Kabinet in z'n nadagen kan best zonder meerderheid

75-75 | Weer een Kamerzetel minder voor de coalitie. Het beperkt de slagkracht van het kabinet, maar Rutte weet hoe dat werkt.

De coalitie werd gisteren direct even getest. Tegen de zin van het kabinet trachtte de oppositie een stemming (over een voorstel voor hervorming van de bestuursrechtspraak) door te zetten. VVD en PvdA hebben sinds maandag geen meerderheid meer in de Tweede Kamer en werden gisteren gered door de SGP. De oppositie joelde, SGP-Kamerlid Roelof Bisschop maakte pesterig een kleine buiging.

Zo kan het de komende maanden vaker gaan. Hier blijkt al dat het vertrek van Jacques Monasch uit de fractie van de PvdA het kabinet nauwelijks deert. De PvdA is geslonken naar 35 zetels en de VVD staat op 40. Het uitgangspunt blijft dat het kabinet het vertrouwen heeft van de Tweede Kamer tot het tegendeel blijkt. Om Rutte II in de laatste vier maanden nog dwars te zitten, zal de oppositie dus een motie van wantrouwen moeten indienen en dan nog hoeft er niet per se bloed te vloeien. Bij het staken van de stemmen (75 om 75) is de motie niet aangenomen. Maar het is kantje boord.

Het wordt anders met wetsvoorstellen. Om die door de Tweede Kamer te krijgen zullen de ministers steeds afhankelijk zijn van minimaal één stem van de oppositie. Want ook voor wetsvoorstellen geldt dat bij het staken van de stemmen het voorstel niet doorgaat. Nu zit het kabinet in de nadagen. Er liggen nauwelijks meer plannen op goedkeuring in het parlement te wachten. En als er nog wat komt dan hopen premier Mark Rutte en consorten op een deel van de oppositie. Zij zullen van tevoren peilen of een plan op voldoende steun kan rekenen, zoals zij dat al jaren doen in de Eerste Kamer, waar VVD en PvdA slechts 21 van de 75 zetels bezetten.

Rutte beweert al jaren dat steun in beide Kamers voor een kabinet geen zekerheid hoeft te zijn. Hij heeft er ervaring mee. Niet alleen door zijn gesprekken de afgelopen jaren met de 'constructieve' oppositiepartijen D66, ChristenUnie, SGP en GroenLinks. Rutte kreeg met zijn eerste ministersploeg (met het CDA en gedoogsteun van de partij van Wilders) al te maken met een minderheid in de Tweede Kamer. Dat kabinet was natuurlijk in de oorsprong al een minderheidsregering, maar verloor ook nog de gedoog-meerderheid in maart 2012 toen Hero Brinkman de PVV-fractie verliet.

Minderheidskabinetten waren er overigens in de geschiedenis bij de bosjes. Het tweede kabinet van Barend Biesheuvel was in de jaren zeventig het laatste. Sinds begin vorige eeuw waren er tot het aantreden van Rutte II tien kabinetten zonder meerderheid in beide of in één van beide Kamers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden