Kerk zonder liefde: weinig toekomst

De katholieke kerk in zijn barmhartigheid kwijtgeraakt die ooit zo typerend voor haar was.

Erik Jurgens voorzitter van Mariënburg en vereniging van kritisch katholieken

Wel heel veel katholieken, vrees ik, hebben zich geschaamd voor hun kerk bij de recente weigering van de eucharistie aan homoseksuelen ’omdat zij in zonde leven’. Kerkleden die zijn gescheiden, en daarna hertrouwd, of die gewoon samenwonen, zij leven eveneens ’in zonde’. Voor hen geldt dus ook: geen eucharistie. En dat zijn er nogal wat.

Dat zijn de regels die Rome hanteert en oplegt. Uitgangspunt is dat ’de scheppingsorde’ zou decreteren dat uitoefening van je seksualiteit alleen mag plaatsvinden binnen een (kerkelijk ingezegend) huwelijk tussen man en vrouw. Die ’scheppingsorde’ is een moraaltheologisch construct uit de middeleeuwen. Waar in het evangelie kan echter hiervoor een grondslag worden gevonden? Waarom bemoeit de kerk zich zo intensief met seksualiteit? Waarom wordt deze gedegradeerd tot iets minderwaardigs, ook als het gaat om mensen die van elkaar houden en gewetensvol proberen te leven?

In de katholieke kerk bestond – vaak tot ergernis van reformatorische christenen – in de tijd van het ’rijke roomse leven’ een gedoogcultuur. Er waren wel strenge zedelijke regels (‘zedelijk’ betekende in die tijd – en dat is kenmerkend! – vooral ’kuis’), maar in de pastorale praktijk was de kerk liefdevoller, met begrip vanuit de pastorie voor ’de zwakte van het vlees’ onder de gelovigen. De regels bleven echter onveranderd. Gevolg is dat, waar liefdevol gedogen ophoudt, er liefdeloze regels overblijven.

Het incident in het Brabantse Reusel, dat vervolgens werd verdedigd door de Bossche bisschop Hurkmans, laat zien wat daarvan het gevolg is: een niet van pastorale zorg getuigende toepassing, dit met beroep op de hardheid van de regel. Dan begint voor het kerklid de schaamte. Trouwens, ook al ben je liefhebber van harde regels dan kun je in de praktijk toch uitzonderingen maken op grond van de hardste regel in de navolging van Christus, die van de barmhartigheid?

Ergerlijk is vooral het gebrek aan bereidheid tot het afleggen van verantwoording. De kerk heeft gesproken, daarmee basta. Terwijl uitoefenen van gezag alleen aanvaardbaar is als een verantwoording wordt gegeven tegenover hen die worden geacht dat gezag te aanvaarden. Dat is in een democratische rechtsstaat vanzelfsprekend. Er is geen reden waarom dat in de kerk helemaal anders zou zijn. Dit betekent dat een eenvoudig beroep op ’de scheppingsorde’ om kerkleden uit te sluiten van eucharistie of avondmaal onvoldoende is. Je moet dan waar maken dat in onze dagen, nu wij meer weten over de mens, zijn herkomst en zijn diepere drijfveren, de regels van toen weergeven hoe ’de Schepper van de mens’ het gewild heeft. Dat verhaal van ’de scheppingsorde’ is bedacht om de toenmalige zedelijke orde een bovennatuurlijke rechtvaardiging te geven. Nu zit onze zedelijke orde echter anders in elkaar.

Wij weten immers beter hoe het zit met het ontstaan van de mens, en met de grondslagen van het menselijk samenleven. Dan kun je zo’n middeleeuws verhaal niet klakkeloos napraten. Je moet dan uitleggen waarom liefde tussen mensen, die plaatsvindt buiten een huwelijk tussen man en vrouw, ’zondig’ zou zijn. Is die liefde echt in strijd met wezenlijke morele regels die we nodig hebben om samen te overleven? In de zelfbewuste en ontwikkelde gemeenschap waarin wij leven je alleen beroepen op een gezagsargument, dat is onaanvaardbaar, ja, een ergernis.

Het gebrek aan bereidheid tot het afleggen van verantwoording is helaas tevens de oorzaak van dat handhaven van achterhaalde morele standpunten. Heb je als kerk steeds een actieve dialoog met je kerkleden over de inhoud van de waarden die je als kerkgemeenschap wilt verdedigen, dan zijn die waarden een levend bezit. Neem het voorbeeld van de encycliek Humanae Vitae, waarbij de paus – zonder enig overleg binnen de kerkgemeenschap – in 1968 het gebruik van voorbehoedmiddelen ’zondig’ verklaarde, zelfs binnen het huwelijk. Toen was het al duidelijk dat condooms verspreiding van geslachtsziekten kunnen voorkomen. In 2008 werd deze encycliek – opnieuw zonder enig overleg met de geloofsgemeenschap – bevestigd, ondanks de vreselijk plaag die hiv is, en die sindsdien ontelbare slachtoffers heeft gemaakt. Humanae Vitae is dus waarlijk geen levend bezit!

Mijn schaamte geldt dan ook niet zozeer het feit dat de bisschop van Den Bosch een opvatting verdedigde die de mijne niet is. Mijn schaamte geldt de weinig liefdevolle toepassing van dat standpunt. En het gebrek aan bereidheid om een echte inhoudelijke verantwoording te geven, door in discussie te gaan met de kerkleden.

Een kerkgemeenschap keert zo geheel in zichzelf, en gaat daardoor vroeg of laat ten onder.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden