Kerk moet gepimpt voor gehandicapten

Hoe ziet je droomkerk eruit? Tweehonderd gehandicapten, begeleiders en dominees wilden dat in kerkgebouw De Goede Reede in Veenendaal uitvinden. “Die omhelzing is de echte zegen.“

'We gaan de kerk helemaal pimpen, een make-over is hard nodig“, roepen de twee acteurs van theatergroep Liedmasjien, wijzend op vijftien schilderijen van verstandelijk gehandicapten die de grijze kerkmuren kleur geven. Er klinkt geroezemoes in de zaal. Zulke modieuze taal klinkt niet vaak van de kansel.

De theatervoorstelling is ongewoon, net als de andere activiteiten tijdens de landelijke werkdag van het platform Samen Geloven? Gewoon Doen!, afgelopen zaterdag.

Tijdens een vraaggesprek discussiëren de gehandicapten over de vraag of de preek afgeschaft moet worden. Bij een van de workshops doet iemand het voorstel om catechese al wandelend te geven.

Volgens Bernard Baakman, voorzitter van het platform en geestelijke verzorger bij de zorginstelling Bartiméus, moeten kerken meer luisteren naar de wensen van verstandelijk gehandicapten. Die wonen volgens hem steeds vaker in een gewone wijk, in plaats van in een instelling. Ook bezoeken ze vaker een gewone kerk. Maar die is vaak niet op hun komst voorbereid.

Organisator en pastor Piet Brongers vindt 'aangepaste' diensten geen oplossing: “'Aangepast' betekent aangepast aan de norm. We moeten onze opvattingen over wat normaal is achter ons laten. Stel je voor: de kerk brandt af. Hoe beginnen we dan? We gaan toch niet eerst kijken wie gehandicapt is en wie niet? We zetten eerst de verschillende aspecten van kerk-zijn op een rij, zoals woord en muziek. Pas daarna kijken we hoe iedereen op zijn manier aan zo'n onderdeel kan bijdragen.“

De 43-jarige verstandelijk gehandicapte Ina Perdok heeft gemerkt hoe moeilijk het is om iets voor de plaatselijke kerk te betekenen. Om haar onvrede te uiten, maakte ze de film 'Meer dan je denkt', waarin ze aan de gemeente uitlegde waarom ze geen last, maar juist een aanwinst voor de kerk was.

Hoewel Perdok uiteindelijk 'pastoraal medewerkster' werd, was de begeleiding gebrekkig. “Ik moest iemand begeleiden die op sterven lag“, zegt ze. “Die vrouw was ook een goede vriendin van mij. Dat was veel te moeilijk. Ik heb toen maar haar hand vastgehouden en gezegd: ga maar slapen.“

Liever zou Perdok iets met kinderen doen. “Bijvoorbeeld het voorbereiden van de kindernevendienst“, zegt ze glunderend.

Dominee Martin Snaterse van de Ontmoetingskerk in Rhenen schrok aanvankelijk toen een gehandicapte bij hem aanklopte om belijdenis te doen. “Het enige woord dat ik met hem kon communiceren was 'koffie'. Met behulp van de Kijkbijbel heb ik geprobeerd te achterhalen hoe hij over het geloof dacht. Dat lukte. De belijdenisdienst was bijzonder mooi. In plaats van een ja-woord, gaf hij mij een handdruk, terwijl hij de gemeente nadrukkelijk aankeek.“

Martin van der Kaaden, die met zijn gehandicapte pleegzoon Jeffrey in de Ontmoetingskerk komt, begrijpt dat veel gehandicapten moeite hebben om hun draai in de kerk te vinden. “Een gehandicapte brengt andere mensen in verlegenheid. Zeker als het nieuwkomers zijn. Men vindt ze eng en anders.“

Jeffrey werd wel geaccepteerd. Van der Kaaden: “Hij gaat van jongs af aan naar de kerk. Iedereen kent hem en weet dat hij graag met sleutels speelt, ook tijdens de dienst. Dat gerinkel is zo normaal, dat men pas na lange tijd ontdekte dat de ruis op de bandopname van de kerkdienst afkomstig was van Jeffreys gerinkel.“

Tijdens de toneelvoorstelling laat theatergroep Liedmasjien zien dat alle 'kleuren' in de kerk - elke bezoeker heeft bij binnenkomst een gekleurde shawl gekregen - samen een mooie regenboog vormen. “Het maakt niet uit of je geel bent of groen, in een droomkerk moet je het samen doen.“

Maar hoe betrek je gehandicapten precies bij de kerk? In een vraaggesprek met de zaal probeert Brongers daar achter te komen.

In groepjes van drie laat hij ze 'zoemen' over de vraag wat gehandicapten in de kerk kunnen én mogen. Het onzevader bidden, zegt de een. Collecteren, zegt de ander. Een bejaarde man achter in de zaal meldt dat hij misdienaar is: “Ik mag van alles aan de priester aangeven“, zegt hij.

Dominee Snaterse heeft, zegt hij, veel geleerd van zijn gehandicapte gemeenteleden. “Ik ben zelf erg theologisch ingesteld. Bij de gemeenteleden met een verstandelijke beperking staat niet het verhaal, maar juist ruiken, voelen en zien centraal.“ Dat kan volgens Snaterse een verrijking zijn. “Bij het verlaten van de kerk omhelst een gehandicapte de andere gemeenteleden altijd. Op díe manier ervaar je pas de goddelijk zegen. Het is een soort dubbele handoplegging.“

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden