Kijken, wachten en dan toeslaan

Politiecommissaris Leen Schaap leidt al 25 jaar ontruimingen van kraakpanden in Amsterdam. Trouw volgde hem voor en tijdens de ontruiming van de Tabakspanden, het grootste en oudste krakersbolwerk van Amsterdam.

Dinsdag 10 maart. Hoofdbureau politie Amsterdam

De witte Blackberry van politiecommissaris Leen Schaap gaat voor de zoveelste keer deze ochtend over. De eerste verfbommen zijn vanmorgen vanuit een raam van een van de kraakpanden naar de politie gegooid. "Begrijp me niet verkeerd. Ik stamp er zo naar binnen", zegt Schaap aan de telefoon. "Maar daar heb ik wel de ME voor nodig. Dat duurt wel even voor die er is. Dan sleep ik veertig man naar buiten. Maar de vraag is wat je ermee bereikt. Waarschijnlijk vind je degene die gegooid heeft toch niet - die had een bivakmuts op - en we moeten in ieder geval nog tot 18 maart wachten tot de laatste ontruimingsvonnissen er zijn. Dat is nog even." Aan de andere kant van de lijn wordt gemord. Een verfbom naar de politie gooien blijft doorgaans niet zonder gevolgen. Maar Schaap wil geen vroegtijdige escalatie. "Het zou een veldslag worden zonder een mogelijkheid om alle panden te ontruimen."

undefined

Zaterdag 14 op zondag 15 maart. Spuistraat.

Er is een feest bij kunstenaar Peter Klashorst, huurder van een atelier op de benedenverdieping van een van de Tabakspanden.

De avond ervoor rommelde het al in de binnenstad na een demonstratie van de bezetters van het Maagdenhuis. Betogers trokken na een protest op het Spui richting het politiebureau op het Beursplein. Daar sneuvelde een ruit en werden politiemotoren omgegooid. De politie vermoedt een alliantie tussen de studenten die het Maagdenhuis bezet houden en de krakers in de Tabakspanden.

En nu, één avond later, staan er volgens de politie 500 man op straat. Buren klagen over geluidsoverlast. De sfeer slingert heen en weer tussen baldadig en uitgelaten, maar het blijft bij lawaai. Voor de tweede keer deze week besluit de politie in overleg met de gemeente niet in te grijpen, maar het feest 'te laten verlopen'. In de vroege ochtenduren keren de feestgangers huiswaarts.

undefined

Vrijdag 20 maart. Politiebureau in Amsterdam-West, de uitvalsbasis van de ME.

Schaap haast zich de trap op. Iedereen die iets te regelen heeft op de dag van de ontruiming, zit al aan de lange, ovale vergadertafel te wachten. Van de commandant van de ME tot aan degene die moet zorgen voor koffie en een toiletwagen op de dag van de ontruiming.

Schaap komt net uit een vervroegd overleg op het stadhuis met het Openbaar Ministerie en burgemeester Eberhard van der Laan. De burgemeester moet een week naar India, maar wil nog bij de voorbereiding van de ontruiming zijn. Voor hem staat politiek gezien veel op het spel. Wordt de ontruiming een puinhoop of neemt woonstichting De Key de panden niet direct na de ontruiming in gebruik, dan is het Van der Laan die verantwoording in de gemeenteraad moet afleggen.

"Er is een hoop te doen", begint Schaap opgewekt. Er moeten in totaal 55 woningen worden ontruimd, sommige zijn al sinds 1983 gekraakt. De datum van 1 april staat inmiddels vast, maar nog eens een verfbom op een agent en er wordt eerder ontruimd. "Dit laten wij ons niet nog eens overkomen. Wij zijn de baas op straat, niet zij", zegt de commissaris.

Er is een gezin met drie kinderen dat al zeventien jaar in de Tabakspanden woont en aanvankelijk niet weg wilde. Opluchting in de vergadering als Schaap zegt dat De Key de familie op zijn aandringen toch vervangende woonruimte heeft aangeboden. "Die wil je niet schreeuwend naar buiten tillen. Gewonden en ouders met kinderen, dat zijn de beelden die later de wereld overgaan", weet Schaap.

"Stel er komen weer 500 man, hebben we dan genoeg?", wil Schaap van ME-commandant Roy Tjin-Tham-Sjin weten. "Het houdt niet over, Leen. Als het er echt 500 zijn, wordt het met twee pelotons lastig." Rampscenario's vliegen over tafel. Wat als de ontruiming tegelijk is met Turkije-Nederland in de Arena, wat als er nog steeds gevochten wordt na zonsondergang, wat als er traangas ingezet moet worden, midden in het centrum?

Of er 'oscars', politiejargon voor hondengeleiders, bij de ontruiming moeten zijn? "Nee, ik wil geen honden", zegt Schaap resoluut. De mannen grappen dat hij er zelf bang voor is. "Een Schaap en een hond. Jongens, kom op", kaatst hij terug. Nee, Schaap wil een extra waterwerper. Drie stuks als het kan, zodat er 'op twee fronten gevochten kan worden'. Ook als er één leeg of kapot is. "Geweldig middel", noemt hij de rijdende waterkanonnen. "Zo gauw ze in actie komen, gaan de projectielen richting waterwerper en niet meer richting de ME. Bovendien zien mensen het als ludiek: beetje elkaar natspuiten. Terwijl het eigenlijk een zwaar geweldsmiddel is. Je blijft niet staan door de kracht van het water."

undefined

Woensdag 25 maart, 2.30 's nachts - Spuistraat

Schaap heeft zijn capuchon ver over zijn hoofd getrokken. Hij wil met eigen ogen zien hoe de situatie is. Hij is op zijn hoede, wil niet herkend worden. Anoniem is hij bij de krakers na 25 jaar ontruimen al lang niet meer.

Telefoon in zijn ene hand, de andere hand rust diep in zijn zak op zijn pistool dat hij voor de zekerheid in zijn jas heeft gestopt. Hij belt de situatie op straat door aan de eenheidsleiding: een container midden op de weg, losgewrikte straatstenen, twee vuren die over de lengte van de rijbaan brandend gehouden worden met de laatste resten huisraad uit het Slangenpand. Veertig tot zestig man op straat, niet dronken maar scherp. Geschreeuw, keiharde punk. Onder de bumper van een ongelukkig geparkeerde, spierwitte Range Rover is een gevulde jerrycan geschoven.

In een politiebus achter de Dam ontmoet hij ME-commandant Tjin-Tham-Sjin. Ze overleggen. Schaap zou graag de straat schoonvegen met een shovel en een waterwerper, maar zonder de ME. Die spaart hij liever, mocht er ontruimd worden als het licht wordt.

Schaaps telefoon rinkelt al drie uur onophoudelijk, maar een besluit van Openbaar Ministerie, het stadsbestuur en de eenheidsleiding over hoe te handelen blijft uit. In de Spuistraat knetteren de twee vuren door, inmiddels liggen de stoepstenen in een keurig bergje over de breedte van de straat. Een buurtbewoner tikt overstuur op het raampje van de politiebus. "Waarom doen jullie niks", roept de man. "Vuil kuttuig is het! Rubberen kogels, nu!!" "Wij zijn ook gebonden", sust de agent achter het stuur. "Ik snap het. Burgemeesterstoestanden zeker? Nou, ik ben he-le-maal voor jullie!"

Niet ingrijpen schept een beeld van een overheid die niet snel reageert, weet Schaap. "Naar mijn mening is dit een ordeverstoring die je niet zou moeten tolereren. Er is geen plek in deze stad waar de politie niet kan komen, maar dat is nu wel het geval. Het is nu een vrijstaat voor even." Maar ingrijpen zonder direct alle panden te ontruimen zou 'een pleistertje voor de bühne zijn'. En die beslissing is aan de eenheidsleiding, het stadsbestuur en het Openbaar Ministerie.

Om vijf voor zes, vijf en een half uur na de eerste schermutselingen, is de kogel door de kerk: de Tabakspanden worden vandaag ontruimd.

undefined

Woensdag 07.00 - Hoofdbureau, in het commandocentrum

Schaap belt met het Openbaar Ministerie, hij wil een officier van justitie in de commandoruimte, om snel justitiële beslissingen te nemen. Hij weet: krakers zijn goede tegenstanders met slimme, in kraken gespecialiseerde advocaten aan hun zijde.

Een ME-peloton uit Den Haag, een peloton ME uit Amsterdam, het brand- en traangasteam, de ME te paard, de wijkagent en de aanhoudingseenheid zijn tegen achten binnen voor de laatste instructies van Schaap en Tjin-Tham-Sjin. Over ruim een uur moet het gaan gebeuren.

Schaap leunt demonstratief achterover in zijn stoel. "Als ik alles goed heb geregeld, hoef ik nu niets meer te doen." Hij heeft er vertrouwen in. "Ik heb niet het idee dat er iets is waar ik niet aan heb gedacht."

Terwijl de troepen richting centrum rijden, bromt de politiehelikopter al boven de stad. Op het dak van Vrankrijk, een gelegaliseerd kraakpand, is een soort provisorische tent opgezet. "Ik ben benieuwd wat ze onder dat zeil hebben", zegt Schaap met oprechte nieuwsgierigheid.

Het camerabeeld vanuit de politiehelikopter draait en laat een stuk of drie kratten zien, gevuld met wasbollen en plastic zakjes vol verf. Krakers gehuld in plastic wegwerpkleding, wachten geduldig op klapstoeltjes tot de eerste ME'ers zich in de straat laten zien. In hun handen twee verkeersborden bij wijze van schild.

Anderhalf uur later zit alles onder de verf, vermengd met duizenden liters water uit de waterwerper. Maar weerstand vanaf de straat is er nauwelijks. Het brand- en traangasteam kan naar binnen om de panden leeg te maken. Mensen die nog binnen zitten worden gearresteerd. Het laatste pand is flink gebarricadeerd en de lucht is er, door een gaslek in het naburige huis, gevuld met gas, wat de operatie vertraagt. Maar de grimmige chaos die 's nachts tussen de Tabakspanden hing, keert niet meer terug.

"Dat de groep die 's nachts de confrontatie zocht, zich niet meer heeft laten zien, had ik nooit gedacht", zegt Schaap. De ontruiming van het laatste grote kraakbolwerk in hartje Amsterdam, is tegen zijn verwachting in een lange, maar weinig uitzonderlijke dag geworden. "Beetje barricaderen, beetje gooien. Dat is business as usual. Ik kan hier niet van onder de indruk zijn", zegt hij als hij in zijn auto naar huis stapt. "Vandaag heeft bewezen dat het einde van de georganiseerde kraakbeweging al veel eerder was."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden