Review

Kanis uit IJsselmuide riep 'Vive l'Empéreur'

Nederlandse kinderen werd voorheen duchtig ingepeperd dat 'onze soldaten' zich in 1812 als helden hadden gedragen: aan de Berezina, bijvoorbeeld, in het ijzige water. Er vochten heel wat Nederlanders mee, in de Franse tijd. 'Voor Napoleon' laat zien wat dat écht betekende voor een klein land.

Hollandse, patriottische emigranten vochten mee in de Franse revolutionaire legers. In 1812 trokken er 25000 Nederlanders met Napoleon naar Moskou, de vriesdood tegemoet. Nederlanders die een hekel hadden aan Napoleon bestreden hem juist, in de slag bij Waterloo bijvoorbeeld. Kortom, Nederlanders waren - de één uit vrije wil, de ander onder dwang - meewerkend voorwerp in de aaneenschakeling van oorlogen tussen 1790 en 1812.

Nederland en de Nederlanders werden door die gewelddadige Europese gebeurtenissen gevormd. Processen van staats- en natievorming, in deze periode zo zichtbaar, vonden hun kracht en sturing in ontwikkelingen buitengaats.

De Franse Revolutie van 1789 was de opmaat voor de Bataafse Opstand van 1795. De Bataafse onderschikking aan de Fransen betrok Nederland bij het gewelddadig verbreiden van de Franse idealen in andere landen. Later kwam de draai en vochten Hollandse soldaten onder Prins Willem tégen Napoleon, die zij in 1815 hielpen te verslaan bij Waterloo.

Het is goed dat het Legermuseum in Delft in een rijk geïllustreerd tentoonstellingsboek een realistisch beeld van de periode probeert te schetsen. Dat doen de auteurs door middel van korte biografieën van personen wier levensloop goed als voorbeeld van vele kan dienen.

De impact van de dienstplicht - een nieuw fenomeen - op Hollandse jongens wordt bijvoorbeeld duidelijk gemaakt met het verhaal van Albert Gerrits Kanis uit IJsselmuiden.

De dienstplichtigen werden gerecruteerd door middel van verplichte loting. Albert werd opgeroepen voor een loting in Kampen en had de pech dat nummer 9 in de prijzen viel. Voor hij het wist was hij soldaat in het 124ste Régiment d'Infanterie de Linge, een allegaartje van soldaten uit alle hoeken van Napo-leons rijk. Russen, Polen, Duitsers, Hollanders en Fransen werden geleid door een officierskorps dat bestond uit oportunistische ex-krijgsgevangenen. Het enige wat zij gemeen hadden was dat zij (ongeveer) hetzelfde uniform droegen, even hard 'Vive l'Empereur!' konden roepen en werden doodgeschoten als zij wegliepen of zichzelf opzettelijk verwondden.

Voor Albert was die kans behoorlijk aanwezig, daar hij de eerste maanden halsstarrig een open wond aan zijn been onderhield om niet op pad te hoeven. Later werd de infanterist toch naar het front gestuurd, en hielp hij mee de Duits-Poolse stad Stettin te verdedigen tegen de Russen.

Als hij zich met het stukgevochten regiment - na een hongersnood en na een belegering van een jaar - overgeeft, blijft hij niet lang in gevangenschap. De Hollanders moesten zich in een cirkel opstellen rond een Engelse generaal.

Uit Kanis' dagboek blijkt vervolgens hoe gemakkelijk oorlogsmoede IJsselmuidenaren voor het andere kamp te vangen waren. Kanis: ,,De soldaten werd medegedeeld dat de Koning van Oranje op de troon zat! (Koning Willem I, vanaf 1814 - red.) Iedereen riep Oranje Boven en was blij dat de ellendige oorlog voorbij was.''

Zo is er voor elk facet van de oorlogvoering een exemplarisch personage aan de vergetelheid onttrokken. Arts Hendrik Theodoor Verhoef staat voor het zware leven van álle legerdokters te velde. De opmerkzame en geïnteresseerde Verhoef trok met Napoleons Grande Armée naar Moskou, maar werd gevangen genomen door kozakken, die zijn blauwe wintermantel 'ruilden' voor een 'klein grijsje, dat mij kwam tot de ellebogen, en gekaapt van een Beijersche officier'.

Ida Saint-Elme staat voor de uitzondering op alle regels: een courtisane die de Franse groten door Europa volgde, het bed deelde met generaal Jean Victor Moreau en dankzij haar dagboeken als 'oorlogscorrespondent' de geschiedenis in zou gaan.

En de broers Lambert en Johannes Verhoef staan voor de oorlogsdilemma's die deze generatie tekenden: Johannes bleef tot aan Waterloo aan Napoleon's zijde staan, Lambert liep in februari 1814 over naar de prins van Oranje. “Het is heel goed mogelijk dat de broers elkaar aan het eind van de middag [bij Waterloo] hebben getroffen“, schrijven de auteurs droogjes over hen. Het drama van de Napoleontische oorlogen in een notendop.

De tentoonstelling is tot 2 april in het Legermuseum te Delft te zien.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden