Keerzijden van de revolutie

Vier maanden na de revolutie zijn de Egyptenaren diep verdeeld. Hun nieuwe vrijheid kent grimmige schaduwzijden. De criminaliteit stijgt, religieus geweld is aan de orde van de dag en de econo-mische situatie is dramatisch. "Wat betekenen de idealen van de revolutie nog als je kinderen geen eten hebben?"

Het kersverse bordje boven het rijbewijsloket in het ministerie van verkeer is een revolutie op zichzelf. 'Hier geen corruptie meer'.

De ambtenaren die met hun stempels elk een eigen koninkrijkje besturen, heffen geen tol meer; hun assistenten vragen niet meer sluiks om 'thee', en over verkeersboetes valt niet meer te onderhandelen.

Maar de bescheiden salarissen van de ambtenaren zijn niet gestegen, en evenmin is de bureaucratie er minder op geworden. En daarom biedt een rij jonge mannen in los zittende pakken aan om je er voor een vast bedrag, waar iedereen een deel van krijgt, doorheen te lozen.

"Ik vind het niet erg om te betalen voor een dienst", vertelt een van de klanten, die rustig een krant leest terwijl een mannetje voor hem de bureaucratie trotseert. "Zolang je maar de keus hebt."

Buiten op straat is van de nieuwe orde niets te merken. Iedereen lapt de regels aan zijn laars, zelfs nog meer dan vroeger. Auto's staan dubbel, soms driedubbel, geparkeerd en blokkeren de straten. Straatventers hebben de stoep overgenomen en winkeliers hebben een extra metertje aan hun gevel geplakt.

De politie staat erbij en kijkt ernaar. "We hoeven ze zelfs niet meer te betalen", grapt Abu Alaa, een venter die met zijn lawaaige speelgoed de hele breedte van de stoep opeist. "Nu zijn ze bang voor ons."

Abu Alaa is tevreden met de 'vrijheid' die de revolutie hem heeft gebracht, bevestigt hij met een grote grijns. Maar de nieuwe vrijheid, waar iedereen een eigen definitie van hanteert, heeft een grimmige keerzijde. In het doorgaans zo veilige Egypte, waar iedereen elkaar in de gaten houdt en op elke hoek van de straat een agent stond, heeft de criminaliteit ongekende hoogten bereikt.

In veel buurten van Caïro wordt de stilte van de avondklok doorbroken door geweervuur. Elke dag staan de kranten vol verhalen van voorheen ondenkbare misdaden, ontsnappingen uit de gevangenis en compleet uit de hand gelopen ruzies.

Ook het geweld tegen christenen is sinds de revolutie in een stroomversnelling geraakt. Elke week zijn er nieuwe incidenten, die pas de krant halen als er doden vallen.

Veel christenen zien dit, in tegenstelling tot veel moslims, niet als een tijdelijke uit 'vrijheid' geboren situatie, maar als een lang onderdrukte wens van fanatieke moslims om hen van islamitisch grondgebied te verdrijven.

In de media krijgen de salafisten steevast de schuld als het sektarisch geweld weer oplaait, op eenzelfde manier als alle criminaliteit door de media wordt toegeschreven aan de al bijna even ongrijpbare groep baltigeyya, tuig. Het leger is, zoals ook het geval was onder het regime van Moebarak, gevrijwaard van kritiek, ondanks zijn herhaaldelijke gebrekkige optreden bij fitna tussen moslims en christenen.

"We zitten nu in een onzekere fase", zegt mensenrechtenactivist Gasser Abdel-Razek. "De discussie gaat nu vooral over de rol van religie. De eenheid van Tahrir zal nooit meer terugkomen." Ondanks dat Egypte voor een grote opgave staat, is Abdel-Razek op lange termijn positief. "Het heeft gewoon tijd nodig. We moeten zestig jaar mismanagement wegwerken. Scholing, schoon water, gezondheidszorg, vakbonden, de civil society; alles moet op de schop."

Egypte staat bol van de nieuwe initiatieven, en de betrokkenheid is ongekend. "Maar veel mensen moeten nog leren wat democratie inhoudt. De partijen lijken qua standpunten erg op elkaar, maar zijn het desondanks nooit met elkaar eens."

Tot nog toe hebben 74 politieke partijen, waarvan twee derde nieuw is, aangegeven mee te zullen doen aan de parlementsverkiezingen in september. Voor de revolutie waren partijen op religieuze grondslag verboden; nu zijn er maar liefst 19 nieuwe religieus georiënteerde partijen, zowel christelijk als islamitisch.

Vooral de Moslimbroederschap timmert hard aan de weg. Voortbouwend op haar reeds bestaande netwerk, dat zich uitstrekt tot in alle dorpen van Egypte, heeft de Broederschap een enorme voorsprong op de andere partijen.

De seculiere groepen, die de drijvende kracht achter de revolutie waren, hebben nauwelijks een achterban en moeten van voren af aan beginnen. Voor hen komen de verkiezingen in september te vroeg, nadat in een referendum (dat door de Moslimbroederschap handig werd omgetoverd in een religieuze plicht om 'ja' te stemmen) het volk overduidelijk voor snelle verkiezingen koos.

Hoewel de islamitische partijen zich, tot schrik van de christenen en het liberalere deel van de bevolking, steeds sterker profileren, vertoont de Moslimbroederschap steeds meer scheuren. Nu ze zich voor het eerst sinds haar bestaan actief mag mengen in de politiek, en positie moet kiezen, blijkt de organisatie minder eensgezind dan werd aangenomen.

Verschillende leiders maakten zich al van de Broederschap los om een eigen partij te beginnen en de jeugdbeweging, die in tegenstelling tot de moederorganisatie wel vanaf de eerste dag bij de revolutie betrokken was, heeft de afgelopen maanden meermaals de bevelen van het leiderschap genegeerd. Waar de grijsharige leiders zich sterk maken om van Egypte een islamitische staat te maken, ziet de jeugd liever een civiele staat, al dan niet op islamitische grondslag.

'De revolutie is van de jeugd', is de veelgehoorde uitspraak op het Tahrirplein, waar nog wekelijks op vrijdag wordt gedemonstreerd om de revolutie levend te houden. Maar ook doordeweeks staat het plein, naast de onvermijdelijke straatventers, vol met prekende imams en discussi-erende groepjes jongeren. 'De revolutie zal niet sterven', is de slogan van het moment.

"We gaan door tot onze eisen zijn ingewilligd", zegt activiste Samira Shalaby stellig. "Dat betekent de vervolging van het oude regime, een nieuwe grondwet en een einde aan corruptie. Alles wat we tot nu toe bereikt hebben komt doordat we druk op de militaire raad zijn blijven uitoefenen. Dat is nodig, want hun handelen na de revolutie laat te wensen over."

De generaals, die Moebarak uiteindelijk dwongen af te treden, hebben de ongemakkelijke rol van interim-regering overgenomen en vallen vaak terug in oude reflexen. Duizenden activisten werden sinds de revolutie gearresteerd en in sommige gevallen gemarteld.

Door dreigen door de revolutionairen met een 'tweede revolutie' zag het leger zich gedwongen haast te maken met de vervolging van de onttroonde president, ondanks druk vanuit Saoedi-Arabië om hiervan af te zien. Vorige week werd bekend dat Moebarak zal worden vervolgd voor de dood van de 850 'martelaren' van de revolutie, en werd hem een dwangsom opgelegd van 25 miljoen euro wegens het platleggen van het communicatieverkeer tijdens de revolutie.

Veel Egyptenaren rekenen zich vast rijk met de tientallen miljarden dollars die de ex-president volgens geruchten achterover heeft gedrukt. Hoewel een fractie van dat geld is teruggevonden, en Moebarak zelf claimt dat zijn fortuin uit een schamele miljoen dollar bestaat, verwachten veel Egyptenaren dat de buit onder het volk wordt verdeeld, en daarmee een einde komt aan hun problemen.

Moebarak, die volgens zijn advocaten depressief is, verblijft sinds zijn val in een ziekenhuis in Sharm el-Sheikh. Zijn zoon Gamal, zakenman en tot de revolutie de gedoodverfde opvolger van zijn vader, wacht samen met zijn broer en hun entourage van zakenmannen in de beruchte Tora-gevangenis in Caïro zijn lot af.

Onder druk van de activisten zijn de gehate minister van veiligheid en de corrupte minister van volkshuisvesting versneld veroordeeld tot vijf jaar, maar ze kunnen langere straffen verwachten. Net als ongeveer 3000 andere zakenmannnen wachten zij verder onderzoek naar corruptie af.

De geest van de revolutie is uit de fles. Door middel van demonstraties worden één voor één de oude aanhangers van het regime van hun posten bij de media, universiteiten en vakbonden verdreven. "Een groot deel van de oude garde zit nog gewoon op zijn plek", meldt een ambtenaar van het ministerie van Informatie cynisch. "Hun toon is veranderd, maar dat is alles."

Niet iedereen is blij met de aanhoudende demonstraties. "Er zit een groot gat tussen de revolutionairen en het volk", meent Karim Shafei, manager van een vastgoedinvesteringsmaatschappij. "Het volk heeft genoeg van de onrust en wil stabiliteit."

Veertig procent van de Egyptenaren leeft onder de armoedegrens (2 dollar per dag), en dertig procent er net boven. "Deze groep kan het zich niet permitteren om niet te werken", aldus Shafei. "Ze geven de activisten de schuld van de economische problemen. Wat betekenen de idealen van de revolutie nog als je kinderen geen eten hebben?"

De economische situatie baart zorgen, en zal volgens velen het verloop van de revolutie bepalen. De productie in het land ligt zo goed als stil, de reserves verdwijnen als sneeuw voor de zon en de werkeloosheid neemt met de dag toe. De toerisme-sector, die voor vijftien procent van de werkgelegenheid zorgt, ligt op zijn gat. "Ik heb de helft van mijn mensen moeten ontslaan", vertelt Hassan Sherif, manager van een hotelketen. "En de werknemers gaan maar door met staken. De eisen zijn belachelijk; een verdubbeling van het loon en een halvering van de werkdag. Ik overweeg de boel te sluiten."

Hoewel de kranten dagelijks miljarden aan leningen en investeringen uit het Westen en de Golfstaten aankondigen, is Sherif er niet gerust op. "Als dit zo doorgaat wordt het een revolutie van de armen. Dan zit er voor de mensen met geld maar een ding op; wegwezen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden