Kijken in de toekoms

(Trouw)

De Nederlandse Publieke Omroep (NPO) moet kleiner. Verandert daarmee de publieke taak van de omroepen? En zo ja, hoe dan? Trouw legt tien stellingen voor aan twee media-experts en laat Gerard Timmer, directeur tv-programmering van de NPO, op hun antwoorden reageren.

Minister Van Bijsterveldt (CDA, onderwijs, cultuur en wetenschap) wil 200 miljoen euro bezuinigen op de Nederlandse Publieke Omroep (NPO). Het bestel moet terug van 21 omroepen naar 8 geprofileerde clusters in 2014. Hilversum zoekt naar samenwerking en vraagt zich af hoe het verder moet. Moeten de ledenomroepen blijven? Moet de NPO alle soorten programma’s maken? Of is dat, sinds er commerciële omroepen zijn, achterhaald? In elk geval is het een goed moment om te bezien wat ’de publieke taken’ zijn in een veranderd medialandschap én in een politiek klimaat dat de publieke omroep niet goed gezind is. Trouw doet dat met Huub Wijfjes en Koos Kalkman.

De publieke omroep is er voor iedereen en moet dus alle soorten programma’s bieden

Koos Kalkman: „Het plan dat wij hebben gepresenteerd is laagdrempelig en gaat ervan uit dat de publieke omroep nieuwe stijl er voor iedereen is. Maar dat betekent niet dat je alles moet gaan doen. In het plan is geen plaats voor groot amusement, want dat doen de commerciëlen al.”

Huub Wijfjes: „Als je van iedereen belasting vraagt, moet je een palet bieden waarmee je ook iedereen bereikt. Zo simpel is het. Daar hoort amusement bij.”

Programma’s als ’Boer zoekt vrouw’ en ’Lingo’ zijn typische publieke omroep-programma’s

Kalkman: „Dat lijkt mij een zeer gewaagde uitspraak. Je kunt overal wel een draai aan geven maar ’Lingo’ is geen hoogstaand amusement, iets wat de publieken wel moeten nastreven. En de producent van ’Boer zoekt vrouw’ is Blue Circle, een dochterbedrijf van RTL. Dat zegt genoeg, denk ik.”

Wijfjes: „Typische publieke-omroepprogramma’s zijn het niet; van beide formules bestaan commerciële varianten. In Duitsland zendt RTL ’Boer zoekt vrouw’ uit op een commerciële manier, dus met product placement en veel meer gericht op emotie. De KRO doet het anders. Yvon Jaspers rijdt niet in een gesponsorde auto en de gebeurtenissen in de Nederlandse versie zijn veel minder geënsceneerd. ’Lingo’ kent eveneens commerciële versies. Zolang een populaire formule terughoudend en met respect wordt gebracht, en dat is volgens mij het geval, vind ik beide programma’s op de publieken onderscheidend genoeg.”

Nederland 1,2 en 3 moeten concurreren met de commerciële zenders

Wijfjes: „Dat klinkt erg dwingend en dat hoeft nu ook weer niet. Met de commerciëlen concurreren is geen primair doel, maar wel een doel. Het is én én. Daarom heeft de Tros wel degelijk een functie omdat de Tros radio en tv voor de massa kan maken.”

Kalkman: „Wat de publieke omroep moet doen, is gewoon goeie programma’s maken, ook voor een kleine doelgroep. Concurreren met de commerciële kanalen mag geen doel op zich zijn. Concurreren om te concurreren slaat nergens op.”

Met minder omroepen kan er best een net verdwijnen

Kalkman: „Dat is zo, het kan ook wel met minder zenders. Zeker als we het amusement zouden schrappen zijn twee netten genoeg. Maar ook als er straks acht omroepen zijn overgebleven, zul je zien dat het vanzelf weer een rommeltje wordt met die geforceerde samenwerkingsverbanden. Terwijl het heel goed mogelijk is om pluriformiteit te bieden met één organisatie. Kijk maar eens naar de regionale televisie.”

Wijfjes: „Minder omroepen betekent niet: minder zenders. Dat is een achterhaald en populistisch argument. Er zijn domweg drie zenders nodig om alle doelgroepen te bereiken. In Vlaanderen lopen ze daar enorm tegenaan. Die missen nu een complete doelgroep omdat ze een zender tekort komen. Als je Nederland 3 schrapt, ben je de jongeren kwijt.”

De verzuiling behoort definitief tot het verleden

Wijfjes: „De oude verzuiling, ja. Maar dat wil nog niet zeggen dat er geen pluriforme identiteitsbeleving meer is. De omroepen vertegenwoordigen nog steeds grote groepen in de samenleving, alleen houden ze hun missie nu in een nieuwe tijd overeind. Dus om die zogenaamde ontzuiling hoeven die omroepen niet te verdwijnen. Dat zeg je toch ook niet van de Volkskrant of van Trouw?

Kalkman: „Ik ben het met de stelling eens. De ontzuiling is natuurlijk al jaren aan de gang. Sterker nog: in de jaren zeventig was de mediawetgeving al achterhaald, omdat die nog helemaal gebaseerd was op de oude zuilen van het socialisme en de religieuze stromingen.

„Natuurlijk is er momenteel in zekere zin sprake van herzuiling met de nieuwe omroepen WNL en PowNed, maar dat is het aanbod en de maatschappelijke wind. Daar hoef je geen nieuwe omroepen voor in het leven te roepen.”

Het is onzin om met publiek geld mee te bieden op de rechten voor de Champions League

Kalkman: „Ja, dat is onzin. Het is opvallend dat de Champions League, voor zover ik weet, alleen in Nederland nog door de publieke omroep wordt uitgezonden.”

Wijfjes: „Tja, daar kun je het over hebben. Geen Champions League betekent een groot verlies aan marktaandeel. Het toernooi kost dan wel veel geld, er kijken toch ontzettend veel mensen naar. De manier waarop het evenement gebracht wordt is inderdaad wel erg commercieel. Ik denk dan ook dat er eerder een inhoudelijk argument ligt om het niet te doen dan een geldargument.”

Ledenomroepen zijn uit de tijd

Wijfjes: „3,5 miljoen mensen zijn lid van een omroep. Ik vind dat nog een behoorlijk aantal. Natuurlijk, dat waren er tien jaar geleden een miljoen meer, dus het aantal leden neemt af, maar dat is logisch nu het aanbod groter is geworden. De omroepen zijn nog altijd onderscheidend genoeg voor mensen om zich ermee verbonden te voelen. Waarom zou dat uit de tijd zijn?”

Kalkman: „Het is vaak eerder een gewoonte om lid te zijn van een omroepblad dan dat er nou zoveel meer achter zit. Die bladen worden bovendien steeds commerciëler aan de man gebracht met gratis dvd’s en theelepeltjes. Natuurlijk moeten de huidige omroepleden wel bediend worden, maar daar zijn heel goed afspraken over te maken. Ledenomroepen zijn niet nodig voor een goede publieke omroep die zoveel mogelijk mensen bedient.”

Grote culturele evenementen als Pinkpop en het Holland Festival kunnen prima door RTL worden gedaan

Wijfjes: „Maar waarom doen ze het dan niet? RTL heeft maar één doel: geld verdienen. En dat kan hiermee dus niet. Ik begrijp trouwens niet waarom de publieke omroep niet veel meer uitstraalt dat ze trots is op zoiets als Pinkpop of het Holland Festival, en zegt: Kijk dan, wij maken hartstikke Hollandse programma’s! De PVV snap ik ook niet. Programma’s als deze vormen toch de Nederlandse identiteit? Daar zouden ze vóór moeten zijn. Als je de publieke omroep wegdenkt, zouden er weinig Nederlandse producties overblijven. Zo’n Veronica, met bijna uitsluitend aangekocht werk uit het buitenland, dat is toch gewoon een schande?”

Kalkman: „Ik vind de voorbeelden uit de stelling ongelukkig. Eerder denk ik dat de programma’s rond André Rieu wel weg zouden kunnen bij de publieken. Evenementen als Pinkpop of Lowlands worden weliswaar druk bezocht, maar er kijken weinig mensen naar. Ik vind het een publieke taak om het dan juist te brengen.”

Wijfjes: „Dat vind ik ook. Als je ballet uit gaat zenden weet je dat er weinig mensen zullen kijken. In zo’n geval moet je een beroep doen op subsidie, zoals nu ook al gebeurt.”

De typische publieke-omroepkijker bestaat niet

Kalkman: „Daar ben ik het mee eens. Zoals Máxima stelde dat de Nederlander niet bestaat, zo bestaat ook de publieke-omroepkijker niet. Doordat de publieken veel verschillende doelgroepen moeten bereiken, kom je niet uit bij een bepaald soort of type kijker.”

Wijfjes: „Er bestaat geen menstype dat alleen maar naar de publieke omroep kijkt, maar er bestaat wél een grote voorkeur voor de publieken bij veel kijkers.”

Een kleiner bestel is de opmaat voor het BBC-model: een pluriform aanbod, gebracht door één organisatie

Wijfjes: „Nou, dan zijn we nog wel even een tijdje verder voor het zover is. Bovendien: we moeten dat BBC-model niet zo verheerlijken. Alsof dat zo ideaal is. De BBC is onvoorstelbaar veel duurder. Onvoorstelbaar veel. En wij hebben nu eenmaal een pluriform organisatiemodel, voortgekomen uit een heel andere geschiedenis en werkend met een veel kleiner achterland. Geloof mij: zij zijn jaloers op óns.”

Kalkman: „We hoeven de BBC niet te kopiëren, maar wat mij betreft komt er één organisatiemodel. Dat is gewoon een kwestie van goed formuleren wat de publieke taken moeten zijn en dan aan de slag gaan. Daar zijn helemaal geen meerdere omroepen voor nodig.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden