Juristen waarschuwen voor het laatste woord van de verdachte

Verdachten die hun 'laatste woord' uitspreken, kunnen maar beter op hun hoede zijn. Het lijkt misschien alsof ze in zo'n afsluiting vrijuit over het proces kunnen spreken. Maar wat ze zeggen, kan nog wel degelijk meetellen.

Zo waarschuwen twee Groningse juristen in het Nederlands Juristenblad (NJB). Vanaf vandaag krijgen de verdachten in de Hofstadzaak de gelegenheid hun laatste woord uit te spreken. Een kans die een aantal van hen graag grijpt.

Maar de juristen, W.F. van Hattum en D.H. de Jong, leggen uit dat een 'laatste woord' zowel voor het bewijs als voor de hoogte van de straf nog volop kan meewegen. ,,Het laatste woord kan verraderlijk blijken“, waarschuwen ze. ,,De verdachte wordt welwillend alle ruimte gegeven nog te zeggen wat hem van het hart moet, maar dat kan vervolgens 'tegen hem' gebruikt worden.“

Volgens de wet kunnen de officier van justitie en de rechtbank ná het 'laatste woord' alsnog reageren, en kunnen zelfs getuigen of deskundigen weer worden gehoord, maar dat gebeurt zelden. Van Hattum en De Jong vragen zich af of het niet eerlijker is om tóch in te grijpen, nadat iemand zichzelf heeft belast. Dan kunnen de advocaat en de officier nog iets aanvoeren, voordat de rechter gaat oordelen. Uiteindelijk krijgt een verdachte dan opnieuw het (áller-) laatste woord.

De juristen verwijzen naar het proces over de moord op Theo van Gogh. Mohammed B. maakte in zijn laatste woord duidelijk dat hij welbewust had gemoord, dat hij had geprobeerd agenten dood te schieten en dat hij -als hij de kans kreeg- het zo weer zou doen. B. kreeg levenslang.

De juristen vinden het niet vanzelfsprekend dat de rechtbank dit proces na dat laatste woord meteen sloot. De officier van justitie had zijn eis nader kunnen onderbouwen, vinden ze.

Maar officier van justitie F. van Straelen, destijds officier in die zaak, ziet daar niets in. ,,Dan doe je afbreuk aan de essentie van het laatste woord: dat de rechter naar huis gaat met de indruk die de verdachte zelf achterlaat. In de zaak Mohammed B. ben ik er helemáál niet voor. Ik voel er niets voor om met hem in discussie te gaan. Kennelijk heeft hij willen laten zien hoe hij dacht. Daarmee was zijn straf bezegeld.“

Van Straelen erkent dat B. zichzelf in zijn laatste woord heeft belast. Maar als B. wilde dat het OM op zijn standpunten reageerde, had hij maar tijdens de inhoudelijke behandeling van zijn zaak moeten praten, vindt de officier. ,,Ik vind het laf dat hij praatte op het moment dat hij wist dat hij geen weerwoord meer kreeg. Met name de oudste rechter heeft steeds geprobeerd om B. uit de tent te lokken. Maar hij gaf geen sjoege.“

Een verdachte wil meestal zijn laatste woord graag gebruiken. Het komt vaker voor dat iemand zichzelf dan beschuldigt, zegt Van Straelen. ,,Maar in elke fatsoenlijke zaak kan een advocaat adviseren: mond houden.“ Oneerlijk is het daarom niet om een proces na een 'laatste woord' direct te sluiten, meent Van Straelen: ,,Advocaten kennen het risico van het laatste woord.“

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden