radar-programma’s. En op internet halen zij hun gram.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden