Kamerleden

De vraag is niet hoe wij tijdig van zittende Kamerleden afkomen. De vraag is hoe wij tijdig bruikbare Kamerleden vinden. Hier volgt geen oplossing. Wel een beknopte profielschets. Het CDA en de PvdA hebben met hun profielschetsen blijk gegeven van het meest krasse amateurisme. Een Kamer ontleent haar kracht en invloed aan de gevarieerdheid van haar leden. Het gaat er ook niet om dat ieder lid alle kwaliteiten bezit, maar dat een fractie juist door haar gevarieerde samenstelling als team kan opereren. Aan een willekeurige voetbalclub wordt in dat opzicht meer aandacht besteed dan door de vernieuwers aan de fracties van de volksvertegenwoordiging.

De ontevredenheid van kiezers met 'hun' vertegenwoordigers is niet nieuw. Verschillen met vroeger zijn, dat tegenwoordig de meest pittoreske en onbeheerste leden af en toe op de televisie te zien zijn en dus bekend worden; dat bijna alle kranten hun lezers tegen politici opzetten; en dat de meeste partijen in hun reglementen en tradities het (overigens ongrondwettige) idee hebben ingebouwd dat ieder lid een bepaald deel van het land vertegenwoordigt, waardoor 'een lid van mijn partij' veranderd is in 'mijn Kamerlid'.

In eerste aanleg is de boze ontevredenheid zelden op Kamerleden gericht. Beleid wordt door ministers en staatssecretarissen gemaakt en gepubliceerd. Vermindering van de wao-uitkeringen. Een kwartje op de benzine-accijns. Niet meer dan vier procent loonsverhoging.

Op dat moment worden - door kranten, bonden en andere belangenvertegenwoordigers - Kamerleden aangesproken om het dreigende of gedane onrecht ongedaan te maken. Daartoe heeft het lid de macht niet en zijn hele fractie zelden.

Ziet een lid zijn kiezers niet staan? Heeft hij er geen tijd en belangstelling voor? Ik heb letterlijk honderdduizenden kiezers over het Binnenhof zien trekken. Niet iedereen beseft dat het recht om te demonstreren iets anders is dan de garantie dat je als demonstrant ook je zin krijgt.

Kamerleden hebben in grote trekken twee taken. Samen met de regering wetten maken en de regering in haar uitvoerende bevoegdheden scherp in de gaten houden en soms door dwang of overreding tot andere gedachten brengen. Dat laatste gebeurt hoogst zelden en tegenwoordig alleen als een van de regeringspartijen toch al besloten heeft de samenwerking te verbreken. Individuele leden spelen in dergelijke situaties nauwelijks een rol. Individuele kiezers nog minder.

De zorg voor de kiezer komt vooral naar voren bij de wetgeving. Alles wat kiezers via de staat ontvangen berust op wetgeving. En nog heel veel meer. Wetgeven is niet alleen belangrijk, maar ook uiterst moeilijk. Het is het soort vak waarvan je na een jaar of twaalf begint te denken dat je het in je vingers begint te krijgen. Ik ben nog nooit een lid tegen gekomen dat zonder de hulp van een departementsambtenaar een wijzigingsvoorstel op een wetstekst kon opstellen. Bij uitzondering dient een lid wel eens zelf een wet in. Als die wordt aangenomen is dat leuk, maar zelden van groot politiek belang.

Is voor het werk van Kamerleden veel kennis van zaken nodig? Nou en of! Ik vond dat Jan Franssen, die eenendertig was toen hij Kamerlid werd, met tien jaar werkervaring elders, jongstleden zaterdag erg aardig voor de radio vertelde over de mini-stages die hij telkens in het zomer-reces in allerlei bedrijfstakken loopt om extra ervaring op te doen. Franssen kraakte ook het idiote idee af van Felix Rottenberg, die vindt dat Kamerleden gedwongen moeten worden nevenfuncties te vervullen. Ik heb niet gehoord dat de PvdA de huidige schandalige salarisaftrekregeling voor leden met nevenfuncties wil afschaffen.

Er zijn ook leden die twintig jaar praktijkervaring in andere vakken opdoen voor zij in de Kamer verschijnen.

Kamerleden moeten wel tactvol zijn. Zeg dus maar liever niet dat vrijwel geen kiezer iets over zijn eigen probleem aan het lid kan vertellen, wat het lid niet al een half jaar of langer wist.

Ik heb altijd gezorgd dat ik brieven van kiezers binnen een week beantwoordde. Van mijn dierbare ex-collega Frits Portheine heb ik geleerd, dat kiezers voor alles aandacht willen. Als je probeert alle individuele problemen op te lossen die kiezers je sturen, stoot je daarmee (in mijn geval) de belastingconsulenten, de advocaten en de ombudsman het brood uit de mond. Daar zijn Kamerleden niet voor.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden