Kersmuziek

Wel de lusten, niet de lasten. Nee, dat zal niet gaan, is mij van jongs af aan bijgebracht. Alhoewel, in het bijbelverhaal, dat mij in het algemeen toch als leidraad werd voorgesteld, zit Maria lekker te luisteren, terwijl de ronddravende Martha gegispt wordt omdat ze niet weet te genieten. Enfin, dit terzijde. Afgelopen vrijdag kwam ik, na de hele week in Rotterdam op het Poetry International Festival te hebben rondgelopen ten einde de dichtkunst en mijzelf wat te verrijken, in Frankrijk aan. Het was een uur of elf, het laatste zomerlicht stond op het punt te verdwijnen. Toen ik uitstapte en het hek openmaakte, hoorde ik schallende muziek van een niet al te bezonken allooi. He, vreemd. Het is hier meestal doodstil, zeker op dit uur van de dag. De geluiden hier bestaan voornamelijk uit smakkende koeien, langsrollende tractors en een enkele keer een grasmaaier. Aan daverende arbeidsvitaminen was ik althans nog niet gewend. Ik hoorde Abba op oorlogssterkte ’Waterloo’ schreeuwen en een ander, mij onbekend bandje galmde op luide toon ’I love America’. Het waren ook geen Franse chansons, die ik eventueel nog had kunnen plaatsen, maar liedjes uit de algemene, universele tophits. Misschien is er iemand geslaagd voor zijn eindexamen, bedacht ik in een poging de luide kroegmuziek te rechtvaardigen. Ik had weliswaar nooit iemand van de examengerechtigde leeftijd in deze buurt gezien maar je wist het niet, misschien een overijverige boerenzoon die altijd maar binnen zat om hogerop te komen.

Vreemd was wel dat ik alleen maar muziek hoorde en geen stemmen of feestelijk gedruis. Misschien was iedereen reeds te beschonken om nog een kik te geven. Je gist wat af als je getroffen wordt door ongerijmdheden. Om twee uur was het lawaai nog steeds niet gedaan en toen ik de volgende ochtend bij het krieken nog immer de ongewijde liederen over de velden hoorde schallen, besloot ik op onderzoek uit te gaan en vond na enig zoeken en peilen de bron van het kwaad in een boom. De naburige boer had een transistorradio in de boom gehangen en op z’n hardst aangezet om, naar ik even later van hemzelf begreep, de vogels te verjagen. Daarna vergeten uit te zetten.

Want het is kersentijd. Zo doen ze dat hier. Liever een nachtje geluidsoverlast dan pikkende vogels. Ik dacht aan de religieuze sekte in Waco die ze met knalharde muziek hadden getracht uit te roken. Aan de hangjongeren die ze in het winkelcentrum met klassieke muziek hadden verdreven. Muziek als wapen. Ik ging in de tuin kijken naar mijn eigen bomen en de rode rakkertjes hingen er al aan, al hadden ze niet de diepe Betuwe-kleur die ik ervan verwachtte. Maar de muziek suggereerde toch dat ze rijp waren. Ik plukte er een, als God in Frankrijk.

Weer een les in ontstedelijking: soms moet er heel hard hersenloze muziek aan om een doosje kersen te bemachtigen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden