'Kijk over de dijk' en vier andere tips

Van elke overstroming kun je leren, zegt Mathijs van Ledden, waterveiligheidsexpert. Net terug uit Servië geeft hij advies voor het waterbeheer op de Balkan.

De Nederlandse waterveiligheidsexpert Mathijs van Ledden van Royal HaskoningDHV en de Technisch Universiteit Delft is zaterdag teruggekomen uit het overstromingsgebied in Servië. Hij is namens Nederland lid van de United Nations Disaster Assessment and Coördination (UNDAC), dat naar het overstromingsgebied is gehaald om het Balkanland te helpen met de watersnood. Van Ledden is nu bezig met zijn rapport over de dijken en overstroomde gebieden in Servië met daarbij maatregelen voor de korte en lange termijn. Door de jaren heen is Nederland door schade en schande - denk aan 1953, 1993 en 1995 -- wijs geworden op het gebied van watermanagement. Vijf belangrijke adviezen van de expert rondom waterbeheer en -veiligheid voor Zuidoost-Europa en andere gebieden waar water een gevaar is geworden.

1. Leer wat het water in het gebied doet

Systeemkennis, wordt het ook wel in technisch jargon genoemd. Dat betekent niet meer dan dat er kennis wordt vergaard over waar het water vandaan komt, hoe het water zich gedraagt en hoe het elders uitmondt. In Nederland is daar volgens waterveiligheidsexpert Mathijs van Ledden fors in geïnvesteerd. "Een rivier is niet enkel één rivier. Een rivier heeft vele vertakkingen die weer uitlopen in kleinere rivieren. De grootste problemen in Servië ontstonden niet in de grootste rivieren als de Donau, maar juist in de haarvaten van het systeem waar de vertakkingen uitlopen. Om dat stroomgebied te begrijpen, moet het water gevolgd worden vanuit de hooglanden tot in de wateren waar het wegstroomt."

Er zijn volgens Van Ledden in het Balkangebied wel modellen van hoe de rivieren het in bepaalde deelgebieden doen, maar er is nog geen integraal beeld. "Pas als we weten hoe het water in het hele gebied stroomt, kunnen we voorspellen wat het doet bij hoogwater en waar de grootste risico's zijn. Bovendien zien we dan in één oogopslag welke impact een overstroming kan hebben. Dan wordt het ook meteen inzichtelijk voor bestuurders en politici die beslissingen moeten nemen."

Het is niet zo dat ze in het Balkangebied geen kennis hebben van waterbeheer. "Ik was onder de indruk van het kennisniveau. Dus dat zit wel goed. Maar er moet verder in worden geïnvesteerd. Het bouwen van zo'n model waarin duidelijk wordt hoe het stroomgebied in elkaar steekt, kost geld. Het lijkt misschien interessanter om dijken te bouwen of die te verstevigen. Maar het zou zomaar kunnen dat die dijken helemaal niet hoger of steviger hoeven, omdat er op die plek helemaal geen gevaar is. Investeer liever eerst in de kennis, de modellen en het systeem waarmee het kan worden gevolgd. Dat heb je nodig om goede investeringen te doen als dijkverhogingen en meer ruimte voor de rivier. Vergis je niet, het grote geld zit in het zand, de stenen en de verschillende bouwconstructies. Het zou zonde zijn als dat geld verkeerd wordt aangewend."

Maar dat is niet het enige, zegt Van Ledden: "Het klinkt als een open deur, maar het is wel de bedoeling dat de overheden, instituten en bedrijven die er in dat gebied mee bezig zijn wel de kennis over water blijven bijhouden. Er gebeurt veel op dat gebied. Bijna bij elke overstroming of ramp wordt weer bijgeleerd. Waterbeheer en -veiligheid is nog volop in ontwikkeling. Het is dus niet zo: eens gedaan en dan klaar voor de toekomst."

In het kader van het plan 'Ruimte voor de Rivier' is in Nederland naar aanleiding van het hoogwater in 1993 en 1995 volgens Van Ledden "zeer gedetailleerde informatie over de effecten van bijvoorbeeld rivierverruiming samengesteld. Aan die kennis bouwen we nog steeds. Kortom, we zijn nooit uitgeleerd als het om water gaat. Zelfs waterland Nederland niet."

2. Besef dat waterbeheer grensoverschrijdend is

"Een van de zijrivieren van de Donau is de Sava bijvoorbeeld. Het water in die rivier heeft de afgelopen weken veel problemen veroorzaakt in Servië. Maar die loopt door tot in Bosnië. Als alleen Servië werkt aan de waterveiligheid en Bosnië niet, hebben al die inspanningen niet veel nut, want dan blijft de rivier in Bosnië overstromen. Puur nationaal naar het waterprobleem kijken is te beperkt. Daarom is het goed om dat in internationaal verband te coördineren", zegt waterexpert Van Ledden.

De 'EU Hoogwater Richtlijn', die internationale samenwerking rondom hoogwater binnen de Europese Unie tot doel heeft, kan een belangrijke rol spelen in het Balkangebied. Nederland, België en Duitsland hebben er volgens de expert veel baat bij gehad. "Servië is nog geen lidstaat van de Europese Unie, maar wel kandidaat. Het zou goed zijn als dat land al kan werken volgens die richtlijn. Dan wordt Servië eraan gehouden dat ze met bijvoorbeeld Bosnië en Kroatië en andere omringende landen moet afstemmen tijdens het werk aan de waterveiligheid. Wat voor Servië geldt, geldt natuurlijk ook voor die andere buurlanden. Ook zij moeten beseffen dat het niet alleen een lokaal probleem is of juist het probleem van dat andere land, maar dat het een gezamenlijk probleem is dat in gemeenschap moet worden opgelost. Dit heeft ook alles te maken met het krijgen van een volledig beeld van het probleem. Hoe een stuwmeer bij de rivier Drina wordt beheerd, heeft effect op de rivier in de laaglanden van de buren."

Nederland is lid van de zogeheten 'Internationale Rijn Commissie' waarin de landen waar de Rijn doorheen stroomt, met elkaar overleggen en afstemmen. De landen rondom de Donau hebben een 'Donau Commissie' waarin wordt gepraat over bijvoorbeeld de bevaarbaarheid van de Donau, de hoofdader in Zuid-Oost Europa die vanuit de Alpen naar de Zwarte Zee stroomt. "Deze commissie overlegt op het niveau van de Donau en niet op het haarvatenniveau van bijvoorbeeld de vertakkingen, zoals de Sava en de Drina. Er moet daar meer aandacht komen voor de zijrivieren en hun vertakkingen."

Van Ledden erkent dat internationale samenwerking veel tijd kost. "Daarom moeten er parallel aan dat overleg alvast op korte en middellange termijn maatregelen worden genomen, zoals het bouwen van een goed monitoringssysteem en eventuele dijken en verstevigingen van de oevers. Dat blijkt nodig, want in de afgelopen tien, vijftien jaar zijn er elk jaar wel grote of kleinere overstromingen in dat gebied geweest. Niets doen totdat er een degelijke internationale samenwerking is, is dus geen optie."

3. Bouw een goed waarschuwingssysteem

Nederland heeft veel ervaring met een goed werkend voorspellingssysteem voor hoogwater, zegt Van Ledden. Bij de autoriteiten en betrokkenen gaan de alarmbellen rinkelen als er iets dreigt mis te gaan en als het water hoger dan normaal komt te staan. "Zo'n systeem zorgt ervoor dat we op tijd worden gewaarschuwd voor bijvoorbeeld een overstroming. Die systemen worden wereldwijd steeds meer gebruikt, we zijn nu bijvoorbeeld in Bolivia bezig om zo'n systeem te bouwen. Het Nederlandse kennisinstituut Deltares heeft veel ervaring met het ontwikkelen van zo'n systeem waarbij bij een riskante weerssituatie, stand van het water of stroming een waarschuwing uitgaat. Op de Balkan zou zo'n systeem veel leed kunnen voorkomen. Zodra een waarschuwing uitgaat, kan worden besloten tot een evacuatie, het oproepen van hulptroepen en andere noodmaatregelen. Het aantal slachtoffers en schade kan dan worden beperkt."

De waarschuwingen betreffen volgens de waterexpert niet alleen overstromingen, maar ook landverschuivingen, zoals in Servië. "Een landverschuiving ontstaat doordat de grond sterk verzadigd raakt. Dat staat in direct verband met hoogwater, de situatie van het grondwater en overstromingen. In Servië bestaat wel een monitoringssysteem, maar dat is lang niet zo geavanceerd dat de mensen op tijd worden gewaarschuwd, zoals die we in West-Europa kennen."

Alle leed verzacht zo'n systeem natuurlijk niet, zegt Van Ledden, 'want het voorkomt geen overstroming en het zegt niets over wat het water gaat doen'. "Maar een gewaarschuwd mens telt voor twee en daarom is een goed waarschuwingssysteem van groot belang. Zo'n systeem kan op korte termijn worden ingesteld."

4. Denk bij het bouwen aan de oevers aan de risico's van het water

"We willen graag aan het water wonen voor het uitzicht. Ook is het voor bedrijven economisch interessant vanwege het vervoer. Dat zien we in Nederland bijvoorbeeld in Nijmegen en Maastricht. In Servië zien we dat ook. Maar als iemand daar langs een rivier wil bouwen, moet diegene wel goed nadenken over de risico's en hoe de bebouwing te beschermen tegen overstromingen", zegt Van Ledden. "Ook moeten we goed bedenken wat we accepteren aan risico's. In bijvoorbeeld dunbevolkte gebieden kan meer risico worden genomen dan in dichtbevolkte delen. De vraag is dan: waar accepteren we welke schade? We kunnen niet tot in het oneindige dijken bouwen. De overstromingen in Servië zijn de ergste in de afgelopen honderd jaar, maar dat wil niet zeggen dat het nog eens honderd jaar gaat duren voor het weer gebeurt. Het kan volgend jaar ook weer raak zijn. De weersomstandigheden en het water zijn nooit honderd procent voorspelbaar of vooruit te berekenen. In Nederland hebben we watersnood in 1953 meegemaakt, maar ook in 1993 en weer in 1995. Sindsdien is het rustig, maar dat zegt niets. Politiek en bestuur moeten rekening houden met de risico's. In Nederland zit water in ons DNA, waardoor het altijd hoog op de agenda staat, maar dat is in andere landen niet vanzelfsprekend. Hier houden we altijd rekening met het water bij bijvoorbeeld het bouwen, maar dat gebeurt niet overal."

5. Water moet prioriteit worden

Hoogwaterbescherming is net als het bezitten van een EHBO-koffertje. Dat hopen we nooit te gebruiken en als het goed is maken we er ook maar weinig gebruik van en zolang ligt het ergens in een hoekje in de kast. Totdat we het nodig hebben, want dan zijn we blij dat we het hebben. "Waterbescherming kost geld, tijd en energie, maar we merken pas het nut ervan als we die nodig hebben. Het is geen nieuwe weg die economische vooruitgang te weeg brengt. Maar het kost ons straks uiteindelijk veel minder geld dan de schade en leed na een overstroming", zegt Van Ledden. "Daarom moeten de overheden, bijvoorbeeld in Servië en Bosnië, het water urgent maken, ook al levert het niet direct iets op. Zo moeten bijvoorbeeld 'kritische infrastructuur' als waterzuiveringsinstallaties, grote pompstations en energiecentrales goed worden beschermd. Daar zijn in Servië bijvoorbeeld problemen. Als zulke infrastructuur het niet meer doet bij een overstroming, duurt het nog langer voordat er een oplossing is voor de mensen in dat probleemgebied en zo'n gebied zich kan herstellen. Datzelfde geldt bijvoorbeeld voor generatoren voor ziekenhuizen. Als die het niet meer doen, zijn de mensen in een overstromingsgebied nog verder van huis. Maar om dit alles te kunnen doen, moet er eerst draagvlak zijn op alle niveaus van de overheid. Soms moet bijvoorbeeld voor een maatregel een bestemmingsplan worden gewijzigd op gemeentelijk niveau. Als de gemeenteraad het water laag op de agenda heeft staan of de problematiek niet helemaal begrijpt, komt die aanpassing van het bestemmingsplan er niet en kan een waterprobleem in de toekomst moeilijker worden opgelost."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden