Tien geboden

Julio Poch: Ik wist dat er slechte mensen waren, maar had ze in mijn directe omgeving nooit verwacht

Julio Poch Beeld Mark Kohn

Arjan Visser interviewt iedere twee weken iemand aan de hand van de Tien Geboden. Deze week: Julio Poch (Buenos Aires, 1952). 

Hij werkte als gevechtspiloot bij de Argentijnse marine. Poch emigreerde in 1988 naar Nederland en trad in dienst bij Transavia. In 2009 werd hij gearresteerd op verdenking van betrokkenheid bij de dodenvluchten tijdens de militaire dictatuur in Argentinië. Op 27 november 2017 is hij vrijgesproken. Maandag verschijnt zijn autobiografie ‘Acht jaar onschuldig vast’.

I Gij zult de Here uw God aanbidden en hem liefhebben met geheel uw hart, geheel uw ziel en met al uw krachten

“In de God van mijn jeugd geloofde ik al lang niet meer; daar was een soort hogere macht voor in de plaats gekomen. Toen ik onschuldig in de gevangenis belandde, merkte ik dat ik me toch weer tot Hem ging richten. Waarom ik, God? Waarom moet juist míj dit overkomen? Dat was een vraag die ik mezelf elke dag opnieuw stelde: wat doe ik hier? Ik ging vaker bidden, bezocht iedere week de mis die in een kerkje op het gevangenisterrein werd gehouden en tegen de tijd dat onze landgenoot, kardinaal Jorge Bergoglio, tot paus werd gekozen was ik al bijna terug op het oude katholieke nest.

“Veel gedetineerden dachten dat Papa Francesco ons wel zou helpen. Helaas hield de nieuwe paus, die er overigens ooit zélf nog van werd beschuldigd contacten met autoriteiten van de ESMA (Escuela de Mecánica de la Armada, de technische school van de marine in Buenos Aires die tijdens de militaire dictatuur tussen 1976 en 1983 als foltercentrum werd gebruikt, AV) te hebben gehad, z’n mond over de oneerlijke processen in zijn vaderland. Nou, als zelfs Gods vertegenwoordiger op aarde niets voor je kan doen... 

“Ik stopte met bidden, ik ging niet meer naar de mis; ik moest vechten en vertrouwen op mijn eigen kracht. Op de waarom-vraag vond ik een ander antwoord: ik zat daar omdat mensen fouten hadden gemaakt. Er zat helemaal geen goddelijke bedoeling achter.”

II Gij zult de naam van de Heer uw God niet zonder eerbied gebruiken

“Een gedaagde hoeft in een Argentijnse rechtbank de eed niet af te leggen, maar ik heb, voorafgaand aan mijn verklaring op 18 februari 2013, toch op God en mijn kinderen gezworen dat ik de waarheid zou spreken. Ik wilde dat de rechters, stuk voor stuk gelovige mensen, naar me zouden luisteren, ik wilde hen er met hart en ziel van overtuigen dat ik onschuldig was. Vind je echt dat ik daarmee het gebod heb overtreden? Ik heb toch niet gezegd dat er géén God bestaat? Ik hoop van wel, natuurlijk, maar er is zoveel onrecht in de wereld dat ik er oprecht aan twijfel of dat wel mogelijk is.”

III Gij zult de dag des Heren heiligen

“Het was 22 september 2009, mijn laatste dag bij Transavia, niet lang voordat we vanuit Valencia terug zouden vliegen naar Amsterdam. Ineens stond er zo’n mannetje voor m’n neus: ‘U bent aangehouden om te worden uitgeleverd aan Argentinië’. Op het filmpje dat de politie van de arrestatie heeft gemaakt, zie je me nog glimlachen.

“Ik zou met pensioen gaan. Mijn collega’s haalden een geintje met me uit, dat kón niet anders! Een connectie met misdaden in Argentinië kon ik helemaal niet maken... Mijn zoon Andrés was op mijn verzoek de co-piloot en ook mijn vrouw was meegevlogen. Ze kwamen onder het vliegtuig door gelopen, vroegen de agenten wat er aan de hand was. Mijn zoon droeg zijn uniform, mijn vrouw zo’n veiligheidshesje. Kennelijk dachten de agenten dat zij bij de crew hoorden. ‘Er is een nieuwe captain geregeld’, zeiden ze. Ik was gearresteerd en er mocht niet met mij worden gesproken. 

“Even later zat ik in een kale cel. En nóg dacht ik: dit is een grote vergissing of een slechte grap. Het lachen was me toen al wel vergaan. Nee, ik wilde niet eens echt met pensioen; ik was van plan om bij een andere maatschappij nog een paar jaar door te vliegen. Ik ben beslist geen workaholic, maar ons werk is zo speciaal... En zwaar, ja, dat ook. Je staat heel vroeg op of gaat juist heel laat naar bed, het dag- en nachtritme wordt totaal verstoord.

“Tijdens mijn eerste maanden gevangenschap bleef ik van ellende wakker, maar daarna kwam ik – gedwongen, dat wel – tot rust. Na een tijdje kon ik niet anders dan concluderen dat ik in geen jaren zo goed geslapen had. Overdag wist ik mezelf door te lezen en naar muziek te luisteren te verplaatsen naar een of ander Spaans strand of naar de geborgenheid van mijn eigen huis in Nederland.

“Eenmaal thuis, merk ik dat die behoefte om te vliegen nagenoeg verdwenen is. Mijn vrouw en ik maken reizen, ik speel tennis en help een beetje in en om het huis. Ik geniet nu pas echt van mijn vrije tijd.”

IV Eer uw vader en uw moeder

“Mijn vader was marineofficier. Een lieve, bekwame man, maar altijd aan het werk. Ik heb hem op mijn vijftiende verjaardag voor het laatst gezien. We gingen met z’n allen een ijsje kopen. De volgende dag kreeg hij een hartaanval. Mijn moeder werd gebeld, ze ging naar zijn kantoor. Mijn vader lag meer dood dan levend op de bank. Het personeel probeerde hem met een glas whisky bij te brengen. ‘Wat zijn jullie aan het doen?’, riep ze, ‘hij moet onmiddellijk naar het ziekenhuis!’ Daar kreeg hij nog een hartaanval. En stierf. Hij was 58 jaar. Ik kan me nog goed herinneren dat ik niet kon huilen. Ik was in shock, denk ik.

“Ineens was alles anders. Tijdens de begrafenis zei mijn oom: ‘Julio, jij bent nu de man in huis.’ Ik was de oudste, ik was verantwoordelijk. Mijn broer Carlos is een jaar jonger, mijn zus Patricia was zes jaar oud toen vader stierf. Voor haar was de klap misschien wel het grootst. Mijn moeder bleef achter met drie jonge kinderen. Ze moest weer een baan zoeken. Ze was altijd al de strengste van de twee geweest en kreeg nu nog meer het gevoel dat ze ons in de gaten moest houden. We hadden een mucama, een meid, in huis en vonden het alledrie vreselijk als zij haar vrije dag had omdat we dan met onze moeder te maken kregen. ‘s Ochtends was mama altijd boos, aan het einde van de dag was ze uitgeput. Twee jaar na mijn vaders dood verhuisde ik naar een instituut waar ik een opleiding tot marineofficier zou volgen. In nagedachtenis aan mijn vader, ja, het was mijn manier om hem te eren.

“Op mijn 58ste verjaardag heb ik heel even mijn adem ingehouden. Ik zou toch niet, net als hij... maar nee, er gebeurde niets. Dat kwam vooral, denk ik, doordat ik me er altijd bewust van ben geweest dat ik er een gezondere levensstijl op na moest houden dan mijn vader had gedaan. Weet je wat ik, in de herinnering aan mijn vader, ook zo naar vind? Jarenlang was op familiebezoek gaan naar Argentinië alleen maar feestelijk; we waren er nooit te lang, het verdriet over mijn te vroeg gestorven vader kreeg op die manier nauwelijks de kans om boven te komen, maar nu... die acht jaar: alles kwam terug, by force

“Voor mijn moeder was mijn detentie ook verschrikkelijk. Het ging niet goed met haar gezondheid, maar ze zei: ‘Julio, ik zal blijven leven totdat je vrijkomt.’ Na een tijdje begon ik er ernstig over te twijfelen of die voorspelling wel zou uitkomen. Ze is nu 88. Ik heb haar al een paar keer horen zeggen dat ze niet verder wil leven. Gezien alle ellende die zij in haar leven heeft meegemaakt, zou ik het haar wel gunnen als er binnenkort een einde aan komt.”

V Gij zult niet doden

“Nee, ik heb geen doden op mijn geweten. Ik ken wel mensen die dit gebod hebben overtreden, maar ik weet niet of ik hen ook allemaal moordenaars zou noemen. Het is een ingewikkeld verhaal... Zelf zullen deze militairen zeggen dat ze veertig jaar geleden hun land hebben verdedigd tegen het geweld van extreem-linkse groeperingen, zoals de Montoneros. Guerrillaorganisaties beroofden banken en ontvoerden mensen. De revolutie werd gepredikt. De militairen probeerden de orde te herstellen. Om terroristencellen op te kunnen rollen, moesten er mensen worden opgepakt. Het probleem is dat alles uit de hand liep; sommige mensen werden om politieke redenen gearresteerd en ter dood gebracht en niet omdat ze gevaarlijke terroristen waren.

“Nabestaanden zeggen nu dat er volgens de Geneefse Conventies géén oorlog gaande was in Argentinië en dat iedereen die destijds werd opgepakt onschuldig is geweest. Ik twijfel of dit verhaal wel helemaal klopt. Voor mijn kidnapping – ik heb er geen ander woord voor – had ik me nooit zo in de geschiedenis verdiept, maar in acht jaar gevangenschap heb ik heel wat bijgeleerd. 

“Bijvoorbeeld dat oud-president Jorge Videla, het gezicht van de dictatuur, door de militaire junta juist als een zachte kracht werd beschouwd. Ironisch genoeg kwam deze ‘architect van de Vuile Oorlog’ in mijn gevangenis terecht; een onschuldige en een meerdere keren tot levenslang veroordeelde massamoordenaar, een paar cellen van elkaar verwijderd. Videla was een oud, breekbaar, zeer religieus mannetje. Heel bescheiden, heel vriendelijk. Trots. Hij was op zichzelf, wilde alles zelf doen. Op 12 mei 2013 zag ik hem naakt op de grond van de douchecabine liggen. Ik klopte op de deur, vroeg bezorgd of hij wel in orde was. ‘Niets aan de hand’, zei Videla. Vijf dagen later was hij dood.”

VI Gij zult geen onkuisheid doen

“Grethe en ik zijn al 45 jaar samen, waarvan 43 jaar getrouwd. Wij houden van en respecteren elkaar. De afgelopen acht jaar zijn voor haar ook heel moeilijk geweest. Ik zat achter slot en grendel, maar er waren ongelooflijk veel mensen die me wilden helpen terwijl zij er hier, in Nederland, alleen voor stond. Als ze in Argentinië was, mocht ze eens per twee weken op ‘familiebezoek’. Gewoon even in elkaars armen liggen was al zoveel waard... Ik heb vaak enorm naar haar verlangd, het enige wat ik kon doen was wachten. Je hoort wel eens verhalen over gevangenen die hele stapels liefdesbrieven van wildvreemde vrouwen ontvangen. Nou, ik niet. Dan had ik misschien toch een serial killer moeten zijn.”

VII Gij zult niet stelen

“Vanaf het moment waarop duidelijk werd dat ik vrij zou komen, vroegen journalisten me of ik de Nederlandse staat zou aanklagen, en hoeveel smartengeld ik dan zou eisen. De aanklacht is duidelijk: de Nederlandse overheid heeft meegeholpen aan mijn uitlevering aan Argentinië terwijl het één groot Nederlands verhaal is. Ik ben een Nederlands staatsburger, ik werkte al vijftien jaar in Nederland, het beruchte gesprek vond plaats op Bali waar wij, medewerkers van het Nederlandse bedrijf Transavia gedetacheerd waren – over valse getuigenis gesproken! O, dat gebod krijgen we nog? 

“Nou goed, het lijkt me duidelijk dat de Nederlandse staat hier iets te verwijten valt. En dan de schadeclaim. Ik zal het je eerlijk zeggen: ik heb nooit over de hoogte van het bedrag nagedacht. Uiteindelijk kwamen mijn advocaten, Geert-Jan en Carrie Knoops, met een getal: 5 miljoen euro. Hoe bepaal je zo’n bedrag? De advocaatkosten moeten worden betaald, ik heb acht jaar niet kunnen werken, maar de rest..? Hoeveel kost het verdriet dat mij en mijn familie is aangedaan? Ze hebben acht jaar van mijn leven gestolen. Die tijd krijg ik nooit meer terug.”

VIII Gij zult tegen uw naaste niet vals getuigen

“Het is zo vaak tegen me gezegd: ‘Julio, je bent te open. Je bent te goed van vertrouwen’. Misschien ben ik inmiddels iets voorzichtiger geworden. Ik wist wel dat er slechte mensen waren, maar ik had nooit gedacht dat ik ze in mijn directe omgeving tegen zou komen... Het begon allemaal met een misverstand. Oud-collega’s meenden me op 2 december 2003, tijdens het etentje op Bali, te hebben horen zeggen dat ik tijdens het militaire bewind in Argentinië dodenvluchten had uitgevoerd.

‘Van die herinnering kun je nog zeggen dat ‘ie niet klopt, dat ons geheugen nu eenmaal geen bandrecorder is en dat ze zich hadden vergist, maar daarna begon het draaien, het liegen en – uiteindelijk, in een poging om onder die leugens uit te komen – het plegen van meineed. Wat ik nooit heb begrepen is waarom die collega’s niet aan mij hebben gevraagd wat ik precies had willen zeggen die avond. Of waarom een andere collega erop had aangedrongen om een aanklacht tegen me in te dienen. Terwijl hij er zelf die avond helemaal niet bij was. Het zijn valse getuigenissen, in de letterlijke zin des woords. En zoiets heeft nu eenmaal juridische gevolgen; ze zullen zich alledrie in de Argentijnse rechtbank moeten verantwoorden.

“Of ik zelf ook wel eens lieg? Ik ben er niet goed in. Als ik een leugentje gebruik dan is het om bestwil, nooit om een ander schade toe te brengen.”

IX Gij zult geen onkuisheid begeren

“Goed, dan moet ik nu ook eerlijk zijn, maar ik hoop dat je dit met respect zult opschrijven want Grethe heeft al genoeg ellende meegemaakt... Laat ik het zo zeggen: de huwelijkse trouw is in de luchtvaartwereld altijd een probleem. Je gaat met tien mooie, jonge stewardessen op reis en dan kom je terug bij een vrouw zonder make-up met drie jengelende kinderen aan haar rokken. Ook Grethe en ik hebben onze moeilijkheden gehad. Er is zelfs een moment geweest waarop we de kinderen moesten vertellen dat papa en mama misschien wel uit elkaar zouden gaan. Het is gelukkig niet gebeurd, ik heb haar vertrouwen terug kunnen winnen. Grethe is geweldig. Als zij bij me was weggegaan, zou ik alles zijn kwijtgeraakt.”

X Gij zult niet begeren wat uw naaste toebehoort

“Wat valt er nog te begeren nu ik mijn vrijheid terug heb? Misschien gaan Grethe en ik iets dichter in de buurt van onze kinderen wonen. Zes van mijn zeven kleinkinderen zijn geboren toen ik gevangen zat; ik heb nu de tijd om hen te leren kennen. Ik ben gezond. Ik ben tevreden. En ik kan mijn naam weer uitspreken, zonder me te hoeven schamen.”

Arjan Visser interviewt iedere twee weken iemand aan de hand van de Tien Geboden. Eerdere interviews leest u op trouw.nl/tiengeboden.

Lees ook:

Vrij man Julio Poch leerde in Argentijnse cel vooral geduld

Na acht jaar voorarrest in Argentinië, keert oud-piloot Julio Poch terug in Nederland en spreekt over zijn jaren in de Argentijnse cel. ‘Je leeft van dag tot dag.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden