Kalenders: van eenvoud tot 2,5 kilo specialistisch drukwerk

Het nieuwe jaar is twee dagen oud, zo vertelt de verse kalender 1997. Als relatiegeschenk bij uitstek van veel bedrijven en instellingen, werd de dag- en weekwijzer rondgestuurd in vele formaten, druktechnieken en kleuren. Een kleine selectie met een hoogst opmerkelijke, een aantal doorsnee en een niet-gewenste datumwijzer. Cartografia: Verenigde drukkerijen Aeroprint/J.K. Smit & zonen in Ouderkerk a/d Amstel: 020 - 4691365 Alma-Tadema: Waanders, uitgevers, drukkers, boekverkopers in Zwolle: 038 - 421 5392. 100 jaar EMI: EMI in Hilversum: 035 - 6885900. 'Dutch contemporary Art in Dutch museums: Bureau voor Kunstprojecten in Weesp 0294-419666.

De Graficus Kalenderwedstrijd is een jaarlijkse competitie voor kalenders die door de grafische industrie zijn ontworpen voor bedrijven: alleen kalenders in de 'relatiesfeer', die dus niet in de winkel liggen, kunnen meedingen. Het dertigjarig bestaan van drukkerij Aeroprint/J.K. Smit & zonen en de ingebruikneming van een digitale offsetpers waren voor Koerts een mooie aanleiding om zelf eens een kalender uit te brengen. Het resultaat: de 'Cartografia kalender 1572-1997', een reusachtige (A2-formaat) , zware (2,5 kilo), prachtige kalender met oude stadsplattegronden, waar kunstenaar Marinus Boezem voor werd ingeschakeld.

Koerts wilde alles uitbannen wat hem niet beviel aan de kalenders die hij jarenlang als jurylid onder ogen kreeg. Jaarlijks dingen er in februari zo'n 100 tot 125 stuks mee naar de eerste prijs. Ook is er een speciale prijs voor de beste grafische kalender: het product dat wat techniek betreft de meeste grafische hoogstandjes laat zien. Koerts: “Vooral de typografie en het kalendarium van de meeste kalenders laten te wensen over. Soms zie je mooie platen waar de cijfers dwars doorheen lopen. Dat maakt het kalendarium slecht leesbaar. Vaak zijn de gekozen cijfers ook erg lelijk; de mooie plaat wordt erdoor verkracht.”

Eindeloos proberen

“Duidelijk merkbaar de afgelopen jaren is ook de invloed van de layout vanaf het computerscherm. De typografie zoals die vroeger gedaan werd vanaf het lood, eindeloos uitproberen tot het goed was, dat is er nauwelijks meer bij. Dat hebben wij voor de 'Cartografia' wel tot in den treure gedaan.”

Het mooie van de 'Cartografia' is dat er gespeeld wordt met het idee van tijd en ruimte, iets waar een kalender toch bij uitstek geschikt voor is. Als enige opdracht gaf Koerts aan ontwerper Hans Kentie mee dat het geheel iets met 'luchten' - die terugkeren in het beeldmerk van zijn drukkerij Aeroprint - te maken moest hebben.

Met dat gegeven stapte Kentie naar Marinus Boezem, in wiens oeuvre weerkaarten en stadsplattegronden een grote rol spelen. Boezem zocht oude stadsplattegronden van Europese steden als Cambridge, Leiden, Bologna, Basel en Aken bij elkaar. Vervolgens verzamelde hij documentatie over de weersgesteldheid van vandaag boven de diverse steden, en projecteerde deze actuele weerkaarten over de eeuwenoude plattegronden; hij vulde er zelfs de bijbehorende wolkenpartijen bij in. Zo heeft de kaart van Leiden in 1572 het (mogelijke) weer van februari 1997 boven zich hangen.

Boezem liet zich inspireren door de eerste stedenatlas van Europa: de 'Civitatus Orbis terrarum' uit 1572. Hij interpreteerde de stedenkaarten als 'citaten van het verleden' en bewerkte ze opnieuw op basis van de persoonlijke indrukken die hij bij de verschillende steden heeft. En zoals de Italiaanse schrijver Italo Calvino in zijn 'Onzichtbare steden' Marco Polo aan Kublai Khan de steden laat beschrijven die hij op zijn reizen zag - niet aan de hand van feitelijkheden, maar aan de hand van telkens één aspekt dat de stad uniek maakt - zo tilt Boezem de steden los uit hun letterlijke historie en geeft ze opnieuw betekenis. Straatnamen zijn weggekrast, kleuren zijn opgehoogd en de stadscontouren geaccentueerd.

Koerts: “We vonden die platen uiteindelijk zo mooi, dat we ervoor gekozen hebben het kalendarium op een los, gestanst bovenblad weer te geven. De plattegrond schijnt hier lichtjes doorheen, waardoor de cijfers heel duidelijk blijven. En er blijft na afloop van de maand een plaat over die nergens door verstoord wordt, niet door cijfers en zelfs niet door het logo van Aeroprint.”

Het meerlagige drukwerk is het geheel bedekt met doorzichtig calqueerpapier, waarop de naam van de maand en de stad staan aangegeven in een lettertype uit 1572, en waarop tekstschrijver Godert van Colmjon historische feiten en kernmerken van de betreffende stad heeft beschreven. Zo werkt de gebruiker zich laag voor laag naar de plattegrond toe.

Het is misschien niet helemaal eerlijk, want naast de imposante 'Cartografia', waar Aeroprint voor een oplage van 700 stuks zo'n anderhalve ton in investeerde, verbleekt iedere andere kalender. Zo is er een aardige Alma-Tadema kalender van het Van Gogh-museum, geproduceerd door uitgeverij Waanders, die trots vermeld 'sinds 1836' actief te zijn. De kalender met een overvloed aan groot afgedrukte, uiterst kleurrijke schilderijen van de Friese Engelsman, zal zeker aantrekkelijk zijn voor de liefhebbers van de werken van Alma-Tadema. De kalender blinkt echter niet uit in typografische schoonheid.

Hondje en engeltje

Het platen-label EMI gaf ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan een kleine klassieke-muziekkalender uit, met op de afzonderlijke maanden een historisch overzicht van de dirigenten en musici die vanaf 1897 tot heden het gezicht van EMI bepalen en bepaalden. EMI, dat het beeldmerk van HMV voerde (het hondje dat door de luidspreker de stem van zijn meester hoort), is tegenwoordig te herkennen aan een engeltje op een hemels stralend cd-schijfje. Hondje en engeltje voeren een bonte stoet artiesten aan met op de kalender als blikvangers uit de oude doos fraaie plaatjes van beroemdheden als de Italiaanse tenor Enrico Caruso, de Australische sopraan Nelly Melba, de Duitse violist Joseph Joachim (voor wie Brahms zijn vioolconcert schreef), de Poolse pianist en latere president Ignace Jan Paderewski en de Tsjechische violist Jan Kubelik.

Eigenzinnig

Een verhaal apart is de kalender met 'Dutch contemporary Art in Dutch museums'. Christine van Stralen van het Bureau voor kunstprojecten stelde de kalender samen met Nederlandse musea. Zij wilde voor haar opdrachtgever een overzicht van eigentijdse Nederlandse kunst uit de jaren tachtig en negentig samenstellen.

“Corneille en de vrolijke cobrakleurtjes kennen we wel. Wij wilden iets anders doen, iets eigenzinnigs. Iets waarmee je kunt laten zien wat er in Nederland op kunstgebied gebeurt.” En zo bevat de kalender werk van onder meer Guido Geelen uit het Kruithuis in De Bosch, René Daniels uit het Stedelijk Museum in Amsterdam en foto van een paviljoen van Joep van Lieshout in de tuin van het Kröller Müller Museum in Otterlo.

Omdat de opdrachtgever de kalender vooral naar buitenlandse relaties wilde sturen, ook in Arabische landen, werd een werk van bijvoorbeeld Inez van Lamsweerde en een op een vrouwenhals gefotografeerde halsketting niet opgenomen. Maar tot haar verbazing merkt Van Stralen dat de kalender voor veel relaties kennelijk toch nog iets te experimenteel is.

“Veel bedrijven vinden de gekozen werken te hooggegrepen voor hun relaties.” Toch meent ze dat het een misvatting is dat juist mensen in lager geschoolde beroepen een dergelijke kunstkalender niet zouden waarderen. Hoewel de opdrachtgever al zijn kalenders heeft afgenomen en verspreid, liggen er bij het Bureau voor kunstprojecten nu nog zo'n 3000 exemplaren op de plank. “Misschien zijn we ook iets te laat begonnen aan de kalender. Gaandeweg merk je dat de meeste instellingen zowat nu al hun kalender voor '98 klaar hebben liggen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden