Kiezen tussen 'Yankees' of het 'gele gevaar'

China en de Filippijnen hebben ruzie om eilandjes in de Chinese Zee. In die zee spitst ook de machtsstrijd tussen de Verenigde Staten en China zich toe. De Filippijnse regering zoekt steun in Washington. 'Gevaarlijk', stellen critici.

Pal na de Japanse aanval op het Amerikaanse Pearl Harbor in 1942 veroverde het keizerlijk leger Clark Air Base, de Amerikaanse legerbasis op een paar uur rijden van de hoofdstad Manila. Die Japanse verovering vormt een tragisch markeringspunt voor de tegenstanders van buitenlandse militairen in de Filippijnen. Het land was tot 1945 een Amerikaanse kolonie. Maar ook na die tijd zijn de VS altijd militair present geweest, tot op heden. En dat maakt het land kwetsbaar voor vijanden van de VS, en voor manipulatie door grootmachten. "Ze zullen ons weer manipuleren. Niet alleen de Amerikanen. Het kan ook China zijn, of Australië dat hier mijnen heeft", is te horen in het parlement.

Toch blijft de meerderheid van de bevolking en politici pro-Amerikaans, zeker nu China zich steeds assertiever opstelt in de regio. Maar een duidelijke discussie hierover wordt niet gevoerd. De nieuwe Filippijnse regering van Benigno Aquino III heeft transparantie hoog in het vaandel, maar dat is niet te merken op het gebied van defensie en buitenlandse zaken. De reden: de Amerikanen hebben hun legerbases dan wel officieel opgeheven, middels een nipte meerderheid in de Senaat in 1991, maar via een achterdeur zijn ze weer permanent teruggekomen.

Parlementariër Walden Bello geeft een voorbeeldje in zijn werkkamer in het parlement. In februari was er een luchtaanval op een terroristenkamp van Abu Sayyaf, een radicale afscheidingsbeweging die een islamitische staat op het zuidelijke eiland Mindanao nastreeft, waarbij vijftien doden vielen. Nog steeds is onduidelijk of terroristenleider Zulkifli bin Hir, strijdnaam Marwan, op wiens hoofd de Amerikanen vijf miljoen dollar hadden gezet, daarbij wel of niet het leven liet. "Wel is duidelijk dat de precisieaanval niet kan zijn uitgevoerd door verouderde Filippijnse bommenwerpers. Volgens de regering zijn OV-10's gebruikt. Maar die stammen uit de tijd van de Vietnamese oorlog", schampert Bello.

Bello is ervan overtuigd dat de Amerikanen de aanval in februari met drones, onbemande vliegtuigen, hebben uitgevoerd, dan wel het Filippijnse leger hebben gegidst met een drone. Het zogeheten Visiting Forces Agreement tussen Manila en Washington uit 1999, staat echter alleen gezamenlijke militaire oefeningen toe. Reden voor Bello om een speciale hoorzitting aan te vragen. Academici getuigden er dat het hooggerechtshof heeft bevestigd dat de Amerikanen geen rechten hebben op militaire bases noch op faciliteiten, en geen opstanden mogen onderdrukken. Toch zijn er permanent 600 Amerikaanse 'special ops' (militairen voor geheime operaties) op Mindanao, officieel om de Filippino's te trainen tegen terrorisme.

Zowel Washington als Manila ontkent standaard dat Amerikaanse militairen betrokken zijn bij gevechten, maar getuigen beweren het tegendeel. "Het Pentagon heeft hier geheime bases én faciliteiten", vat een professor tijdens de hoorzitting samen. "De Filippijnen zijn één grote Amerikaanse basis", stelde zijn Filippijnse collega Herbert Decena van de Universiteit van Californië al eerder.

Het Amerikaanse kampement op Mindanao is er sinds 2002, destijds opgezet om het moslimterrorisme te bestrijden, in de oorlog van president Bush tegen terrorisme. Maar hoe komt het dat Abu Sayyaf tien jaar later nog even sterk is als destijds, zo niet sterker? Waarom doorgaan met die VS-missie?, vraagt Walden Bello zich dan ook af. "Mijn grootste angst is dat Mindanao een magneet wordt voor terroristen uit heel Zuidoost-Azië. Dat ze bij ons de confrontatie met de VS zoeken."

Bij de aanval op het terroristenkamp in februari kwamen inderdaad strijders uit diverse landen om. "In de regio's Sulu, Basilan en bij Zamboanga is een niemandsland ontstaan. Daar woedt een eindeloze oorlog", zegt Bello, als sociologieprofessor ook bekend om zijn boeken over de politieke economie van de Filippijnen en globalisering. In 1991 moesten luchtmachtbasis Clark en marinehaven Subic Bay sluiten, tot verdriet van veel Filippijnse medewerkers, de voltallige horeca en de kolonnes arme vrouwen die op de rijke militairen afkwamen om wat peso's bij te verdienen. Zij, en velen met hen, zouden graag de banden met de VS aanhalen. Die brachten immers massaonderwijs en democratie naar de eilandengroep.

De VS richten hun militaire aandacht op he eiland Mindanao, in een voor buitenstaanders niet te controleren 'Oorlog tegen Terrorisme'. "Het Visiting Forces Agreement spreekt over een kort militair verblijf, maar de troepen zijn er nu al tien jaar, terwijl de Grondwet aanwezigheid van buitenlandse troepen verbiedt. En het einde is nog niet in zicht."

Aan het woord is filosoof Eduardo Tadem van de Universiteit van de Filippijnen. Een land moet nooit buitenlandse troepen herbergen, vindt hij: "Die zijn een affront voor de soevereiniteit, alsof we nog steeds een Amerikaanse kolonie zijn. Het gaat vaak gepaard met misbruik, uitbuiting, criminaliteit. Ten tijde van Clark en Subic Bay zijn er veertien doden gevallen door Amerikaanse militairen. Geen enkele van die zaken is voor het gerecht gebracht."

De studenten van Tadem zitten op zaterdagmiddag op de groene campus van Diliman te wachten tot hun college begint. Binnen zegt Tadem niets te geloven van die zogenaamde 'War on Terror'. "Mindanao is een kolonie van Manila. Onze rijkste regio, die altijd is uitgebuit door Spanjaarden, Amerikanen, Filippijnse elites. Wat Abu Sayyaf doet is niet goed, maar moslimgroepen in Mindanao zoals het MILF voeren een legitieme strijd voor erkenning."

Net als Bello bekritiseert Tadem de geheimzinnigheid rond de Amerikaanse militaire operaties in zijn land. "Ze zouden onze troepen trainen, technieken overdragen en de veiligheid vergroten, maar dat is totaal niet gebeurd. Ze laten bijvoorbeeld wel zien hoe zij met nachtuitrusting werken, maar houden alles zelf. Wat er met die drones gebeurt is zó geheimzinnig. In Mindanao hebben de Amerikanen eigen faciliteiten, gebouwen, catering. Een Amerikaans privébedrijf à la Blackwater regelt alles: wagens, vliegtuigen, schepen. De burgemeester van Zamboanga is voorstander, omdat de elite ervan profiteert. Anderen voelen de problemen die het met zich meebrengt zoals prostitutie, militairen die rondrijden in auto's zonder kenteken en daarmee ongelukken veroorzaken, burgerdoden bij aanvallen op vermeende terroristen."

Begin dit jaar besloot president Obama dat de VS het zwaartepunt van hun militaire inzet moeten verleggen van Europa naar Oost-Azië, als reactie op de (militaire) opkomst van China. Er komt een nieuwe Amerikaanse basis in het Australische Darwin en in Singapore, en militaire banden met andere landen, zelfs met communistisch Vietnam, worden aangehaald. Druk overleg is gaande met de Filippijnen, dat sinds de onafhankelijkheid in 1945 altijd zo'n trouwe bondgenoot is geweest tegen het communisme - zo vochten Filippijnse militairen ook mee in de Koreaanse, de Vietnam- en de Golfoorlog. Nu werpt de regering in Manila zich achter de schermen op als focuspunt van die 'Draai naar Azië-strategie'.

"Wij parlementariërs moesten in de New York Times lezen dat de VS hun troepen willen roteren tussen Okinawa (grote basis in Japan), Australië en de Filippijnen", klaagt Bello. "Wij eisen meer transparantie. De VS hebben de Filippijnen al vaker gebruikt voor hun eigen strategische belangen. Onze grote overeenkomst zou de democratie zijn, maar president Reagan heeft dictator Marcos gesteund tot die gedwongen moest aftreden in 1986."

Tadem en Bello zouden de speciale relatie tussen VS en Filippijnen liefst beëindigen. "Het bindt ons te sterk aan de Amerikaanse buitenlandse politiek", vat Tadem samen. "Wat het Visiting Forces Agreement ons oplevert, is onduidelijk. Het is in feite een stap terug in de tijd, die het Amerikaanse leger weer binnenhaalt." Zo komt er een door de VS betaalde upgrade van tientallen miljoenen van twee bases in Pampanga en Nueva Ecija (beide in de buurt van Manila) zodat die beter door VS troepen gebruikt kunnen worden, onder de noemer 'militaire hulp'.

De regering vraagt om nog meer Amerikaanse militaire hulp, tegen China en tegen diverse binnenlandse moslimgroepen en het communistische New People's Army. "Alles valt binnen het Visiting Forces Agreement", stelt defensieminister Voltaire Gazmin gerust. Maar Bello ziet de intensievere samenwerking als bewijs dat de VS de Filippijnen als buffer gebruiken tegen de dreiging van China in de Zuid-Chinese Zee.

In augustus stelde hij overigens voor die Zee om te dopen tot West-Filippijnse Zee. De regering ging met dit voorstel akkoord; de nieuwe naam is al ingeburgerd. "Het is vooral een symbolische zet. Maar betekenisvol omdat je het psychologisch voordeel bij China weghaalt."

China maakt zich niet geliefd in de regio omdat zijn vissers en patrouilleboten regelmatig agressief optreden en daarbij dubbele normen hanteren: vissers uit andere landen worden verjaagd of gearresteerd. Chinese vissers dringen wel door in vreemde wateren. China gaat een haven voor toerisme en visserij aanleggen voor de kust van Jinqing, onderdeel van de Paraceleilanden, die door diverse landen worden geclaimd. En terwijl China olieboringen doet in omstreden territorium, staat het niet toe dat de Filippijnen naar olie boren voor de kust van het Filippijnse eiland Palawan. Sinds april is er een conflict rond de Scarborough Shoal eilanden, die volgens de VN in Manila's economische zone van 230 mijl liggen, wat China niet erkent.

"Toen Chinese patrouilleboten vorig jaar onze vissersschepen lastigvielen, rende Buitenlandse Zaken naar de VS", zegt parlementariër Bello. "Niet goed, want zo maak je er een confrontatie tussen supermachten van, en marginaliseer je je eigen territoriale macht. De Filippijnen moeten zich in de regio duidelijker profileren."

Reden waarom Bello in augustus demonstratief met vier andere Filippijnse Congresleden een bezoek bracht aan eiland Pagasa, onderdeel van de omstreden Spratly-eilanden. Tot ergernis van Peking. Ze namen twee nieuwe Filippijnse vlaggen mee, want de oude was kapotgewaaid. "De stap van de Filippijnse kant heeft serieuze inbreuk gemaakt op China's territoriale soevereiniteit", reageerde Peking. Zijn onafhankelijke opstelling maakt Bello niet geliefd in Washington, maar hij heeft het sinds zijn Spratly-uitstapje ook in Peking verbruid.

In hoeverre is er eigenlijk sprake van een Chinese dreiging voor Manila? Bello wijst op het onderscheid tussen de bij tijden agressieve retoriek van Chinese media, bestemd voor de binnenlandse markt, en de krijgsmacht die niet als prioriteit heeft de hele Zuid-Chinese Zee te veroveren. "Het gevaar wordt overschat, maar hun oorlogstaal helpt niet. Die is alarmerend."

Professor Tadem verwacht evenmin een inval. "Maar China probeert wel bilateraal zijn mening over territoriaal bezit door te drukken. De hele regio is erg afhankelijk van Chinese investeringen, handel en ontwikkelingshulp. Dat zijn ook wapens. En die invloed neemt nog toe. Waarschijnlijk zullen landen gaan toegeven, zonder dat Peking een schot lost."

Omstreden eilanden
Diverse landen houden een exclusieve economische zone voor de kust aan van 200 zeemijlen, maar China erkent dat niet. Het ziet de hele Zuid-Chinese Zee als 'centraal belang'. Dat compliceert de onderhandelingen over diverse omstreden eilandengroepen. Bovendien overlappen die zones elkaar soms (zie kaart). Een ander punt van verschil is dat China het liefst met elk (klein) buurland afzonderlijk een probleem oplost middels diplomatieke en economische druk. Een verzoek van de Filippijnen om internationale arbitrage heeft China afgewezen. Het is ook niet aangesloten bij het VN-Zeerechtverdrag (Unclos). Diverse buurlanden als Maleisië, Vietnam en de Filippijnen claimen delen van de Spratly eilanden en streven naar een multilaterale oplossing. "Wij moeten samen harder proberen in het regionaal overlegorgaan Asean de Spratly's ter sprake te brengen, om zo China over te halen", zegt parlementariër Walden Bello. Voorlopig zit dat er niet in, omdat diverse Aseanleden als Laos en Cambodja sterk van China afhankelijk zijn.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden