'Kijk, nu springt Satan van ellende rond als popcorn'

GABORONE (BOTSWANA) - Een gewone werkdag, half zes 's avonds. In een kleine zaal boven een supermarkt wordt de duivel bij zijn staart gepakt. “Ga weg, satan! Lafaard! Jouw laatste uur is geslagen. Scheer je hier vandaan! Je kunt toch niet op tegen de kracht van ons gebed.” Niemand die in de Botswaanse hoofdstad van dergelijke taal opkijkt.

In een temperatuur van zeker 50 graden zitten zo honderd zwarte gelovigen bijeen. Driekwart van hen is vrouw. De meesten zijn zo uit het werk hier naartoe gekomen. Gespannen luisteren en kijken ze hoe de bezwete voorganger de Boze de wacht aanzegt: “Satan, ik haat je!” Het publiek roept het de man luidkeels na en volgt nauwkeurig zijn instructies op: “Leg beide handen op je hoofd, keer je in de richting van je huis en bid hardop 'Christus, Heer, verlos me van het kwade'.”

De Universele kerk van het koninkrijk Gods biedt haar volgelingen waar voor hun, grif gegeven, pula's (guldens). Onder meer 'heilig water' dat over meegebrachte foto's en kleding van dierbaren wordt gesprenkeld om de boze krachten die in hen huizen te breken. Daarnaast krijgt iedereen de verzekering dat 'de Heer elk van jullie van zijn kwalen zal genezen'. Ja, ook van het hiv-virus (aids) dat hier in Botswana als een steppebrand om zich heen grijpt. “Want God verhoort elke smeekbede.”

Een jonge bibliothecaris heeft dat aan den lijve ondervonden. Hij had een leverkwaal, zo ernstig dat ziekenhuisopname onafwendbaar leek. Maar zie, één healing in de kerk was voldoende, en de artsen hadden het nakijken.

Intussen lopen de emoties in de zaal hoog op. Vrouwen werpen zich krijsend op de grond, kronkelen schuimbekkend over de vloer. Ze worden door de voorganger en twee assistenten overeind gesleurd, en de duiveluitdrijving begint: “In de naam van Jezus, kom naar buiten, Satan!”.

Er wordt geworsteld en geroepen, handen slaan tegen voorhoofden. Als een van de vrouwen, een meisje van naar schatting negentien, weer bij zinnen komt, roept de pastor verheugd:“Kijk, Satan springt nu van ellende in het rond als popcorn.”

Vijf diensten per dag worden er hier gedraaid. De eerste om zeven uur 's morgens. En alle zitten ze barstensvol.

“De traditionele missie- en zendingskerken moeten thans de prijs betalen voor hun gebrek aan inculturatie, voor een te sterke oriëntatie op het westen. Terwijl hun ledental nauwelijks toeneemt of zelfs licht daalt, groeien de Afrikaanse onafhankelijke kerken als kool. Hier, in Botswana, is de aanhang al meer dan tweemaal zo groot als die van de andere kerken samen.”

James Amanze, anglicaans priester en docent theologie aan de universiteit van Gaborone, kent de feiten als geen ander. Hij heeft twee boeken over het fenomeen geschreven en hij wordt in Afrika als een expert erkend.

Gevraagd naar de reden waarom in Botswana de opkomst van de Afrikaanse onafhankelijke kerken nog explosiever is dan elders op het zwarte continent zegt hij: “De Engelse, Schotse en Duitse zendindelingen die hier vanaf 1820 het christendom kwamen prediken, zijn in Botswana wel bijzonder bruut tekeer gegaan tegen de oorspronkelijke (Tswana-)-cultuur. Alles moest tegen de vlakte: de initiatieriten, de voorouderverering, polygamie, natuurgeneeskunde. In westerse ogen was het allemaal heidens, barbaars en onzedig. Dus weg ermee!”

Dat leidde tot verzet. En in het begin van deze eeuw ontstonden de eerste, zogenaamde onafhankelijke kerken. Gesticht door Batswana, die de traditionele Tswana-cultuur op een natuurlijke wijze wilde vermengen met de waarden en leer van het christendom.

Amanze:“Vandaag de dag zijn deze kerken niet meer weg te denken uit het christelijk leven in dit land. Vele ervan treft men aan in de arme wijken van steden als Gaborone, Francistown en Lobatse. Maar ook in de grote dorpen kom je ze tegen, en zelfs op het platteland.

Hun spiritualiteit (healing, duiveluitdrijving, voorouderverering) en liturgie (veel zang, dans, emotie sluiten beter aan bij de Afrikaanse mentaliteit, cultuur en geschiedenis dan de veel minder soepele attitude van de klassiek-christelijke kerken, de pinsterbeweging incluis).

Veel westerse predikanten, pastores en theologen zijn geneigd de onafhankelijke kerken in Afrika als niet echt christelijk te beschouwen. Amanze hoort daar niet bij: “Ik kan geen enkel steekhoudend argument noemen op basis waarvan je deze kerken het predikaat 'christelijk' kunt onthouden. Alle erkennen ze Jezus Christus als hun Heer en Verlosser, geloven ze in de Drieeenheid, baseren ze zich op de bijbel.”

Amanze wijst erop dat veel van wat in deze kerken wordt geloofd, geleerd en in praktijk gebracht een sterk oud-testamentische inslag heeft: het idee van zoenoffers brengen, de voorouderverering, doodsrituelen, droomuitleg, het spreken van God door de stem van profeten, onderscheid maken tussen reine en onreine dieren. Amanze: “Wat de onafhankelijke kerken doen, staat dichterbij bepaalde bijbelse opvattingen en gebruiken dan hetgeen de klassiek-christelijke kerken verkondigen en in praktijk brengen.”

Overigens is de diversiteit van de onafhankelijke kerken enorm. In een poging enig orde in de chaos te brengen nam het Botswaanse parlement in 1975 een wet aan waarbij van alle kerkgenootschappen in het land werd geëist dat ze een reglement zouden opstellen en een boekhouding voeren. Pas dan kan een kerk officiële overheidserkenning krijgen. Driekwart van de onafhankelijke kerk lapt de wet echter aan zijn laars.

En omdat vrijheid van godsdienst in de Botswaanse grondwet ligt verankerd kan de overheid niets tegen deze boycot doen.

Zo wordt het conglomeraat van onafhankelijke kerken in Botswana steeds uitgebreider en ingewikkelder. Nieuwe kerken komen op, oude verdwijnen of vallen uiteen. Huisgemeenten van veertig leden staan naast kerkgenootschappen met 30.000 volgelingen. Sommigen, zoals de Universele kerk, zijn elders in Afrika ontstaan, anderen hebben een inheems-Botswaanse oorsprong.

Maar samen vormen ze, volgens James Amaze, op langere termijn een serieuze bedreiging voor de voormalige missie-, en zendingskerken van anglicaanse, protestants-christelijke en rooms-katholieke huize. Amanze: “Die moeten opschieten met het proces van afrikanisering, anders missen ze de boot.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden