Karikatuur van solidaire vrouwen en arrogante mannen in 'Medea'

EINDHOVEN - In de 'Medea'-voorstellingen die we in de afgelopen jaren in de grote zaal van de schouwburgen hebben gezien, waren verdriet en pijn op een intense manier aanwezig. Hoe verschillend de (mannelijke) regisseurs van de 'Medea' het stuk over de prinses uit het verre land die door haar Griekse echtgenoot Jason in de steek wordt gelaten, ook benaderden: Peter te Nuyl, Dirk Tanghe, Gerardjan Rijnders, de pijn die het scheiden doet, was de grondmelodie van alle drie de voorstellingen.

Heel anders is dit in de 'Medea' die vrijdag in Eindhoven bij Het Zuidelijk Toneel in premiere ging. De Duitse regisseuse Ursel Herrmann en haar echtgenoot Karl-Ernst Herrmann, die de ontwerpen voor het decor, de kostuums en het licht maakte, hebben van de tragedie van Euripides een harde, regelmatig zichzelf overschreeuwende confrontatie tussen de seksen gemaakt.

Elk detail in spel en beeld van de voorstelling is zorgvuldig en degelijk aangebracht. Medea is een zelfbewuste, jonge vrouw, een ideaal in een wereld van onbeschrijfelijk arrogante mannen en ongeemancipeerde vrouwen. Het contrast is zo heftig dat mij als toeschouwer het gevoel bekroop naar een karikatuur van de emancipatie te kijken.

Anders dan we gewend zijn, is Medea geen ouder wordende en door het leven geteisterde vrouw, maar nog een jong meisje: Sara de Roo. Het onrecht dat haar door Jason wordt aangedaan, pareert zij als een no-nonsense-zakenvrouw met een reeks trefzeker uitgevoerde moorden. Dat haar laatste moord haar eigen kinderen betreft (in deze voorstelling, vanwege de jonge leeftijd van de moeder, gespeeld door twee schattige kleutertjes) is hier de natuurlijk betreurenswaardige, maar onvermijdelijke uitkomst van een meesterlijke strategie. Geen waanzin, geen afgrond van wanhoop, geen tot demon geworden wraakgodin.

Tegenover Medea staan angstige, onmondige vrouwen: haar min Marlies Hamelynck en zeven Griekse huisvrouwen die het koor vormen. Medea buit de vrouwensolidariteit tot het uiterste uit: tegenover hen heeft zij haar zwakke momenten, valt ze flauw of huilt ze, laat ze toe dat een vrouw bij het bericht van haar moordplan haar hand legt op haar eigen, zwangere buik. Zodra een man het toneel betreedt, ontwikkelt zij een superieure tactiek van overreden, vleien of belachelijk maken, al naar de situatie vereist.

De mannen in deze 'Medea' zijn aanmatigend of naef, ongevoelig of sukkelachtig en onveranderlijk dom en nog eens dom. Jason, Peter Blok: spuuglok, bloot bovenlijf, zwarte broek die hij vergeet dicht te knopen en met een patserige riem op zijn plaats houdt. Creon, de koning van Corinthe (Kees Coolen), komt op in een gesloten, zilveren draagstoel. Hij doet de deur op een kier, steekt een arm met priemende wijsvinger naar buiten en wijst zo Medea het land uit.

Hun beider optreden is agressief, kinderachtig en tegelijk seksueel intimiderend. Zij opereren vooral op de rechterhelft van het oplopende toneel, dat door een goot wordt gescheiden van de linkerhelft waar Medea meestal te vinden is. De goot komt uit de zwarte tent waarin Medea woont; er doorheen stroomt water, waarin de jongetjes hun papieren bootjes laten drijven. We beseffen natuurlijk dan al dat straks door die goot bloed zal stromen.

De goot mondt uit boven een benauwde, driehoekige ruimte, door een hek omgeven. Vanuit nog benauwdere nissen daarachter betreedt het koor die ruimte. Zij zijn gevangenen van hun vrouwenlot.

Onderonsje

Zij poetsen en dweilen, de koorzangen van het stuk zijn vrouwen-onderonsjes in de kring. Als Medea haar tirade over het huwelijk heeft gehouden, doen zij hun werkschorten af, stropen de zwarte onderjurken hoog op en gaan lekker even joelen en gieren. Als Aegeus (Joop Wittermans) Medea asyl in Athene heeft gezworen, zetten ze kransjes op en hangen kleurige lappen om hun schouders.

Voor al deze doordachte signalen over wat de regisseur wil vertellen, kan ik wel bewondering hebben, hoe uitleggerig het ook is. Dat het zwart-wit is tot in het groteske (Euripides zou z'n ogen hebben uitgewreven) vind ik best. Maar aan het slot werd het mij te gortig: een stamelend gebracht bode-verhaal van Julien Schoenaerts als vertoon van mannelijk onvermogen, door de opzettelijk afgrijselijke voordracht ook erg langdradig. En dan Jason die over de goot struikelt en zo zijn hand in het kinderbloed doopt: je kunt Jason veel verwijten, maar niet de dood van zijn kinderen. Tenslotte krijgt ook de opvoeder van de twee jongetjes (Mil Seghers) van het echtpaar Hermann een stevige veeg uit de pan. Terwijl Medea haar kinderen vermoordt en de min zich wanhopig aan een muur vastklemt, leest hij onverstoorbaar zijn boek op een stoeltje in de zon.

Toernee tot 3 mei, o.a. 16 en 17/3 Utrecht, 19 en 20 Breda, 5-7/4 Amsterdam, 8-9 Groningen, 13 Enschede.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden