Keep them rolling, zegt Amsterdam over zijn nomaden

Stadsnomaden Maarten (links) en Johnny in hun tijdelijke kamp op Zeeburgereiland.Vandaag moeten ze verhuizen.Beeld Maartje Geels

Amsterdam gedoogt ze, maar niet te lang op één locatie. Vandaag moet een groep zogeheten stadsnomaden de plek verlaten waar ze vier maanden bivakkeerden. Op de nieuwe stek worden ze geweerd, door andere stadsnomaden.

Maurice staat te klussen aan de camper waarin hij woont. Het is maandagmiddag, en zijn onderdak is niet bestand gebleken tegen de hoosbuien van die ochtend. Een paar matrassen liggen in het gras te drogen. "Ja, ik weet het, we moeten hier aan het eind van de week weg", zegt Maurice. "Waar ik dan heen ga? Weet ik nog niet."

Dit is Zeeburgereiland, aan de oostkant van Amsterdam, direct aan het IJ. Het eerste wat je ziet als je komt aanlopen, is een klein tentje met een witte tuinstoel ernaast. Iets verderop op een braakliggend stuk grond staat een ongeordende verzameling caravans en campers, de meeste nogal vervallen, nog wat tentjes, een grijs geschilderde ouderwetse bus. Ertussen ligt rotzooi, planken van pallets, stukken plastic, vuilniszakken. Maurice - ringbaardje, ingevallen wangen, pet vlak boven z'n ogen - woont er nu bijna vier maanden, met nog zo'n twintig anderen.

Stadsnomaden worden ze genoemd. Het zijn mensen die geen woning hebben, deels uit vrije keus, deels uit nood. Er zitten mensen bij die jarenlang in kraakpanden hebben gewoond en daarna, toen anti-kraakwetten strenger werden, zijn overgestapt op het kraken van stukken land. Daklozen en drugsverslaafden. Mensen met een baan, mensen die maar wat aanrotzooien.

Amsterdam gedoogt ze. Een vergunning voor wat wettelijk gezien kamperen in het openbaar is, hebben ze niet. Maar de gemeente ziet onder ogen dat ze nu eenmaal mensen binnen de stadsgrenzen heeft die zich buiten de gebaande paden bewegen. Daarom laat ze hen hun gang gaan zolang ze geen overlast veroorzaken. Maar niet te lang op één plek, om de last voor omwonenden wat te verdelen. 'Keep them rolling', zei burgemeester Van der Laan kort geleden over die aanpak. En dat is precies wat er deze week gebeurt.

Tot april jongstleden bivakkeerden Maurice en nog zo'n vijftig anderen op een plek langs de snelweg A5 in het westelijk havengebied van Amsterdam. 't Landje noemden ze het zelf, en in de ruim drie jaar dat zij er woonden, was die plek uitgegroeid tot een klein dorp, met hutten en barakken en caravans, sommige met zonnepanelen, soms zelfs met een eigen waterput.

Rondslingerend vuilnis
Maar de gemeente Amsterdam vond drie jaar genoeg. Het dorpje werd te groot en de bewoners zorgden voor overlast, vond ze, bijvoorbeeld doordat ze hun vuilnis lieten slingeren. Ze wilde de grond trouwens ook voor iets anders gebruiken: het moet een akker voor biologische proefteelt worden. Begin april werd 't Landje ontruimd. Een deel van de bewoners nam zelf z'n spullen mee, de rest werd door de gemeente weggehaald.

De meeste bewoners van 't Landje trokken naar de andere kant van de stad, naar Zeeburgereiland. Daar kraakten ze het terrein waar elk jaar in augustus het Magneetfestival gehouden wordt. En dat is meteen ook de reden dat Maurice en de anderen weg moeten: binnenkort neemt het festival het terrein weer in gebruik.

Voor het eerst heeft de gemeente nu zelf een terrein aangeboden waar de stadsnomaden terecht kunnen: een parkeerterrein in Amsterdam-Noord, tussen sportvelden en volkstuinen. De gemeente heeft er een hek omheen gezet en een Dixi geplaatst, een mobiel toilet. De groep mag er tot het einde van het jaar blijven, langer niet.

Maurice aarzelt nog. "Het is klein daar, weinig ruimte. En je zit er pal naast een stadswerf, ik heb geen zin in toezicht van die mensen daar." En met een blik op de lekke band van zijn camper: "Nou ja, ik kan er nu toch niet naartoe rijden."

Gezellig
Is het vol te houden, zo'n leven van hot naar her? Maurice haalt z'n schouders op. Achter z'n camper komt Petra vandaan. Ze woonde ooit anti-kraak, tijdelijk en tegen een lage huur. Toen zij dat huis uit moest, belandde ze bij een vriendin die op 't Landje woonde. En nu zit ze dus op het Magneetfestivalterrein. "Water halen we op het bouwterrein hier verderop. En douchen doe ik op camping Zeeburg, voor een euro. Goed te doen, hoor." Intussen staat ze wel op een wachtlijst voor een woning. "Maar als ik die krijg, wil ik hier een tentje laten staan. Voor de gezelligheid."

Maurice grinnikt. Ja, gezellig is het. Iets té, misschien. Gisteren nog was de politie op bezoek, vertelt hij. Die was gewaarschuwd door bewoners van IJburg, aan de overkant van een flink stuk water. Ze hadden er genoeg van dat de wind dagelijks tot diep in de nacht harde muziek uit het stadsnomadenkamp liet overwaaien.

"Ze wilden spullen in beslag nemen. Maar dat liep uit de hand", vertelt Maurice. "Iemand protesteerde, en daarom wilden ze hem aanhouden. Maar hij verzette zich en toen werd er met pepperspray gespoten, maar de ene politieman spoot per ongeluk in het gezicht van de ander, haha."

Nee, uiteindelijk is er niemand aangehouden. "Die vent is in het water gesprongen en daar heeft-ie zich schuil gehouden tot de politie weg was. Maar er is wel veel in beslag genomen, geluidsinstallaties en laptops en zo."

Petra haalt water voor de afwas. Ze staat op de wachtlijst voor een woning. 'Als ik die krijg, laat ik hier een tentje staan. Voor de gezelligheid.'Beeld Maartje Geels

Drugsverslaafden niet welkom
"Sommigen drugsverslaafd. Sommigen berooid. Sommigen allebei", moppert Janusz. Met die woorden omschrijft hij de mensen die nu nog op het Magneetfestivalterrein wonen. Zelf is hij ongeveer drie weken geleden met ongeveer de helft van de oorspronkelijke groep verhuisd naar het nieuwe terrein in Amsterdam-Noord. En wat hem betreft komen die 'drugsverslaafden en berooiden' er op het nieuwe kamp niet in.

"De gemeente heeft ons nu voor het eerst een terrein toegewezen. Laat ze ons dan ook de middelen geven om te zorgen dat het hier goed gaat. Die mensen daar willen we kunnen weigeren. Anders wordt het hier ook weer een rotzooi."

Nu gaat het nog heel goed, vindt Janusz. Een slecht onderhouden parkeerterrein, onkruid her en der, "niet zo groen", zegt hij, "maar een prima plek, hoor, je kan niet alles hebben." De eigenaars van de volkstuinen waren aanvankelijk niet enthousiast over de komst met hun nieuwe buren. "Maar met sommigen hebben we kennisgemaakt en ik merk niets van weerstand."

Janusz haalt een biertje uit z'n caravan. "Toen ik veertien was, kwam ik in de problemen. Niemand kon me helpen - ik weigerde hulp, zeiden ze later. Sindsdien zorg ik voor mezelf. Ik ben nog nooit dakloos geweest. Eerst gekraakt, daarna in een caravan gewoond. Tussendoor heb ik een keer drie weken in een flat gewoond. Werd ik heel ongelukkig van. Die galerij! Al die voordeuren!"

Een uitkering heeft hij niet. "Niet nodig. Ik rommel wat bij elkaar, ik haal veel uit het grofvuil, ik knap weleens een stoel op." Is het niet vreselijk koud in de winter? "Valt mee. In de caravan heb ik een houtkachel. Verder heb ik niets nodig van anderen, ook niet van de overheid of zo."

Behalve dan dat ze graag de bewoners van het Magneetfestivalterrein zouden kunnen weren, herhaalt Janusz' buurman Asher nog maar eens.

Ongeveer een maand geleden, toen Asher zelf ook nog op het Magneetfestivalterrein woonde, is hij door een andere bewoner in z'n zij gestoken. Waarom? Hij doet er wat vaag over. "Het zal de stress over de naderende ontruiming, wel geweest zijn."

Een week lag hij ermee in het ziekenhuis. "En toen ik terugkwam, was de puinhoop op het terrein niet meer te overzien. Nee, ik hoef hen er echt niet meer bij."

Groene idealisten splitsen zich af
Midden tussen de struiken en het onkruid, op een uitgestrekt terrein op het andere uiteinde van Zeeburgereiland, staan her en der zo'n tien caravans en campers. Hier is nóg een groepje stadsnomaden neergestreken, en deze groep hoeft van de gemeente Amsterdam voorlopig niet weg.

"We hebben ons een beetje afgescheiden", zegt Ronald, een van de bewoners. Van vreemd bezoek willen de tien hier liefst verschoond blijven. Toen ze het stuk land kraakten, stond het toegangshek wijd open. Nu hangt er een stevig kettingslot op. Ernaast hebben ze een bordje opgehangen met de naam die ze voor hun kamp hebben bedacht: 'Green Source'.

Ronald had het wel een beetje gehad met de elke-dag-feest-sfeer van de groep op het Magneetfestivalterrein. "Daar zitten veel mensen bij die allang blij zijn dat ze van de straat zijn, dat ze iets van onderdak hebben, al is het maar een tentje. En verder kan het hen allemaal weinig schelen."

Ronald en zijn kampgenoten hebben verder reikende idealen. Zij willen zoveel mogelijk duurzaam leven. Alle caravans hier hebben zonnecellen, bijvoorbeeld, en om minder afhankelijk te zijn van water hebben ze composttoiletten aangelegd. "Ja, dat is wel even een klus", zegt Ronald - en dat ziet hij de meeste andere stadsnomaden nog niet zo snel doen, wil hij maar zeggen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden