Kamer doet Turkse clubs in de ban

contact | Overleg tussen de overheid en Turks-Nederlandse organisaties belemmert de integratie, vindt de Tweede Kamer.

Als het aan de Tweede Kamer ligt, schoont minister Lodewijk Asscher (PvdA, integratie) zijn telefoonlijst flink op. De nummers van bestuursleden van Milli Görüs mogen weg, net als die van de Turkse Federatie Nederland, de Adviesraad Turkse Diaspora, enzovoorts. Deze Turks-Nederlandse organisaties houden de integratie van hun leden in Nederland tegen, vindt de Kamer.

Regeringspartij VVD, SP en D66 kregen deze week steun van de christelijke partijen voor hun oproep aan het kabinet de contacten met deze clubs te verbreken. Die organisaties vertegenwoordigen 'slechts een klein deel' van de Turkse Nederlanders, zorgen bij hen voor polarisatie en belemmeren zo de integratie, stellen de partijen. Door zaken met hen te blijven doen, houdt de overheid die risico's in stand.

Het einde van een grillige relatie komt hiermee in zicht. Na nieuwkomers lange tijd hun gang te hebben laten gaan, haalde de overheid eind jaren negentig de banden aan: in 1997 werd bij wet vastgelegd dat overheid en minderhedenorganisaties regelmatig met elkaar om tafel zouden gaan. Doel was de verzuiling in migrantenkringen te bestrijden en integratie te bevorderen.

Zes jaar geleden brak kabinet-Rutte-I met die koers. 'Niet afkomst, maar toekomst telt', schreef de regering in een beleidsnota. Ze wilde minderheden niet langer als aparte groepen benaderen; dat zou een samenleving met langs elkaar heen levende groepen bevorderen. Met maatschappelijke tegenstellingen die 'verduurzamen en verharden' tot gevolg, voorspelde het kabinet.

Zo ging er een streep door het minderhedenberaad en de subsidies voor de betrokken organisaties. Als alternatief koos Asscher onder Rutte-II voor ad hoc overleg.Bij gebeurtenissen die onder minderheden tot spanningen leiden, roept hij hun vertegenwoordigers bijeen.

Ook die koers wil de Kamer nu bijstellen door Turks-Nederlandse organisaties helemaal geen 'officieel podium' meer te geven. Haar sluimerende ongemak over de clubs werd deze zomer gevoed door de oplopende spanningen tussen Erdogan- en Gülen-aanhangers in Nederland na de mislukte staatsgreep in Turkije.

Daarbij maakt de Kamer zich in toenemende mate zorgen over de invloed van de Turkse regering op deze clubs - sommige krijgen financiering uit Turkije - en over de invloed van deze clubs op hun achterban. De Turkse vlaggen op de Rotterdamse Erasmusbrug na de couppoging in Turkije vond de Kamer niet getuigen van geslaagd integratiebeleid.

Al die zaken vormden voor de Kamer genoeg reden om vorige maand een dag lang met afgevaardigden van veertien Turks-Nederlandse organisaties te spreken. Die marathonsessie heeft de Kamer gesterkt in haar idee dat minister Asscher niet langer met deze clubs om tafel zou moeten gaan om te praten over integratie.

"Als je die organisaties steeds een officieel podium biedt, dan houd je mensen vast in de Turkse identiteit, de Turkse cultuur, de Turkse politiek of de Turkse etniciteit", aldus VVD-Kamerlid Malik Azmani. "Volgens mij moeten wij mensen vooral willen aanspreken als Nederlanders."

Of Asscher de clubs daadwerkelijk buiten de deur gaat houden, moet nog blijken. De PvdA'er is ook kritisch op hen, maar voelt niets voor een 'spreekverbod'. Hij wil juist goed zicht houden op wat er leeft onder àlle Turkse Nederlanders.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden